-

 


Componisten van blokfluitwerken,

in alfabetische volgorde

Hieronder kun je de werken of partijen voor blokfluit vinden van de componisten. Klik op hun naam:

 

Johann Sebastian Bach

Francesco Barsanti

Jurg Baur

Luciano Berio

Rob du Bois

Brian Bonsor

Helmut Bornefeld

Gerhard Braun

Benjamin Britten

Frans Brüggen

Fulvio Caldini

Arnold Cooke

Agnes Dorwarth

Lance Eccles

Jr. Jacob van Eyck

Johann Friedrich Fasch

Viktor Fortin

Frans Geysen

Johann Christoph Graupner

 

 

Georg Frederic Handel

Ryohei Hirose

Peter Hope

Jacques Martin Hotteterre

Gordon Jacob

Reinhard Keiser

Konrad Lechner

Hans Ulrich Lehmann

Jean-Baptiste Lully

Frank Martin

Matthias Maute

Chiel Meijering

Winfied Michel

Willem Wander van Nieuwkerk

James Paisible

Johann Christoph Pepusch

Henry Purcell

Johann Joachim Quantz

Allan Rosenheck

 

 

Gaston Saux

Johann Christian Schickhardt

A.H. Schulzen

Glen Shannon

Sören Sieg

Hans Ulrich Staeps

Karel van Steenhoven

Igor Stravinsky

Georg Philipp Telemann

Robert Valentine

Heida Vissing

Antonio Vivaldi

Unico Willem van Wassenaar

Marcus Zahnhausen

 

 

 

 

 

 

 

 

Johann Sebastian Bach (1685 - 1750) past de (alt)blokfluit onder meer toe in zijn 2e (BWV 1047: 1 blokfluit) en 4e ( BWV 1049: 2 blokfluiten)  Brandenburgse  concert  (maart 1721). 

De twee "Fiauti d'echo" die  Bach in het het  vierde van de Six Concerts Avec plusieurs Instruments voorschrijft, zorgen bij muziekhistorici nog steeds voor problemen en opwinding. Thurston Dart ging er in 1960 van uit dat het Franse flageoletten moeten zijn geweest. Nieuw onderzoek toont volgens de meeste musicologen aan dat Bach hier gewoon altblokfluiten in f' heeft bedoeld. Bach schrijft voor deze fluiten altijd in de franse vioolsleutel en in het 4de Brandenburgse Concert doet hij dat ook.

Etienne Loulié, blokfluitist en bloklfuitleraar in Frankrijk: "Les sons de deux flutes décho sont differents, parce que lún est fort, & que láutre est foible" (Elements ou pricipes de musique, Amsterdam, 1696) Dat gaat dus over twéé fluiten
Inmiddels is ook duidelijk dat James Paisible, de beroemde laatbarokke blokfluitist in Engeland ongeveer in 1710 in Londen op een Echofluit speelde, maar over de aard van dat instrument kunnen we alleen speculeren: twee samengebonden blokfluiten met verschillende klankkleur? In het Museum voor  Muziekinstrumenten van de Universiteit van Leipzig is zo'n samengebonden six flute te vinden van 30 cm, de Leipziger dubbelfluit. (George H. Goebel: New Evidence on the Echo Flute, The Galpin Society Journal 48, 1995). Er zijn dubbelfluiten uit één stuk terggevonden: twee ivoren dubbelfluiten van instrumentenbouwer Joannes Maria Anciuto, en instrumenten van de bouwers Dumont, Parent, Schlegel en leden van de familie Walch. Allemaal belokfluiten met één fluitlichaam, twee rijen greepgaten en twee labia, een soort "Siamese" fluiten dus. Zie ook akkoordblokfluiten in het hoofdstuk  blokfluiten en blokfluitbouwers. Probleem is dat dubbelfuiten géén echofluiten zijn, maar akkordfluiten  

Bach bewerkte het 4de Brandenburgse concert 17 jaar later om tot het clavecimbelconcert in F grote terts BWV 1057, en schrijft daarbij opnieuw blokfluiten voor.

Stemligging en uitvoeringsmogelijkheden laten eigenlijk alleen altblokfluiten in f' toe, maar waar dat "Fiauti d'echo" op slaat, daar zijn de geleerden nog niet over uitgediscussieerd. (Joseph Wagner, Tibia 4/2009). 

De musici van Concerto Köln (fluitiste Cordula Breuer) geloven wel in zo'n Paisible-echofluit en hebben er een laten nabouwen door  fluitenbouwer Andreas Schöni voorhun opname van het 4de Brandenburgse concert: Berlin Classics 8 85470 005935; uitgave 2014; (zie Tibia 2015/2 blz. 444-447 en de reactie van Nik Tarasov Windkanal 2015/2 blz. 11 tot 13 en de commentaren daar weer op Windkanal 2015/3 blz. 34)

 

Johann Sebastian Bach past blokfluit vaak indrukwekkend toe in zijn cantates:

Hieronder alle cantates van Bach met blokfluiten  in chronologische volgorde

1707: "Gottes Zeit ist die allerbeste Zeit" (Actus tragicus) BWV 106, 2 blokfluiten.In de sonatine waar de cantate mee opent kiest Bach voor een combinatie van twwe viola da gamba en twee blokfluiten; melodieën van seufzers en een mysterieus weefsel van dissonanten, dat door merg en been gaat, zorgt voor ee ongekende melancholie.

4 februari 1708: "Gott ist mein König" BWV 71, voor de Raadswissel van Mühlhausen,  2 blokfluiten.

23 februari 1713: "Was mir behagt, ist nur die muntre Jagd," BWV 208 voor de verjaardag van vorst Christian von Weißenfels, 2 blokfluiten. Bij de aria Schafen können sicher weiden"  moeten, vanwege het pastorale karakter natuurlijk wel blokfuiten worden ingezet!

1713: "Gleich wie der Regen und Schnee von Himmel fällt" BWV 18, voor zondag Sexagesima, Weimar, bij heruitvoering in 1724 in Leipzig werden 2 blokfluiten toegevoegd.

25 maart 1714: "Himmelskönig, sie Willkommen" BWV 182, voor Palmzondag,  1 blokfluit.

30 december 1714: "Tritt auf die Glaubensbahn" BWV 152, voor zondag na Kerst, 1 blokfluit.

27 september 1716: "Komm du süße Todesstunde" BWV 161, voor de 16e zondag na Trinitatis, 2 blokfluiten.

1 augustus 1723: "Schauet doch und sehet, ob irgens ein Schmerz sei" BWV 46,  voor de 10e zondag na Trinitatis, 4 blokfluiten.

15 augustus 1723: "Lobe den Herrn, meine Seele" BWV 69a,  voor de 12e zondag na Trinitatis, 1 blokfluit.

29 augustus 1723: "Es ist nichts Gesundes am meinem Leibe " BWV 25,  voor de 14e zondag na Trinitatis, 3 blokfluiten.

30 augustus 1723 :"Preise Jerusalem den Herrn," BWV 119,  na de Raadsverkiezing Leipzig, 2 blokfluiten. (recensie: "vortreffliche Ratswahl Music")

25 en 26 december 1723: Magnificat BWV 243a, Bachs eerste grootschalige en complexe stuk kerkmuziek, uitgevoerd met 2 blokfluiten.  Tussen 1732 en  1735 reviseerde Bach het Magnificat grondig In de nieuwe versie, BWV 243, verving hij de blokfluiten door de modernere flauti traversi. (Christoph Wolff:  Johann Sebastian Bach, Bijleveld, 2000).

6 januari 1724: "Sie werden aus Saba alle kommen" BWV 65,  voor Epifanes, 2 blokfluiten.

30 januari 1724: "Jesus schläft, was soll ich hoffen" BWV 81,  voor de 4e zondag na Epifanes, 2 blokfluiten.

8 oktober 1724: " Herr Christ, der einge Gottessohn" BWV 96,  voor de 18e zondag na Trinitatis, flauto piccolo (sopranino)

22 oktober1724: "Schmücke dich, o liebe Seele" BWV 180,  voor de 20ste zondag na Trinitatis, 2 blokfluiten.

Er bestaan opvattingen dat de Johannes Passion in de eerste versie (7 april 1724) ook met blokfluiten zou zijn uitgevoerd. Ik kan daar niet genoeg gronden voor vinden. Voorlopig houd ik het erop dat er in de Johannes Passion  vanaf het begin met flauti traversi is gewerkt. Heeft iemand redenen om toch blokfluiten aan te dragen, dan hoor ik het graag. 

31 december 1724: "Da neugeborne Kindelein" BWV 122,  voor Zondag ná Kerst, 3 blokfluiten.

11 februari 1725: "Herr Jesu Christ, wahr' mensch und Gott" BWV 127,  voor zondag Estomihi, 2 blokfluiten.

1 april 1725: Osteroratorium BWV 249,  voor 1e Paasdag, 2 bloklfuiten.

22 april 1725: "Ihr werdet weinen und heulen" BWV 103,  voor Zondag Jubilate, flauto piccolo (sixth flute)

22 mei 1725: "Er rufet seine Schafen mit Namen " BWV 175,  voor 3e Pinksterdag, 3 blokfluiten. 

20 januari 1726: "Meine Seufzer, meine Tränen" BWV 13, voor de 2e zondag ná Epifanie, 2 blokfluiten

23 juni 1726: "Brich den Hungrigen dein Brot"  BWV 39, voor de 1e zondag na Trinitatis, 2 blokfluiten.

30 maart 1736: Matthäuspassion in een heropvoering; bij het tenorrecitatief O Schmerz! hier zittert das gequälte Herz is een tweestemmige blokfluitbegeleiding voorgeschreven met bij elke partij "due Flauti". Hier zouden dus 4 blokfluiten moeten worden ingezet.

In 1738 schrijft Bach twee altblokfluiten voor in zijn clavecimbelconcert in F grote terts, een transcriptie van het 4de Brandenburgse concert

Bach heeft dus zijn hele werkzame leven blokfluiten op allerlei manieren voor allerlei verschillende gelegenheden ingezet.  In de loop van Bachs leven moeten tenminste 12 blokfluit spelende musici voorbij gekomen zijn. De instrumenten waar zij op speelden waren waarschijnlijk blokfluiten van  Johann Heytz en Johann Heinrich Eichentopf

(Bovenstaande informatie is deels ontleend aan: Christoph Wolff:  Johann Senastian Bach, Bijleveld, 2000; Bachs orchestermusik: Entstehung, Klangwelt, Interpretation: Ein Handbuch, Bärenreiter, kassel, 2002,  en aan een artikel van Nik Tarasov: Windkanal 2005/2; 2005/3

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Johann Sebastian Bach: klik hier


Persoonlijk zou ik de zes blokfluitsonaten die Francesco Barsanti in 1724 in Londen uitgaf, ook graag bij de allerbeste baroksonaten voor blokfluit rekenen. Net als Francesco Geminiani was Barsanti afkomstig uit Lucca (Italië). Hij is duidelijk door Geminiani en Corelli beinvloed, maar ontwikkelde toch een geheel eigen sonateopvatting. Een uitgebreide analyse: Enrico Careri, Studi musicali 27,2, 1998)

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Francesco Barsanti klik hier

 

Jürg Baur  (Düsseldorf, Duitsland, 11 november 1918 - 31 januari 2010)

componeerde 6 werken voor blokfluiten

- Incontri  voor altblokfluit en piano, 1960, arrangement van een werk voor dwarsfluit en piano

- mutazioni, voor altblokfluit solo, 1961, arrangement van een werk voor dwarsfluit solo

- Vogelstücke  voor verschillende blokfluittypes solo, 1964, arrangement van Pezzi uccelli voor klarinet solo;

- tre studi per quattro voor blokfluitkwartet, 1971

- concerto da camera, 1975, Auf der Suche nach der verlorenen Zeit voor blokfluit en orkest, zijn beste werk

- ricordi (herinneringen)  voor blokfluittrio, 1983

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Jürg Baur klik hier

 

Luciano Berio (Liguria, Italië, 1925, - Rome, 2003), heeft op verzoek van Frans Brüggen in 1966 Gesti voor solo-altblokfluit geschreven. (Universal Edition 15627). De oorspronkelijke potloodpartituur en brieven over de materie van Brüggen gericht aan Berio, vinden zich in het archief van het Paul Sacher Instituut In Bazel.

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Luciano Berio klik hier

 

Rob du Bois (*Amsterdam, 28 mei 1934) ging na zijn opleiding aan  het Vossius Gymnasium in Amsterdam ging rechten studeren aan de Gemeentelijke Universiteit in dezelfde stad. Hij begon met muzieklessen bij Chris Rabé op de Volksmuziekschool. Daarna had hij pianoles van Hans Sachs en T. Hart Nibbrig-de Graeff. Hij leerde zichzelf componeren.

Rob du Bois werkte als jurist gespecialiseerd in auteursrecht. Als zodanig was hij hoofd van de juridische afdeling van BUMA (Bureau voor MuziekAuteursrecht). 

Rob du Bois componeerde 9 werken voor blokfluit:

- muziek, voor altblokfluit solo, 1961, vrij,  atonaal werk, opgedragen aan Frans Brüggen

- Spiel un Zwischenspiel voor altblokfluit en piano, 1962

- Pastorale VII, voor altblokfluit solo, 1966

- Heliotroop, voor solo-insrument en willekeurig aantal begeleiders, 1967

- Pastorale II, voor altblokfluit, fluit en gitaar, 1963

- Songs of Innocence, voor contrabasblokfluit, 1974

- Spellbound, voor contrabasblokfluit, 1976

- Adagio cantabile, voor tenorblokfluit en piano, 1979

- Family ghosts,  voor blokfluittrio, 1991

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Rob du Bois klik hier

 

James Brian Bonsor  MBE (Hawick, Schotland, 21 augustus 1926 – 22 februari 2011) studeerde voor muziekleraar aan het Moray House in Edinburgh en muziektheorie en compositie aan het Trinity College in London. Brian Bonsor  het  leerde zichzelf blokfluit spelen in de 50-er jaren van de 20ste eeuw, en studeerde kort bij Carl Dolmetsch. Hij besteedde 35 jaar van zijn leven in het muziekonderwijs, vanaf 1966 17 jaar aan de Hawick High School in Schotland. In 1961 richtte hij de Roxburgh Recorder Players op en in 1967 werd Brain Bonsor  directeur van de National Society of Recorder Players in Vanaf  1970 was Brian Bonsor muziekadviseur in Schotland. In 1983 ging hij met pensioen om zich te concentreren op componeren en arrangeren.

Brian Bonsor componeerde  80 werken, waarbij blokfluiten betrokken zijn

- Festivo
- Hoe-Down
- Tango
- Three into Five
- The Really Easy Recorder Book
- Tenor Recorder Solos
- Hebridean Suite
- Four Favourite Folksongs
- A Viennese Whirl!
- Jemima & Havin’ a Ball! 
- Jazzy Recorder 2
- The 17th’s Farewell to Alva

- Enjoy the Recorder, blokfluitleerboek waarmee duizenden Engelse kinderen blokfluit hebben leren spelen en dat nog veel in Engelse scholen wordt gebruikt.

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Brian Bonsor klik hier

 

Helmut Bornefeld (Untertürkheim, Duitsland, 14 december 1906 – Heidenheim an der Brenz, 11 februari 1990) studeerde van 1924 tot 1928 muziek aan het Adler Conservatorium in Stuttgart. In 1928 zette hij zijn studie (compositie en piano) voort aan de Muziekhogeschool in Stuttgart. Van 1935 tot 1937 studeerde hij kerkmuziek. Von 1937 tot 1971 werkte hij, met uitzondering van de jaren in de Tweede Wereldoorlog als Cantor en Organist aan de evangelische Pauluskerk in Heidenheim an der Brenz. In 1951 werd hij daar Kerkmuziekdirecteur. Van 1950 tot 1958 was Helmut Bornefeld docent compositie en cantorijpraktijk aan de kerkmuziekschool in Esslingen (tegenwoordig Tübingen). Van 1937 tot 1977 was Helmut Bornefeld daarnaast orgelrestaurateur en orgelbouwer.

Helmut Bornefeld componeerde voor blokfluit in elk geval

- Kleine Stücke voor 1 tot 3 blokfluiten, 1930

- Fünf Suiten voor blokfluit solo, 1930

- Alte Weisen voor 2 tot 3 blokfluiten, 1938

- Koraalcantate De Herr ist mein getreuer Hirt voor sopraan, gemengd koor, altblokfluit en orgel, 1949

- Drei Stücke voor altblokfluit solo, 1958

- Kerstsonate voor blokfluitkwartet òf strijkkwartet en slagwerk, 1959

- Vier leichte Stücke voor blokfluit en piano, 1963

- Trivium voor blokfluit (4 verschillende afwisselend), viola da gamba en orgel, 1969

- Florilegium voor blokfluit (5 verschillende afwisselend), en orgel, 1977

- Sonatine voor sopraanblokfluit en piano, 1978

- Arkadische Suite voor altblokfluit en klokken, 1979

- Concentus voor 3 blokfluiten, 1980

- Vigilien voor één speler met verschillende Renaissance-instrumenten (waaronder blokfluiten) en orgel, 1980

- Tibiludium voor blokfluit (sopraan en alt afwisselend) en dwarsfluit (met piccolo afwisselend), 1983

- Die Tanzlaube  voor sopraanblokfluit, dwarsfluit en toetsinstrument, 1984

- Ros und Lilie morgentaulich. Fantasie voor sopraanblokfluit, dwarsfluit en toetsinstrument, 1986

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Helmut Bornefeld klik hier

 

Gerhard Braun (*Heidenheim an der Brenz, Duitsland, 1932 – Stuttgart, 14 februari 2016) ) studeerde hoofdvak fluit aan de Musikhochschule Stuttgart, compositie bij Konrad Lechner in Darmstadt en was toen meteen al leider van meerdere kamermuziekensembles. In de 60-er en 70-er jaren van de twintigste eeuw werd Gerhard Braun bekend door zijn spectaculaire uitvoeringen van avant-gardistische fluitmuziek. Gerhard Braun doceerde 10 jaar dwars- en blokfluit aan de Academie voor Toonkunst in Darmstadt en daarna 25 jaar aan de Staatl. Hochschule für Musik in Karlsruhe. Riep in de 90er jaren het Internationale Karlsruher Blokfluitsymposium in het leven. Schreef methodes voor zowel blokfluit als dwarsfluit. Richtte in 1992 de ERTA op, waarvan hij tot 1997 voorzitter was en daarna "erevoorzitter". Werkte 25 jaar, van 1976 tot 2001, als redacteur mee aan TIBIA. Gerhard Braun was tot zijn overlijden kunstzinnig leider van door hem geïnitieerde Internationale Stuttgarter Blokfluitsymposium.

Gerhard Braun heeft voor blokfluit meer dan 50 composities geschreven in alle denkbare moeilijkheidsgraden.

- 8 kleine Stücke für Sopranblockflöte, 1968

- Vier Lieder nach japanischen Dichtungen voor Sopraanzangstem, Altblokfluit en Viola da Gamba, 1968

- Fünf Miniaturen, 1969, voor sopraanblokfluit, piano en slagwerk.

- Monologe I voor een blokfluitist, 1970

- minimal music II voor blokfluiten, 2 - 5 spelers,1971

- Nachtstücke voor blokfluit en piano, 1972

- Acht Spielstücke voor sopraanblokfluit en slagwerk, 1974

- Rezitative und Arien voor tenorblokfluit, 1975

-  „Inmitten der Nacht“ - 12 kerstimpressies voor sopraanblokfluit, 1977

- Tanzstücke und Meditationen voor sopraanblokfluit, 1979

- Schattenbilder, voor altblokfluit en slagwerk, 1980

- Monologe II voor basblokfluit, 1980

- Triptychon, 1983, voor blokfluit en slagwerk

- Monologe III voor tenorbloklfuit, 1983

- Gärten der Nacht, Vier Canzonen voor sopraanzangstem, blokfluit en piano, teksten Recha Freier, 1983,

- Triptychon voor blokfluit en slagwerk, 1983

- Atembogen, 1987, Monologen voor een blokfluitist en een kleine Tam-Tam

- Klangsplitter, 1985, voor blokfluitkwartet

- Versuch über A.B. voor i8 blokfluiten of blokfluitenkoor, 1987

- Abbreviaturen voor sopraanblokfluit en piano, 1987

- Meditationen voor tenorblokfluit, 1990

- Sulamith IV voor Subbasblokfluit, 1992

- Holzwege voor blokfluittrio (alt, tenor, basset), 1992

- SulamithV voor 3 Altblokfluiten, 1993

- Hexentanz voor 3 Blokfluitistes, 1993

- Vier Interludien voor blokfluit solo (alt, tenor en bas), 1994

- Remember... voor basblokfluit, 1994

- Vier Interludien voor blokfluit en slagwerk, 1994

- Sieben bedeutungsvolle Augenblicke im Leben des Mr. Hendel voor Altblokfluit, Viola da gamba en Cembalo, 1994

- Omnia tempus habent voor blokfluit en danseres met slaginstrument, 1994

- Nachtlied voor altblokfluit, 1995

- Es stieg aus allen Dingen... Vijf liederen naar teksten van Else Lasker-Schüler voor altzangstem, blokfluit en slagwerk, 1996.

- pKdTs-oder „die Einsamkeit des Flötenspielers“ voor tenorblokfluit, 1996

- 3 kleine Skizzen – voor sopraanblokfluit, 1996

- Begegnungen voor blokfluit en Viola da gamba, 1996

- flauto aperto  - 6 kleine Skizzen,voor sopraanblokfluit, 1997

- Albumblätter – voor altblokfluit, 1997

- Sternblumen voor 3 Blokfluiten, 1998

- Something about „H“ voor Gannasiblokfluit, of sopraanblokfluit, 1998

- Arkadische Szenen voor Blockflöte, dans en verschillende klankbronnen, 1998

- Tempi Passati - 8 letzte Stücke für Blockflöte solo, 1999

- Das Männlein im Walde  - Kinderliedvariaties voor sopraanblokfluit, 2000, 12 bewerktingen van traditionerle en bekende kinderliederen, mooi werk;

- Aru  (Hommage à Willi Baumeister) voor 4 basblokfluiten en slagwerk, 2003

- Grenzgänge, voor Heldertenorblokfluit, 2006

- Sternblumen, voor 3 blokfluiten in wisselende bezetting, 2006

- Albumblatt -20 Jahre Musiklädle,  voor altblokfluit, 2007

- Discorsi II – Kleine Scene voor 2 blokfluitistes (Alt, Basset), 2007

- Klanglandschaften mit Windmaschinen voor blokfluitorkest en slagwerk, 2008

- Prismen – voor blokfluitkwartet AATB, 2008

- Numa  voor 4xATBGb +2Sb +Sb (+Lotosflöte, Bongo(Tabla),Tempelbl., 2008

- Basso Bizarro - voor 2 blokfluitspelers (Contrabasblokfluit en sopranino), 2009

- Wegmarke - voor blokfluit solo (Alt- , tenor-,  en sopraanblokfluit), 2009.

- Stele für Katja - voor grootbasblokfluit in C en rainstick, 2010

- Drei Epigramme - zetting voor tenorblokfluit, 2010,

- Xenos - voor een blokfluitspeler(Alt- en basblokfluit) met Bongos, 2012

- Die Gläserne Flöte, 2013, "een muzikaal sprookje", virtuoos werk voor "Helder-tenorblokfluit" van plexiglas, gebouwd door de firma Mollenhauer; uiterst virtuoos werk;  

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Gerhard Braun klik hier

 

Benjamin Britten (Lowestoft, Engeland, 22 november 1913 – Aldeburgh, 4 december 1976) werd er in 1952 door Imogen Holst , de dochter van Gustav Holst, toe aangezet blokfluit spelen te leren. Hij was een goede amateur, die begreep waar de problemen bij het instrument lagen. In 1955 schreef hij een

- Scherzo voor blokfluitkwartet, voor de Aldenburg Music Club, daarna schreef hij nog een 

- Alpine Suite voor twee sopraanblokfluiten en een altblokfluit, opgedragen aan zijn vriendin Mary Potter.

In 1957 schreef hij het werk

- Noye's Fludde opus 59, voor een gemengd gezelschap van beroepsmusici en amateurs, waarbij naast strijkers, twee piano's, orgel, jachthoorns, handklokken, allerlei percussie-instrumenten, ook een solo-altblokfluit en een Ripienogroep, bestaande uit tenminste 12 sopraanblokfluiten en 12 altblokfluiten wordt voorgeschreven. Dit is best een indrukwekkend werk, dat voor het eerst in 1958 in de Orford Church bij Aldeburgh werd uitgevoerd, en daar in 1961 op een plaat  gezet (later overgenomen op CD). Tussen 1996 en 2001 is het stuk 95 keer in het Verenigd Koninkrijk opgevoerd, 42 keer in de Verenigde Staten en 33 keer in Europa (4 keer in Duitsland).

In 1959 werd Benjamin Britten president van de Society of Recorder Players,  maar dat leidde niet tot meer composities. In 1960 komt alleen nog een 36 seconden sopranino spelende elf in de

- Sommernachtstraum voor. (Nacy Hathaway; The Recorder Magazine, Winter 2002).

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Benjamin Britten klik hier

 

Frans Brüggen, 's wereld beroemdste blokfluitist ooit, schreef maar één werkje in 1957:

- "5 etuden voor vingerveiligheid". Dat werd wel tot vandaag de dag een standaardwerk voor blokfluiitstudie en twee van de etudes zijn zelfs door Michala Petri op een album opgenomen.  

Voor levensbeschrijving  en werkzaamheden van Frans Brüggen klik hier

 

Fulvio Caldini  (*Arezzo. Italë, 1959) studeerde aan het conservatorium in Florence piano bij Giorgio Sacchetti. Daarna studeerde hij kamermuziek aan het  King Alfred’s College in Winchester bij John Blakely, en in Florence bij Franco Rossi. ij studeerde ook nog vier jaar harmonieleer en contrapunt bij Franco Cioci en twee jaar klavecimbel bij Anna Maria Pernafelli. Op het moment doceert hij kamermuziek aan het Conservatorium in Milaan, geeft als musicoloog werken uit voor Uitgeverij  Breitkopf & Haertel en schrijft muziekrecensies in diverse tijdschriften.

Fulvio Caldini componeerde met dan 80 composities voor blokfluit:

werken voor veel blokfluiten

- La flauteria opus 113 voor 12 tot 16 blokfluiten, 2005

- Dubbelkwartet opus 51/B voor 8 blokfluiten, 2002

werk voor zes blokfluiten

- Tenebrae factae sunt opus 98/B voor 6 blokfluiten, 2003,

werken voor vijf blokfluiten

- Christe eleison opus 59/C, voor blokfluitkwintet, 2003

- Corali opus 79/C, voor blokfluitkwintet, 2006

- Un lungo addio opus 145/B, voor blokfluitkwintet, 2012

- Tre corali (marginalia nr. 15) voor blokfluitkwintet, 2014

werken voor vier blokfluiten

- Koning Karel opus 133/B, voor blokfluiten, vibrafoons en cello, 2010

- Clockwork toccata opus 68/L, voor 4 blokfluiten en contrabas, 2012

- Souvenir de Florence (juvenilia nr. 22) voor blokfluitkwartet, 1985

- Fade Control opus 47/C, voor blokfluitkwartet, 1990

- Loeki in echo opus 53/C, voor blokfluitkwartet, 2002

- Christe  opus 59/D, voor blokfluitkwartet, 2006

- Sonatina in quartetto opus 65/F, voor blokfluitkwartet, 2000

- Clockwork Toccata opus 68/C, voor blokfluitkwartet, 2000

- Clockwork  quartet opus 68/I, voor blokfluitkwartet, 2002

- De profundis clamavi opus 69/C, voor blokfluitkwartet, 2002

- Clockwork Game opus 72/A, voor blokfluitkwartet, 1999

- Disco fugue opus 73/B, voor blokfluitkwartet, 2012

- Beata viscera opus 74/B, voor blokfluitkwartet, 2001

- Beata viscera opus 74/C, voor blokfluitkwartet, 2002

- Corali opus 79/B, voor blokfluitkwartet, 2006

- Letters opus 96/B, voor blokfluitkwartet, 2003

- Pensieri del tramonto opus 107, voor blokfluitkwartet, 2005

- Preludio e Toccata opus 115/A, voor blokfluitkwartet, 2006

- Scherzi del tempo opus 117, voor blokfluitkwartet, 2007

- Steinbook bagatellen opus 126/A, voor blokfluitkwartet, 2008

- Koning Karel opus 133/A, voor blokfluitkwartet, 2009

- Due pezzi opus 134/D, voor blokfluitkwartet, 2010

- Melodie gregoriane opus 135/D, voor blokfluitkwartet, 2009

- Canzone a ballo opus 137, voor blokfluitkwartet, 2010

- Favus distillans opus 138, voor blokfluitkwartet, 2010

- Làtuit opus 141/A, voor blokfluitkwartet, 2011.

- Làtuit opus 141/B, voor blokfluitkwartet, 2011

werken voor drie blokfluiten

- Koning Karel opus 133/B, voor blokfluiten, vibrafoons en cello, 2010

- Tre corali (juvenilia nr. 17), voor blokfluittrio, 1983

- Ex Deo nascimur opus 21/C, voor blokfluittrio, 2002

- Conductus opus 30/F, voor blokfluittrio, 2003

- Conductus opus 30/G, voor blokfluittrio, 2003

- Due canoni opus 42/D, voor blokfluittrio, 1992

- Due canoni opus 42/E, voor blokfluittrio, 2003

- Due bagatelle opus 60/C, voor blokfluittrio, 2000

- Sonatina canonica opus 91/L, voor blokfluittrio, 2005

- Sonatina d’ inverno opus 92/B, voor blokfluittrio, 2002

- Sonatina d’ autunno opus 105/B, voor blokfluittrio, 2004

- Le stagioni in fuga opus 108/A, voor blokfluittrio, 2005

- Sonatina d’ estate opus 112/F, voor blokfluittrio, 2005

- Di Lasso ed io,  opus 131/A, voor blokfluittrio, 2009

- Giamberti ed io,  opus 139, voor blokfluittrio, 2011, gebasseerd op vier duetten van Giuseppe Giamberti uit 1657, waar Fulvio Caldini een baspartij aan heeft toegevoegd

- Scherzi di maggio (marginalia nr. 20), voor blokfluittrio, 2014

werken voor twee blokfuiten

- Incontro (marginalia nr. 17) voor twee blokfluiten en piano, 2014

- Etude du reveil opus 7/A, blokfluitduet, 1991

- Sonatina opus 65/I, blokfluitduet, 2002

- Alla caccia opus 91/C, blokfluitduet, 2001

- Due pensieri in canone opus 91/F, blokfluitduet, 2002

- Minuetto in canone opus 91/H, blokfluitduet, 2005

- Minuetto in canone opus 91/I, blokfluitduet, 2005

- Steinbock toccaten opus 94/C, blokfluitduet, 2002

- Two recorders opus 96/C¸ blokfluitduet, 2003

- Sonatina opus 99/D, blokfluitduet, 2003

- Wedding sonatina opus 112/C, blokfluitduet, 2005

- Preludio opus 115/B, blokfluitduet, 2006

- Steinbock fantasien opus 116/G, blokfluitduet, 2007

- Ambos duo opus 143/E, blokfluitduet, 2012

werken voor blokfluit en een ander instrument

- Minuetto in canone opus 91/J, blokfluitduet, ook voor blokfluit en hobo, 2006

- Sonatina opus 120, voor blokfluit en dwarsfluit, 2007

- Di Lasso ed io opus 131/C voor blokfluit en klavecimbel, 2009

- Beata viscera opus 74/H, voor blokluit en orgel, 2009

- Novelletta nr. 1 (juvenilia nr. 14) voor blokfluit en piano, 1986

- Novelletta nr. 2 (juvenilia nr. 15), voor blokfluit en piano, 1986

- Novelletta nr. 3 (juvenilia nr. 23), voor blokfluit en piano, 1986

- Summer music (juvenilia nr. 38), voor blokfluit en piano, 2011

- Bagatelle opus 60/G, voor blokfluit en piano, 2008

- Sonatina opus 65/E, voor blokfluit en piano, 2006

- Sonatina opus 99/J, voor blokfluit en piano, 2006

- Sonatina opus 120, voor blokfluit en piano, 2007

- Sonatina opus 127/A, voor blokfluit en piano, 2008

- Pensieri musicali opus 129/A, voor blokfluit en piano, 2008

- Diario opus 130/B, voor blokfluit en piano, 2008

- Capricci e fantasie opus 136/C, voor blokfluit en piano, 2011

- Tre fantasie opus 140/E, voor blokfluit en piano, 2012

werken voor blokfuit solo

- Abendlied opus 12/B, voor blokfluit solo, 2005

- Canto di Eliogabalo opus 18/C, voor blokfluit solo, 2005

- Sonatina opus 65/H, voor blokfluit solo, 2002

- Steinbock toccata opus 94/B, voor blokfluit solo, 2002

- Sonatina opus 99/B, voor blokfluit solo, 2003

- Steinbock fantasien opus 116/A, voor blokfluit solo, 2007

- Capricci e fantasie opus 136/A, voor blokfluit solo, 2010

- Tre fantasie opus 140/A, voor blokfluit solo, 2011

- Ambos-toccata opus 143/A, voor altblokfluit solo, 2012

- Ambos-toccata opus 143/B, voor tenorblokfluit solo, 2012

- Ore giapponesi opus 144/A, voor blokfluit solo, 2012

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Fulvio Caldini klik hier

http://www.fulviocaldini.net

 

Arnold Cooke (Gomersal, West Yorkshire, Engeland, 4 november 1906 – 13 augustus 2005) studeerde geschiedenis aan de Repton School and het Gonville & Caius College in Cambridge, maar omdat zijn interesse tot meer uitging naar muziek, ging hij daarin door . In 1929 vertok hij naar Berlijn om daar aan de Muziekacademie compositie en piano te gaan studeren bij Paul Hindemith.

Vanaf 1947 was Arnold Cooke docent harmonieleer en compositie aan het Trinity Muziekcollege in Londen.

Arnold Cooke componeerde voor blokfluiten

– Divertimento voor altblokfluit en strijkorkest, 1959

– Suite voor altblokfluit en piano, 1961

– kwartetsonate voor blokfluit, viool. cello en klavecimbel, 1965.

– Suite voor blokfluitkwartet, 1965

– Serieel thema met variaties voor blokfluit, 1966

– kwartet voor blokfluiten, 1970

– trio voor blokfluiten, 1970

– suite voor blokfluittrio en clavecimbel, 1971

– “York Suite” voor blokfluiten, strijkorkest en slagwerk¸1972

– Divertimento voor sopraanblokfluit, altblokfluit, viool, cello en klavecimbel, 1974

– Variaties over twee kerstliederen voor blokfluittrio, 1975

– Zes stukken voor alt en tenorblokfluiten, 1976

– Inventie voor altblokfluit, 1979

– Stukken voor drie blokfluiten, 1981

– Suite no. 2 voor blokfluitkwartet, 1983

– capriccio voor blokfluit en piano, 1985

– arietta voor blokfluit en piano, 1986

– Three Flower Songs voor sopraan en altblokfluittrio, 1987

– Kleine Suite voor soloblokfluit, 1987

– Five Songs of William Blake voor bariton, altblokfluit en piano, 1987

– Kleine Suite nr. 2 voor solo altblokfluit, 1993

– Song of innocence voor sopraan en tenorblokfluit, 1996

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Arnold Cooke klik hier

 

Agnes Dorwarth,  (Freiburg, Duitsland, 1953), studeerde in Freiburg schoolmuziek, blokfluit en dwarsfluit. en daarna aan het Mozarteum bij Nikolaus Harnoncourt. In 1980 werd Agnes Dorwarth docent kamermuziek en methodiek aan de Staatshogeschool voor Muziek in Freiburg in Bresgau Zij richtte daar met collega’s het Instituur voor historische uitvoeringspraktijk op, waar ze van 2004 tot 2007 leiding aan gaf. 

Agnes Dorwarth componeerde 30 werken voor en met blokfluiten:

solo

- Gespräch einer Hausschnecke mit sich selbst, naar een parodie van Christian Morgenstern voor altblokfluit solo, 1997.

- Vogelbuch. Vier stukken voor één blokfluitspeler met wisselende fluiten, 2002.

1. Nachtvögel

- Nein! naar een „Galgenlied“ van Christian Morgenstern voor altblokfluit in G of F, 2002.

- Galgenbruders Lied an Sophie, die Henkersmaid, voor tenorblokfluit solo, 2006.

- Articulator I + I. altblokfluit solo, 2006.

- Articulator VIII. altblokfluit solo, 2008.

- Lamentatio voor tenorblokfluit solo, 2011.

- Doppelaulos voor blokfluit solo (sopraan- & altblokfluit), 2011.

- Articulator IX. altblokfluit solo, 2012.

Duo

- Von der Liebe en anderen Grausamkeiten, 2 blokfluiten, 2009.

- Programu – Naturspiel. naar een Gedicht van Christian Morgenstern voor alt- en tenorblokfluit, 2002.

Trio

- Articulator II, 3 altblokfluiten, 2006.

- Articulator IV, 3 altblokfluiten, 2006.

- Lunodie voor drie basblokfluiten, 2009.

- Auf den sieben Robbenklippen, tongbreker voor drie blokfluitkoppen

kwartet

- Das Große Lalula naar een Gedicht van Christian Morgenstern,voor 4 altblokfluiten, 1995.

- Der Hecht, naar een Gedicht van Christian Morgenstern. voor 4 altblokfluiten, 1996.

- Zungenbrecher, voor vier blokfluitkopstukken, 2005.

- Articulator V,  4 altblokfluiten, 2006.

- Kopfnüsse, 2007, Solo tot kwartet.

- Talk naar een gedicht van Ernst Jandl voor blokfluitkwartet, 2011.

- Yami voor 2 tenor- en 2 basblokfluiten, 2013.

Grotere bezettingen

- Ich habe dich so lieb naar een gedicht van Joachim Ringelnatz voor blokfluitkwintet en spreker, 2011.

bezettingen met andere instrumenten

- Krimi voor altblokfluit en piano, 2003.

- Voc, voor tenorblokfluit en piano, 2004.

- Music Box voor drie altblokfluiten en twee sprekende dansers, 2005.

- Articulator XII,  voor drie blokfluiten, barokgitaar en luit, 2007.

- Basologia voor bas, tenor- en basblokfluit, 2008.

- Blinder Fleck voor lage stem, twee tenoren en twee basblokfluiten naar een gedicht van J.-P. Stössel, 2009.

- Stepomat voor zwei tapdansers, twee blokfluiten, viool, altviool, violoncello en piano/cembalo, 2009.

- Die Mitternaartsmaus naar een gedicht van Christian Morgenstern voor blokfluit, viool & tapdans, violoncello en piano, 2010

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Agnes Dorwarth klik hier

 

Lance Eccles (Australië 17 maart 1944) is docent  Chinees en Koptisch aan de Macquarie Universiteit in Sydney. Hij schreef studies over het Chinese Shanghai-dialect, de Koptische taal van het oude Egypte en de Tetumtaal van Oost-Timor. Daarnaast componeerde hij ook nog. 

Lance Eccles componeerde voor bloklfuiten

- 1 blokfluitnonet

-  7(series) blokfluitkwintetten

- 10 (series) blokfluitkwartetten

-  2 trio’s voor diverse blokfluiten

-  2 (series) duetten voor altblokfluiten

- 1 werk voor altblokfluit en piano

-  solo for Michaël, 2014, voor altblokfluit solo

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Lance Eccles klik hier

 

Jr. Jacob van Eyck (omstreeks 1590 - 1657) Der Fluyten Lusthof. Jacob van Eyck was een hoogbegaafde blinde beiaardier, en een briljante blokfluitist uit Utrecht. Hij heeft het Nederlandse muziekleven verblijd met een groot aantal hoogwaardige carillons.

Der Fluyten Lusthof is een verzameling solomuziek voor blokfluit. Het is de grootste verzameling solomuziek, ooit voor een blaasinstrument uitgegeven.

Het eerste deel van de verzameling werd in 1644 uitgegeven onder de naaam Euterpe oft Speelgoddinne, eerste deel,

het tweede deel in 1646 als Der Fluyten Lust-hof, II. deel.

Bij de heruitgaven in 1649 werde de naam van het eerste deel ook veranderd in Der Fluyten Lust-hof, eerste deel

Het repertoire is door Ruth van Baak Griffioen in haar proefschrift (1991) gedetailleerd behandeld.

Muziek vanaf deze tijd hoort op Van Eyck-fluiten of Denner fluiten te worden gespeeld en niet op zogenaamde „Ganassifluiten". In de tweede helft van de 17e eeuw zijn fluiten van het van Eyck-type gemaakt. Er ligt er één in Wenen. In Edinburgh een vergelijkbaar instrument van Haka: een flute a neuf trous I uit één stuk ivoor. De Kynsecker instrumenten uit Neurenberg gaan ook deze richting op. Opvallend zijn de muzikaal zwakke duetten uit de tweede uitgave (1649). Muziekwetenschapper Thiemo Wind houdt uitgeven Paulus Matthysz verantwoordelijk voor deze stukjes (Recorder Magazine 16. Nr. 2. 1996). Thiemo Wind heeft zich meer dan welke andere blokfluitbetrokkene op Jacob van Eyck gespecialiseerd. 29 mei 2006 heeft hij de dissertatie Jacob van Eyck en de anderen aan de Universiteit van Utrecht verdedigd. Een Engelse uitgave hiervan zal in het voorjaar van 2007 verschijnen.

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Jr. Jacob van Eyck klik hier

www.jacobvaneyck.info

 

Johann Friedrich Fasch (1688-1758) componeerde voor blokfluit:

- triosonate in kanon in F grote terts voor altblokfluit, fagot en Basso Continuo FWVN:F5

- sonate in G grote terts voor fluit, twee altblokfluiten en  Basso Continuo FWVN:G1

- kwartetsonate in Bes Grote terts voor altblokfluit, hobo, viool en Basso Continuo FWVN:B1

- 4 vocale Geistliche Konzerte met bij elk twee stemmen voor blokfluiten

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Johann Friedrich Fasch klik hier

 

Viktor Fortin  (*Fohnsdorf, Steiermark, Oostenrijk, 14 mei 1936) studeerde vanaf 1956 aan het Conservatorium Graz een muziekstudie piano, fagot, blokfluit en compositie bij Waldemar Bloch. Daarna gaf hij les aan diverse muziekscholen.

Van 1979 tot 2004 was Viktor Fortin  professor blokfluit, vormleer en muziekanalyse aan de Kunstuniversiteit Graz. . In 1985 promoveerde hij in muziekwetenschap en germanistiek.  Op het moment woont Viktor Fortin nog steeds in Graz.  

Viktor Fortin componeerde 41 werken voor en met blokfluiten:

- Liebenauer Dansen voor blokfluitorkest, 1966

- Sneeuwwitje en Rozenrood, kleinscenisch spel voor solostem, jeugdkoor, sopraan-, altblokfluit, dwarsfluit, Orff-instrumenten, 2 violen., cello, tekst vrij naar de gebroeders Grimm van Gertrud Aigner, 1968

- Appalachische Sonate, altblokfluit en piano, 1970

- Musica bucolica, blokfluitkwartet (SATB), Viool, Viola, Violoncello, hobo, klarinet, 1972

- Zwölf Steirische Dansen, blokfluitkwartet (SATB) en gitaar, 1973

- Slowenische volks- en kinderliedjes, drie blokfluiten: SSA choristische bezetting,: SSA TTB, 1975

- Musique pour Lyon, blokfluit, choristische bezetting van sopranino tot grootbas, violoncello, piano, slagwerk, 1976

- Happy Music, blokfluit(n) S en/of A en andere instrumenten ad libitum 1978

- Vierfluiten Quintett, blokfluit (SATB- één speler), viool, altviool, cello en klavecimbel, 1980

- Fourteen Pieces voor sopraan- en altblokfluit, die meesten met begeleidingsintrument ad libitum, 1982

- Concert voor sopraanblokfluit en orkest, 1985

- Concert voor sopraanblokfluit (Piccoloflöte) en strijkers, 1985

- Happy Beginner, twee tot drie blokfluiten (S,A) en instrumenten ad libitum 1989

- Hafer Quartett, voor blokfluitkwartet (S,A,T,B), 1991

- Top Fourteen, 14 stukken voor blokfluit, 1992     

- For Teens, voor groepsonderwijs met altblokfluiten, 1992

- Liebeserklärungen an die Bassblockflöte voor basblokfluit en gitaar, 1993

- Über drüber, voor sopraanblokfluit en accordeon, 1994

- Trio con effetto, drie blokfluiten  in wisselende bezettin van sopranino tot bas, 1994

- Time & Rhythm, blokfluit (S en/of A) vijf banden met ad libitum piano en slagwerkbegeleiding, 1995

- Schwarze Suite, blokfluit (1 speler), viool, gamba, klavecimbel, 1995

- Rumänische Dansen, 1995

- Partita acerbadolce, blokfluit van sopranino tot grootbas (1 speler) en marimba, 1996

- Acht leichte stukken, sopraanblokfluit solo, 1996

- Lambsborner Nüsse, voor blokfluitorkest, 1997

- drie dierenliedjes naar teksten van Christian Morgenstern, stemmen en blokfluitorkest, 1997

- Partita divertente, blokfluit (sopranino tot grootbas, 1 speler) en accordeon, 1998

- Divertimento a 7, blokfluitkwartet (SATB) en drie gitaren, 1998

- Die Zauberwoche, twee altblokfluiten, 2001;

- Vogel en Bär,  sopraanblokfluit en Standardbass-accordeon, 2001

- Jolly Joker, voor alt- of basblokfluit en piano of gitaar,  2001

- Taiwanesische Sonatine, altblokfluit en piano, 2002

- Jeder Ton ist wie één Stern, Kantate voor altblokfluit, tenor, barokfagot en klavecimbel over een gdicht van Lukas Holliger vrij naar Psalm 33, 2007; versie voor tenor, altblokfluit en piano, 2013

- Pinocchio en de dwarsfluittovenaar, musikale vertelling naar een tekst van Jolanda Steiner voor blokfluit en piano, 2008

- Komödianten Quartett, voor blokfluitkwartet (SATB), 2008

- Remember Holidays, voor sopraanblokfluit, altblokfluit en gitaar, 2009,

- Vierfluiten-Trio, voor blokfluit (SATB - één speler), viool en piano, 2009

- Trio bravo, voor 2 altblokfluiten en tenorblokfluit, 2009                           

- Pinocchio en de fluitspeler, 2010, voor verteller, blokfluitist en klein orkest

- Steirische Weihnachtsmusik voor blokfluitkwintet, 2012

- Musica liquida voor blokfluitkwintet en slagwerk, 2012

- Vier Sketches für sieben Wagemutige, voor vijf blokfluiten, slagwerk, viool en cello ad libitum, 2013

1. Banananas, wild feestje van tegendraadse ritmen

2. Scherzo bizarro, diepe melancholie en andere affekten

3. Midnightblues, zet aan tot nadenken, krachtig

4. Pfauentanz

- Concert  voor blokfluit en blaasorkest, 2013, gecomponeerd ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van de Sindelfinger Stadskapelle. Levendige humorvolle muziek.

- Vier dierenliedjes naar teksten van Christian Morgenstern, 2014, voor blokfluitensemble en kinderkoor. Uitdagend projekt.

- Pinocchio-Blues voor altblokfluit en piano, 2014

- Vier-Flöten-Quintett voor blokfluit(en) en strijkkwartet, 2015

- Liebeserklärungen an die Blockflöte, 2015, bewerking voor altblokfluit en piano van de Liebeserklärungen an die Bassblockflöte, 1993

- Dubbelconcert voor twee blokfluiten en piano, 2015

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Viktor Fortin klik hier

 

Frans Geysen (Oostham, provincie Limburg, België, 29 juli 1936) studeerde orgel en muziekpedagogiek aan het Lemmensinstituut tot 1960, en daarna muziekgeschiedenis bij J.L. Broeckx aan het Conservatorium van Antwerpen en contrapunt bij J. Mestdagh aan het Conservatorium van Gent.

Frans Geysen componeerde 23 werken voor blokfluit:

- F′′, voor 12 blokfluiten, 1970

- MAM, voor blokfluitkwartet, 1972

- Nonak, voor blokfluitkwartet, 1972

- Periferisch-Diagonaal-Concentrisch, voor blokfluitkwartet, 1972

- Wingerd in een natte zomer, voor twee blokfluiten, 1974

- Kleine vegetatie, voor altblokfluit solo, 1974

- Vier korte stukken, voor twee blokfluiten, 1976

- Installaties (De Stockmansinstallaties), voor blokfluitkwartet, 1983

- Omtrent a-b-c, voor blokfluitkwintet, 1984

- Digitaal-Analoog-Identiek, voor blokfluit duo, trio, en kwartet, 1986

- Langs hoeken en kanten, voor blokfluitkwartet, 1990

- Koken, voor twee blokfluiten, 1990

- Groot kwartetboek, 15 delen voor blokfluitkwartet, 1992

- Solo, voor altblokfluit solo, 1992

- Geproesterol, voor altblokfluit solo, 1994

- Ottoflotto, voor dubbel blokfluitkwartet, 1995

- Lichtspleten, voor blokfluitkwartet, 1996

- Met zijn twaalven, voor twaalf blokfluiten, 2001

- City of Smiles, twintig solo’s voor één blokfluitspeler, die van sopraan tot basset speelt, 2001

- Ehrung an M.C.E. (E=mc2), voor altblokfluit solo, 2001

- Nevel tot leven, voor blokfluittrio, 2002

- 15 Duetten, voor twee blokfluiten, 2003

- Noodzaak van ommekeer—ommekeer van noodzaak, voor blokfluit kwartet, 2004

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Frans Geysen klik hier

 

Johann Christoph Graupner (1683 - 1760) heeft een altblokfluitconcert geschreven ( in F-groot)  en een Ouverture voor altblokfluit en strijkers (ook in F-groot)
Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Christoph Graupner klik hier


George Frederic Handel (1685 - 1759) gebruikt in zijn orkestmuziek een veelheid van middelen (strijkers dempen of piano laten spelen, grootte van de continuogroep reduceren, continuostrijkers pizzicato laten spelen, violen als onderstem inzetten, onbegeleid laten spelen) om blokfluiten hoorbaar te maken. (Martin Heidecker: Block- und Querflöten iin den Opern Georg Friedrich Händels, Tibia 21, 1/96).

De blokfluit hoorde nog bij de meeste gebruikte instrumenten.

Blokfluiten (meestal altblokfluiten!!) komen dan ook nogal eens in Händels werken voor:

Cantates

- Clori, Tirsi e Fileno: Cor fedele in vano speri. Cantata a tre con stromenti HWV 96, Rome 1707, 2 blokfluiten;

- Delirio amoroso: Da quel giorno fatale. Cantata a voce sola con stromenti HWV 99, Rome 1707, 1 blokfluit (in G);

- Pensieri notturni di Filli: Nel dolce dell'oblio. Cantata a voce sola con Flauto HWV 134 Rome 1707/08, 1 blokfluit;

- Tra le fiamme (Il consiglio). Cantata a canto solo con stromenti HWV 170, Rome 1707/08, 2 blokfluiten

- Io languisco fra le gioje; Echeggiate, festeggiate, Numi eterni. Cantata a cinque con stromenti HWV 119, London 1710, 1 blokfluit

- Splenda l'alba in oriente. Cantata a voce sola con stromenti HWV 166, London 1711/12, 2 blokfluiten (in c')

- Dell'onda instabile. Aria a voce sola con stromento obbligato HWV 214, London 1746/1748, 1 blokfluit;

Concerten

- Concerto grosso op. 3 nr. 1 Bes groot HWV 312, London, 1734, 2 blokfluiten;

- Concert Nr. 6 Besgroot voor harp of orgel en orkest HWV 294, London, 1736, 2 blokfluiten;

- Water Music, Suite III G groot, HWV 350, London, 1736, flauto piccolo;

Uit berichten van tijdgenoten kunnen we afleiden dat het orkest dat de beroemde Watermusic in 1717 voor het eerst uitvoerde, bestond uit 50 man: strijkers, hobo's, fagotten, hoorns, trompetten, fluiten en blokfluiten. (Terence Best, Händel-jaarboek 52, 2006).

In Händels 40 opera's komt de blokfluit 26 keer voor:

- Almira, Köningin von Kastilien. Opera in drie acten, HWV 1, Hamburg, 1705, 2 blokfluiten  

- Rodrigo (Vincer se stesso è la maggior vittoria). Drama per musica in drie acten, HWV 5, Florence, 1707, 2 (alt)blokfluiten;

- Agrippina. Dramma per musica in drie acten, HMV 6,  für Gesangsolisten, Venetië, 1709, 2 blokfluiten; 

- Rinaldo. Opera seria in drie acten, London, 1711 flageolet en 2 blokfluiten;

- Teseo. Dramma tragico in vijf acten, HWV 9, London, 1713, 2 blokfluiten;

- Lucio Cornelio Silla. Dramma per musica in drie acten, HWV 10, London, 1713, 2 blokfluiten;

- Amadigi di Gaula. Dramma per musica in drie acten, HWV 11, London, 1715, 2 blokfluiten;

- Il Floridante. Dramma per musica in drie acten, HWV 14, London, 1721, 2 blokfluiten;

- Tamerlano. Drama per musica in drie acten, HWV 18, London, 1724, 2 blokfluiten;

- Rodelinda, Regina de’Langobardi. Drama per musica in drie acten, HWV 19, London, 1725, 2 blokfluiten;

- Ottone, Re di Germania. Dramma per musica in drie acten, HMV 15, London, 1723, 2 blokfluiten;

- Flavio, Re de’Langobardi. Dramma per musica in drie acten, HWV 16, London, 1723, 1 blokfluit;

- Giulio Cesare in Egitto. Dramma per musica in drie acten, HWV 17, London, 1724, 2 blokfluiten;

- Publio Cornelio Scipione. Dramma per musica in drie acten, HWV 20, London, 1726, 2 blokfluiten;

- Riccardo primo, Re d’Inghliterra. Melodramma in drie acten, HWV 23, London, 1727, flauto piccolo en 2 blokfluiten;

- Tolomeo, Re di Egitto. Drama per musica in drie acten, HWV 25, London, 1728, 2 blokfluiten;

- Poro, Re dell’Indie. Dramma per musica in drie acten, HWV 28, London, 1731, 2 blokfluiten;

- Ezio. Dramma per musica in drie acten, HWV 29, London, 1732, 2 blokfluiten;

- Orlando. Dramma per musica in drie acten, HWV 31, London, 1733, 2 blokfluiten;

- Terpsicore. Ballett HMV 8b, Een proloog voor de tweede zetting van de opera Il Pastor Fido, London, 1734, 2 blokfluiten;

- Alcina. Dramma per musica in drie acten, HWV 34, London, 1735, 2 blokfluiten;

- Ariodante. Dramma per musica  in drie acten, HWV 33, London, 1735, 2 blokfluiten;

- Arminio. Dramma per musica in drie acten, HWV 36, London, 1737, 2 blokfluiten; zowel sopraanblokfluiten als altblokfluiten.

- Giustino. Dramma per musica in drie acten, HWV 37, London, 1737,2 blokfluiten; basblokfluit (Basso de’ Flauti); Ook in zijn 35 Oratoria, Oden en Serenades.  In 13 ervan komen blokfluiten voor,

- Aci, Galatea e Polifemo. Serenata à tre, HWV 72, Napels 1708, 1 blokfluit;

- Alexander's Feast or The Power of Musick. Ode ter ere van St. Cecilia in twee delen, HWV 75, London, 1736, 2 blokfluiten;

Oratoria

- Il Trionfo del Tempo e del Disinganno, Oratorium in twee delen, HWV 46a, Rome 1707, 2 blokfluiten;  

- La Resurrezione. Oratorium in twee delen, HWV 47, Rome 1708, 2 blokfluiten;

- Acis and Galatea. Mask in twee acten, HWV 49a, London, 1732, flauto piccolo en 2 blokfluiten;

- Esther Oratorium in drie acten ,HWV 50b, London, 1732, 2 blokfluiten;

- Athalia. Oratorium in drie acten, HWV 52¸ London, 1733, 2 blokfluiten;

- Judas Maccabaeus. Oratorium in drie acten, HWV 63, London, 1747, 2 blokfluiten;

- The Triumph of Time and Truth. Oratorium in drie delen, HWV 71, London, 1757, 2 blokfluiten;

Anthems

- O come let us sing unto the Lord, Anthem VIII, HWV 253, Cannons,1718, 2 blokfluiten;

- The Lord is my light. Anthem X, HWV 255, für Gesangsolisten, Cannons,1718, 2 blokfluiten (regelmatig met hoge f'''' en g'''');  

Te Deum Bes groot (Chandos Te Deum) HWV 281, Cannons,1718, 1 blokfluit;

(Nik Tarasov: Windkanal 2009/4)

twee triosonaten met blokfluit:

- Sonate in c kleine terts HWV 386a voor blokfluit, viool en basso continuo, London omsreeks 1718; volgens musicoloog Klaus Hofmann oorspronkelijk in d kleine terts voor blokfluit, viool en basso continuo. Hij  heeft daar een aantal overtuigende redenen voor (Tibia 3/2006) en heeft bij Moeck Verlag, Celle,voor een goede uitgave in d klein zorg gedragen.

- Sonate in F grote terts HWV 389, op. 2 Nr. 4, voor blokfluit, viool en basso continuo, London omstreeks  1718;

Trio voor 2 blokfluiten en continuo: 

- „Sonata a Due Flauti, e Basso“ in F grote terts,  HWV 405, vermoedelijk ontstaan tussen 1707 und 1710 in Italië of Hannover.

6 blokfluitsonaten.

vier sonaten opus 1: g klein, opus 1/2, HWV 360; a klein, opus 1/4, HWV 362; C groot, opus 1/7, HWV 365 en F groot opus 1/11,HWV 369. 

twee "Fitzwilliam-Sonaten": d klein, HWV 389; Bes groot HWV 377;

De vier bekende blokfluitsonaten uit opus 1 van  Georg Friedrich Händel verschenen samen met de  dwarsfluit-, viool- en hobosonaten voor het eerst in 1730 bij Johan Walsh in Londen. Om Händels uitgavenrechten te dwarsbomen liet hij er als uitgever Jeanne Roger in Amsterdam op zetten. Dat maakte het allemaal wel duidelijk en hield latere muziekvorsers tenminste een poosje van de straat.

Deze druk diende als voorbeeld voor de Händel-uitgave van Samuel Arnolds (ca. 1793) en de volledige Händel uitgave van Friedrich Chrysander (Band 27, 1879). Deze laatste uitgave diende als voorbeeld voor praktische nieuwe uitgaven, ook van de vier blokfluitsonates. En dat terwijl er toch prachtige handschriften van Händel zelf bestonden, nog van ná de Walsh-uitgave van 1730. De eersten die een goede, op deze handschriften steunende uitgave verzorgden waren David Lasocki en Walter Bergmann in 1979: The complete sonatas for treble (alto) recorder and basso continuo, uitgegeven bij Faber in Londen. Hierin werden ook maar meteen de twee zogenaamde "Fitzwilliam Sonates" opgenomen, die Thurston Dart  in het Fitzwilliam Museum in Cambridge had ontdekt. Al deze zes sonaten zijn volgens de laatste onderzoeken tussen 1724 en 1726 ontstaan. (Klaus Hofmann: Tibia 2/2004)  

Vraag: wat zou de oorzaak kunnen zijn van het verschil tussen de speeltechnisch simpele solopartij van alle blokfluitsonaten en de buitengewoon hoge technische vereisten bij de continuopartij?

Er zijn directe en indirecte overeenkomsten tussen de originele handschriften van de blokfluitsonates en de voorbeelden en opgaven voor het basso-continuo-onderwijs dat Handel gaf. Omstreeks 1725 gaf Händel les aan de drie dochters van koning George II: Anne (16 jaar), Amelia (14 jaar)  en Carolin Elizabeth (12 jaar èn de oudste dochter van George I en zijn  maitresse: Petronilla Melusine von der Schulenburg (32 jaar). Prinses Anne was Handels lievelingsleerling, en een hoogbegaafde claveciniste. Handel gaf de prinsessen alle drie basso continuo, kontrapunt en zangonderwijs. Anne en haar oudere broer Frederick Lewis konden in elk geval ook traverso spelen en dus vermoedelijk ook blokfluit. Gevoeglijk kunnen we aannemen dat ook Amelia en Carolin Elizabeth blokfluit konden spelen, een in die tijd in adellijke kringen buitengewoon populair instrument. Het zou dus zomaar kunnen dat Handel als oefening (de continuo-partijen van de Handelsonaten horen tot de moeilijkste uit de barokke kamermuziek) Prinses Anne de sonates met haar zussen heeft laten spelen. Prinses Anne is in 1734 getrouwd met de Nederlandse stadhouder Willem IV van Oranje-Nassau. In het jaar 1738 richtte zij in Den Haag een hoforkest op, dat door haar zelf aan het klavecimbel geleid werd. (Siegbert Rampe, Tibia 3/2010)

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van George Frederic Handel klik hier

 

Ryohei Hirose (17 juli 1930 - 24 november 2008) kreeg een Westers-klassieke opleiding aan de Universiteit van Tokio (1953-1961). Hij schreef tussen 1970 en 1990 een aantal composities voor blokfluit, waar vaan deel inmiddels "klassiek"geworden is:

- POTARAKA, voor altblokfluit, cello en harp, 1972

- KARAVINKA, voor blokfluit, hobo, strijkers en slagwerk, 1972

- Meditation, voor altblokfluit solo, 1975

- Lamentation voor blokfluitkwartet, 1975

- Idyll, voor blokfuitkwartet, 1976

- Blue train,  voor blokfluitkwartet of fluitkoor, 1979

- Ode 1, voor blokfluitduo, 1979

- Hymn, voor altblokfluit solo, 1979, gereviseerd 1982

- Ode 2, voor blokfuitduo, 1980 

- lllusion of the Crescent, voor tenorblokfluit solo, 2005

Zijn werken voor altblokfluit klinken in het algemeen beter als je ze op tenorblokfluit speelt.

Daarnaast componeerde Ryohei Hirose ,24 werken voor „shakuhachi". Een shakuhachi is een verticale fluit met vijf gaten, vier vooraan en een duimgat achteraan, van bamboe. De toon wordt geproduceerd door over de ronde open rand van de fluit te blazen. Je kunt deze werken ook op een tenorblokfluit proberen:

- Toruso, voor shakuhachi, 1963

- Heki, voor shakuhachi en strijkers,1964

- Ryo, voor shakuhachi, strijkers en slagwerk, 1967

- Aki, voor 2 Shakuhachi, 1969

- Hare, voor 3 shakuhachi, 1969

- Hi, voor shakuhachi, strijkers en slagwerk, 1969

- Shu, voor shakuhachi, strijkers en slagwerk, 1969

- Quartet Makimuku, voor shakuhachi, 1971 

- Byo, voor shakuhachi, 1972

- Kakurin, voor shakuhachi, 1973

- Vivaruta, voor shakuhachi, cello, kinderkoor, slagwerk en instrumentale groep, 1973

- Quartet nr 2, Yawatame, voor shakuhachi, 1973 

- Yumejuya, voor shakuhachi, 1973

- Quartet Yukiaya, voor shakuhachi, 1975

- Concerto voor shakuhachi en orkest, 1976

- Tenraichikyo, voor shakuhachi, 1976

- Tamafuri, voor shakuhachi, 1982 

- KOTOHOGI, suite voor shakuhachi,1995

- Aya, voor shakuhachi, cello en slagwerk

- Hak Lim, voor shakuhachi

- Hina, voor shakuhachi

- Izayoi, voor shakuhachi

- Kuni Yamamoto bergen, voor drie shakuhachi

- Shuko, voor shakuhachi

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Ryohei Hirose klik hier

Peter Hope (*1930) componeerde vaak blokfluitmuziek voor John Turner:

- blokfluit solo. A Walk with my dog Molly;

- blokfluit en gitaar

- blokfluit en piano

- een blokfluitconcert

- blokfluiten met koor

- twee liederencycli voor zangstem, blokfluit en piano

(Recorder Magazine 2010/4)

Voor levensbeschrijving  en werkoverzicht van Peter Hope klik hier

 

Jacques Martin Hotteterre "le Romain" (Parijs, 29 september 1673 – Parijs, 16 juli 1763)  was in 1708 volgens de titelpagina van zijn “Pièces pour la flûte traversière” flûte de la Chambre du Roy: fluitist in het kamerorkest van Koning Lodewijk XIV. In 1717 wordt hij vermeld als “Jouëur de Fluste de musique de chambre”, dat schijnt wat hoger in rang te zijn, hoewel het er zo’n beetje hetzelfde uitziet. Op 31 maart 1728 (54 jaar oud!)  trouwde hij met Marie Genevieve Charpentier.Het paar kreeg 6 kinderen. Jacques Martin Hotteterre le Romain gaf de instrumentenbouw in 1720 op en trok zich in feite na zijn huwelijk in 1728 uit de zaak terug. Zijn oudste zoon Jean-Baptiste Hotteterre (1732-1770), bekwaam instrumentenbouwer, nam in 1747 al zijn functies als hofmuzikant over. Zijn dochter Marie-Geneviève trouwde met organist Claude-Bénigne Balbastre.    

De bijnaam “Le Romain” gebruikt Jacques Martin Hotteterre zelf tussen 1705 en 1707, misschien als onderscheid met achterneef Jacques Hotteterre die ongeveer in dezelfde tijd in Engeland werkt(e). Misschien omdat hij volgens sommige bronnen vóór indienstreding bij Lodewijk XIV in Italië heeft gewerkt.  Er is ook een commentator die aangeeft dat Hotteterre behoorlijk gesteld was op Italiaanse muziek. (Zijn opus 3 is nogal verwant aan de triosonates van Corelli).

Als toonaangevend fluitist volgt Hotteterre op Michel de la Barre (Premeier livre de pièces, 1702, eerste werk voor dwarsfluit en basso continuo) en wordt hij op zijn beurt weer opgevolgd door Michel Blavet.

Uitgaven

Het eerste werk dat Hotteterre uitgaf was het leerwerk:

Principes de la Flûte traversière, ou flûte d’Allemagne; de la flûte à bec, ou flute douce; et du haut-bois, Divisez par Traitez. Par Sieur Hotteterre-le-Romain, Flûte de la Chambre du Roy  (Uitgave Parijs, Christophe Ballard, 1707).

In feite is dit de oudste gepubliceerde dwarsfluit-methode, die als voorbeeld fungeerde voor alle dwarsfluitmethodes die daarna gepubliceerd zijn. Het werk heeft geen opus nummer, maar is in feite Hotteterres “Opus 1” . In 1728 verscheen er in Amsterdam bij Michel-Charles Le Cene een Nederlandse versie: Grond-beginselen over de behandeling van de dwars-fluit.

Oeuvre seconde:  Stukken voor traverso, en andere instrumenten, met basso continuo, het eerste boek  (Uitgave Parijs, Christophe Ballard, 1708). De stukken werden geordend in drie Suiten, en nog wat losse delen.

Oeuvre seconde, tweede druk: Stukken voor traverso, en andere instrumenten, met basso continuo, nieuwe uitgave, uitgebreid met verschillende versieringen en met een uitleg hoe die moeten worden toegepast, tezamen met een basstem, toegevoegd aan de stukken voor twee fluiten. (twee edities: Parijs, Foucault, 1715, Parijs,  Boivin, 1715). In deze uitgave heeft Hotteterre de uitgave van 1708 in vijf Suiten geordend. Hij schrijft daarbij een interessant voorbericht (avvertissement), waarin hij precies uitlegt,  hoe hij zijn muziek gespeeld wil hebben. Voor het goed uitvoeren van Hotteterre muziek is het bestuderen van dit voorbericht (en eigenlijk ook van de “principes” (zie hieronder) noodzakelijk. Een vertaling van het voorbericht is op pagina 4 opgenomen.   

Oeuvre troisième:  Triosonates voor traverso’s, blokfluiten, violen, hobo’s &c, eerste boek (Uitgave Parijs, Foucault, 1712)

Oeuvre quatrième:  Eerste suitte met stukken voor twee bovenstemmen, zonder basso continuo, voor traverso’s, blokfluiten, violen, &c, eerste boek (Uitgave Parijs, Foucault, 1712)

Oeuvre Ve:  Tweede boek met stukken voor traverso en andere instrumenten, met bas  (twee edities: Parijs, Foucault, 1715, Parijs,  Boivin, 1715)

Oeuvre VIe:  Tweede suitte met stukken voor twee bovenstemmen, voor traverso’s, blokfluiten, violen, &c, met een afzonderlijk toegevoegde bas, waarbij de bovenstemmen  onveranderd kunnen meespelen, zodat men ze bij een concert kan inpassen. (Uitgave Parijs, Foucault, 1717)

Oeuvre VIIe:  “L’art de préluder sur la flûte traversière, sur la ‘flûte-à-bec, sur le hautbois, et autres instruments de dessus, avec des préludes sur tous les tons, dans diffèrs mouvems. et differens caractères (Uitgave Parijs, Boivin, 1719)

Oeuvre VIIIe:  Derde suitte met stukken voor twee bovenstemmen, voor traverso’s, blokfluiten, hobo’s en muzettes (Uitgave Parijs, Boivin, 1722)

Verder arrangeerde Hotteterrre “Airs et brunettes à deux et trois dessus”van verschillende componisten (1721); sonates à deux dessus par le Sogr. Roberto Valentine, opera quinta (1721); sonates voor twee bovenstemmen van Sigr. Franceso Torelio (wie dat dan ook mag wezen??) (1723)

In 1737 publiceerde hij de “Methode pour la Musette”.

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Jacques Martin Hotteterre klik hier

 

Gordon Jacob  (Londen, Engeland, 5 juli 1895 – Saffron Walden, 8 juni 1984) studeerde hij een jaar journalistiek, maar hield daar mee op om compositie, muziektheorie en directie te gaan studeren aan het Royal College of Music.

Hij was docent compositie ,instrumentatie, orkestratie en muziektheorie  aan het Royal College of Music tot zijn pensioen in 1966.

Gordon Jacob componeerde voor blokfluit:

- Suite voor altblokfluit en strijkers, 1957

- Variaties voor altblokfluit en klavecimbel of piano, 1963

- Sonata voor altblokfluit en piano, 1966, opgedragen aan Anthony Pringsheim

- Consort of Recorders, A Jacobean Suite, 1973, voor blokfluitkwartet, geschreven voor de familie Dolmetsch.

- An Encore For Michala, duettino voor blokfluit en stem, voor één uitvoerder, 1983, opgedragen aan Michala Petri.

- Trifles (suite), voor altblokfluit, viool, cello en klavecimbel, 1983 opgedragen aan Carl Dolmetsch

- Sonatina voor altblokfluit en klavecimbel, 1984, opgedragen aan Michala Petri

Zijn hele werk is in 2015 door blokfluitiste Annabel Knight opgenomen op de CD: Gordon Jacob - Chamber Music with Recorder, Naxos 8.572364

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Gordon Jacob klik hier

 

Reinhard Keiser (1674-1739), in zijn tijd de leidende Duitse operacomponist, gebruikt blokfluiten in 20 van zijn 22 opera's:

- Der geliebte Adonis, 1697

- Der bei dem allgemeinen Welt-Frieden von dem Groβen Augustus geschlossene Tempel des Janus, 1698

- La Forza della Virtù, 1700

- Sieg der fruchtbare Pomona, 1702

- Die verdammte StaatSucht, oder Der verfürhte Claudius, 1703 

- Der gestürzte und wieder erhöhte Nebucadnezar, König zu Babylon, 1704

- Die römische Unruhe oder Die edelmütige Octavia, 1705

- Masaniello furioso oder Die neapolitanische Fischer-Empörung, 1706

- Der durchlauchtige  Secretarius oder Almira, Königin von Castilien, 1706

- Der angenehme Betrug oder Der Carneval von Venedig, 1707

- Die bis und nach dem Todt unerhörte Treue des Orpheus, 1709

- La Grandezza d'Animo oder Arsinoe, 1710

- Der hochmütige, gestürtzte und wieder erhabene Croesus, 1710

- Die wiederhergestellte Ruh oder die gecrönte Tapferkeit des Heraclius, 1712

- Friedegunda, 1715

- Die groβmütige Tomyris, 1717

- Ulysses, 1722

- Der sich rächende Cupido, 1724

- Der lächerliche Prinz Jodelet, 1726

- Circe, 1734

Reinhard Keiser gebruikt  blokfluiten voor dezelfde associaties als zijn tijdgenoten: natuurvoorstellingen, vogels, slaap, vervulde liefde, maar ook bij niet beantwoorde liefde, liefdesverdriet, afscheid, klacht en vertwijfeling, ironie en magie.

(Dissertatie van Lucia Becker Carpena, 2007: Caracterização e uso da flauto doce nas óperas de Reinhard Keiser (1674-1739) Universidade Estual de Campinas, Brezilië).

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Reinhard Keiser klik hier

 

Konrad Lechner (1911-1989) heeft 19 (series) werken en werkjes voor blokfluit solo en blokfluit in allerlei combinaties gecomponeerd:

- Kleine Tanz– und Spielstücke für eine Blockflöte,  1937

- Volkslied–improvisationen für eine  Blockflöte, 1938

- Es taget vor dem Walde en andere melodieën voor zangstem en blokfluiten, 1938

- Flötenmusik in a, 1938, voor Blokfluit c" en klavecimbel

- Über den Sternen,  omstreeks 1939, voor 3 blokfluiten van sopraan tot basset in verschillende combinaties.

- In dulci jubilo, 11 kerstliederen  voor 3 blokfluiten van sopraan tot basset in verschillende combinaties.

- Ei du feiner Reiter – Variaties voor blokfluitkwartet (SATB), herzien in 1979, 1941

- Kleine Tanz- und Spielstücke voor een blokfluit in c", 1960

- Volkslied-Improvisationen voor een blokfluit in c"

- Metamorphosen voor blokfluit en piano, 1966

- Ludus juvenalis I - 2 Canzonen voor een altblokfluit en basso continuo, 1975

- Traum und Tag – Twaalf impressies voor sopraanblokfluit solo, 1976

- Spuren im Sand, 1976, voor sopraanblokfluit solo

- Varianti voor tenorblockflöte solo, 1976

- Über den Sternen – driestemmige liedzettingen voor blokfluiten (SAT) in verschillende combinaties, 1977

- Ziehende Wolken Dansen voor blokfluitkwartet, 1979

- Lumen in tenebris voor drie blokfluitspelers en slagwerk, 1980

- Engramme voor blokfluit, cembalo en slagwerk, 1983

- Vom anderen Stern – Twintig Epigrammen voor sopraanblokfluit solo, 1987

- Echo des Schweigens - Acht Miniaturen voor sopraanblokfluit solo, 1988

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Konrad Lechner klik hier

 

Hans Ulrich Lehmann (geb. 1937) maakte twee composities voor blofkluiten die (te?) weinig gespeeld worden:
- flautando voor bloklfuittrio;
- ...sich vragend nach frühster Erinnerung voor blokfluitkwartet.

 

Jean-Baptiste Lully (1632 - 1687) zet het instrument blokfluit in 60 gevallen in. In 16 balletten, maskerades en divertisements, in 5 comédie-ballets en in 14 tragédies en musique. Meer dan bij enig ander instrument symboliseert de klank van de blokfluit de pastorale idealen: het zorgeloze leven van herders en herderinnen vol liefdesrelaties. De instrumenten die Lully gebruikte werden vermoedelijk gemaakt door de familie Hotteterre. Uit de livrets (prgrammaboekjes) blijkt dat de blokfluitpartijen vanaf 1658 tot drievoudig bezet werden (dus drie spelers per stem):

- L'amour malade, ballet, 1658:

- Royal d'Alcidane et de Polexandre, ballet,  14 februari 1658;

- Ballet de la Raillerie, 1659;

- Ballet des Arts, 8 januari 1663;

- Le mariage forcé, 29 januari 1664; 

- Les amours déguisés, 13 februari 1664;

- Les Plaisirs de l'Ille enchantée, 7 mei 1664;

- George Dandin, 18 juli 1668;

- Les amants magnifiques, 4 februari 1670;

- Le bourgeois Gentilhomme, 1670;

- Atys, 1676;

- Le Triomphe de l'Amour, 1681, bij de blokfluitpartijen staat hierbij aangegeven dat ze meervoudig bezet móeten worden;   

Van de spelers uit de koninklijke petite bande werd in het bijzonder van de hautbois et musettes de Pitou de beheersing van verschillende blaasinstrumenten gevraagd, waaronder blokfluit.

(Anthony Rowland-Jones: Tibia 4/2004)

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Jean-Baptiste Lully klik hier

 

 

 

Frank Martin (Eaux-Vives bij Genève, 15 september 1890 - Naarden, 21 november 1974) speelde vaak samen met het gezin. Toen de kinderen nog klein waren speelden ze vaak samen op blokfluiten.

Frank Martin componeerde een L'amour de moy voor zangstem en twee blokfluiten

Interlude pour quatre flûtes douces, voor blokfluitkwartet, 1942

(Rien de Reede, Tibia 1/2013)

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Frank Martin klik hier

 

 

 

Frank Martin, zijn dochters Françoise en Pernette en zijn vrouw Maria, Maloja, juli 1943

 

 

Matthias Maute  (*Ebingen, 1963) studeerde in Freiburg en in Utrecht blokfluit bij Baldrick Deerenberg en Marion Verbruggen.

In 1990 won hij de eerste prijs blokfluit in het internationaal concours van het MAfestival in Brugge en in 1994 de wedstrijd voor Kamermuziek georganiseerd door het Nederlands impresariaat.

Matthias Maute doceert in Montreal aan de Universiteit van Montreal en aan de McGill University. Hij is artistiek directeur van het Ensemble Caprice, en treedt steeds meer op als dirigent van grootschalige koor- en orkestprodukties.

Matthias Maute  is getrouwd met Sophie Larivière, lid van het Ensemble Caprice, en woont in anada in Montreal.

Matthias Maute componeerde

40 blokfluitwerken:

blokfluit solo

- Sei Soli per Flauto senza basso voor altblokfluit
- La Finette et Le Danseur, 1987,  voor alt- of basblokfluit

- Turtle Tunes, 1994, 8 stukken voor sopraan- alt- en tenorblokfluit solo

- More Turtle Tunes, 1996, 8  nieuwe stukken voor sopraan- alt- en tenorblokfluit solo

- It`s summertime , 1998, voor altblokfluit, basblokfluit en slagwerk ad libitum

- Sechs Fantasien voor sopraan- of  tenorblokfluit solo in "oude stijl", 2003

- How I love you, sweet Folia! voor tenorblokfluit

- La petite etude voor tenorblokfluit

- Once there was a child voor altblokfluit

blokfluit met begeleiding

- 3 Canzonen voor sopraanblokfluit en basso continuo.
- Red Gardens Roses, 1994, voor altblokfluit en piano

- Once there was a child voor altblokfluit en klavecimbel

- Sonate voor blokfluit en piano, 2008.

blokfluit duo

- A due

- Bixler Beat voor sopraan- of tenor- en basblokfluit     

blokfluittrio
- Concerto F grote terts voor 3 altblokfluiten
- Suitte en trio, 1994

- Ciacona, 1995

- Les Barricades voor 3 altblokfluiten

blokfluitkwartet

- Lamento, 1986 

- Ricercar, 1988

- Doornroosje, 1989

- Tanto-Quanto, 1993        

- Farben, 1998

- Kaleidoscope, 1998, vijf stukken voor blokfluitkwartet

- Präludium und Fuge, 1999

- Indian Summer, 2002

- Rush voor 4 altblokfluiten, 2010               

- Drei Melodien, 1998 

- Rondeau 

- Adagio

blokfluitkwintet

- Oi dortn, voor blokfluitkwintet A,T,B,Gb,Cb, naar een Jiddisch liefdeslied, 2013

blokfluitorkest

- Ten Times Tenor, 2004, voor 10 tenorblokfluiten     

 - A Sea in the Pond, 2013, voor 9 blokfluiten (1 tenor, 4 bassen, 2 grootbassen c, 2 grootbassen F)   

studiewerk

- Blockflöte & Improvisation, 2005, omvattend studiewerk om op blokfluit te improviseren

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Matthias Maute klik hier    

 

Chiel Meijering (*Amsterdam, 15 juni 1954) ging ná de middelbare school naar het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam en studeerde daar compositie, piano en slagwerk.  Gitaar leerde hij zchzelf en compositieles had hij van Ton de Leeuw.

Chiel Meijering componeerde meer dan 1000 werken waarvan 88 voor blokfluit:

- Een paard met 5 poten, 1982, gereviseerd 1984, voor blokfluitkwartet
- Sitting ducks, 1991, voor blokfluitkwartet

- Danger of being swallowed, 1995, blokfluitkwartet en strijkkwintet
- Trekhaak, 1998, voor 4 Paetzold grootbasblokfluiten (F/C/C/F)
- How do we get up there?, 1998 voor blokfluitkwartet
- A day in the life of a Wookie-Wookie, 1999, voor 13 blokfluiten, klavecimbel en contrabas

- Überhappy, 1999 voor altblokfluit en piano
- Cybergirls go extreme, 2002 voor blokfluitkwartet en tape
- Ludwig auf Freiersfüssen, 2003voor tenorblokfluit en strijkkwartet
- Moiré
, 2003, voor 12 blokfluiten
- Pet rescue, 2003, 10-delig werk voor blokfluitkwartet
- Mara und das merkwürdige Meer, 2005, suite voor blokfluitkwartet
- Harde puntjes
, 2005, voor blokfluitkwartet en strijkkwartet

- Pick and mix, 2007 voor 2 blokfluiten en tape

- Please tell me more, 2007 sopraanblokfluit en piano

- A straw in the wind, 2007, voor tenorblokfluit en piano

- Game of love, 2007, voor altblokfluit en piano

- Gretchen’s Haus, 2007, voor blokfluit, piano, altviool en cello
- Es war einmal ein König, 2007, voor 2 blokfluiten, piano, altviool en cello

- When the cock crowed his warning, 2007, voor 2 blokfluiten, piano, altviool en cello

- The journey has just begun, 2007,  voor 2 blokfluiten, piano, altviool en cello

- Dreams, 2007, voor 2 blokfluiten, piano, altviool en cello

- Cortège, 2008, voor orgel en soloinstrument (bijvoorbeeld blokfluit)

- The house with paper walls, 2008, voor blokfluit en piano

- Aliens tonight,  2010, voor blokfluitkwartet

- Buttons and magic holes, 2010 voor accordeon en blokfluit

- Cruiser voor twee blokfluiten, altviool, cello en piano.
- Danzai,  2011, voor blokfluit, panfluit, accordeon, altviool en percussie 
- It comes in different sizes, 2011, voor blokfluit en piano

- Spring will be great, 2011, voor  blokfluitkwartet

- Once in a while the moon turns blue, 2011, voor blokfluittrio

- My Final Fantasy, 2011, voor 2 sopranen, 1 alt, 1 tenor, 2 bassetten, 2 c-grootbassen, 1 F-grootbas

- The Sleep of the Apples,  2011, voor 2 sopranen, 1 alt, 1 tenor, 2 bassetten, 2 c-grootbassen, 1 F-grootbas

- The eagle flies, 2012,  voor Eagle-blokfluit en piano

- The Sleep of the apples voor blokfluitorkest, 2012

- Beyoncé voor 2 blokfluiten, viool, cello en piano, 2012

- The Voice Of The Eagle voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Soprano's Lament voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Concert of broken flutes Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- On eagles wing voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Rock that flute voor Strijkorkest + Eagleblokfluit, 2012

- Now ! voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Salute voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Twilight Visions voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Eagles commonly fly alone voor Strijkorkest + Eagleblokfluit, 2012

- Another Magic Flute voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- The Pied Piper voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Melancholetta voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Nights in Amsterdam voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Angels' gaze voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- Andiamo for Eagle voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2012

- The price of happiness voor Eagleblokfluit en piano, 2013

- The witches broom voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- In the happyest, the darkest voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- The mask painted white voor Strijkorkest + Eagleblokfluit, 2013

- Ostinato voor Strijkorkest + Eagleblokfluit, 2013

- Let's get lostvoor Strijkorkest + Eagleblokfluit, 2013

- Blom voor Strijkorkest + Eagleblokfluit, 2013

- Pentatonic Insomnia voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- Stockholm Riots voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- Another World voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- So Many Questions voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- Morning mist in Bergen voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- Sweet and Crazy voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2013

- Minimal Extravaganza for Eagle-recorder en piano, 2014

- Pick up your troubles voor blokfluitkwartet, 2014

- The Music-grinders voor blokfluitkwartet, 2014

- Candybox (= Caixa de Dolcos) (3'21) bewerking 2 blokfluiten, viool, cello en piano, 2014

- Talking to Ludwig (18'21) voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Dubbelconcert voor 2 Eagle blokfluiten, alt/soprano en strijkorkerst, 2014

- Fading into Shadows voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- The Eagle’s Sky voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Folk song fiesta voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Blues Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Lamentations of a fallen angel voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Just what? voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Angels are fun voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- The 3d paradise voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Dizzyness of freedom voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2014

- Saga (19'00), 2voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015 
- Postcard Nostalgia voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015 

- The French Boudoir voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015
- Sultry voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015
- Sorry, no results were found voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015
- The Romantic Dreamer voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015
- Still the Stones Stand voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015
- When the Party is Over + 1 percussion player voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt)), 2015
- Happy and Free voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt),voor Strijkorkest + Eagleblokfluit (alt), 2015

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Chiel Meijering klik hier

 

Een verhaal apart is Winfried Michel, (*1948 in Fulda),  leerling van Ingetraud Drescher ( in Kassel), Nikolaus Delius en  Frans Brüggen. Docent aan de Staatliche Hochschule für Musik Münster en aan de Musikakademie Kassel.
Dat hij een begaafd componist is, bewees hij met zijn clavecimbelcompositie "Aceto e vino", waarvoor hij in 1991 in Parijs de "Coupe d'Ile de france"ontving. Werkt als componist en heruitgever voor Amadeus, Ricordi en Mieroprint.
Onder de naam Giovanni Paolo Simonetti publiceert hij bij uitgeverij Amadeus barokke muziek voor blokfluit in allerlei combinaties. Daarbij leidt hij gerenommeerde muziekkenners voortreffelijk om de tuin. Zo werden zijn blokfluitsonates al eens in een radioprogramma barokke muziek door de NCRV uitgezonden en werden zijn concerten in een standaardwerk abusievelijk vermeld (Ingo Gronefeld: Flötenkonzerte bis 1850: ein thematisches verzeichnis, Tutzing 1992-1995, Hans Schneider)

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Winfried Michel klik hier

 

Willem Wander van Nieuwkerk (*Amsterdam 19 februari 1955) sepcialiseerde zich aan de Universiteit van Utrecht  in muziek van de 20ste eeuw en muziekpsychologie, daarna ging hij al snel hoofdzakelijk muziek schrijven. Willem Wander van Nieuwkerk is docent Muziekgeschiedenis van de 20ste eeuw en Nieuwe Muziek aan het Conservatorium van Amsterdam.

Willem Wander van Nieuwkerk componeerde 17 werken voor blokfluiten:

- Blokken, 1989, voor mezzosopraan, renaissance blokfluiten, (SS, S, A (in g), T, B, Cb, één speler), twee maal percussie, tape

- Kadanza, 1989, voor renaissance - blokfluiten STB

- The Party, 1991, voor Blokfluiten SATB/SATB

- Quartet, 1991, voor  Renaissance blokfluiten ATBB
- Intro, 1992, voor 2 blokfluiten

- Bye bye, blues (C-U, Jesus), 1993, voor Renaissance blokfluiten ATB

- Voci, voci, 1994, voor tenorblokfluit

- Groeten uit zee (een muzikale vertelling), 1996, voor verteller / zanger(es), 4 blokfluiten, harp

- Theatre Tango, 1996, voor vier blokfluiten ATBB

- The Water-Call, 1999, voor blokfluiten SSATBB, harp (of 2 gitaren)

- Catch (an Angel), 2006,  voor blokfluiten SAAT

- Over het water, 2007, voor tenorblokfluit en piano

- Recorders Without Borders, 2007, voor blokfluiten A(A,T)T(T,B)BB

- Van Heinde en Verre, 2008, voor carillon en blokfluitist op afstand (blokfluiten A, S en SS)

- Stamping Ground (for Angels), 2011, voor SATB

- Ludwig was here (wasn't he)..., 2012  voor altblokfluit en piano

- The Bridal Kiss, 2012 voor blokfluitkwartet T-T-B-GB

De werken zijn voor een groot deel opgenomen op de CD Kadanza bij Globe (GLO 5261)

Voor een uitgebreide beschrijving zie de website www.vannieuwkerk.info

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Willem Wander van Nieuwkerk klik hier

 

James (Jacques) Paisible (Peasable)\(Versailles?, Frankrijk, omstreeks 1656 – Londen, Engeland, augustus 1721), kwam in september 1673 uit Frankrijk naar Londen als één van de vier hoboïsten die operacomponist Robert Cambert begeleidden bij zijn overstap van Frankrijk naar Engeland. Hij had driedelige hoogbarokke blokfluiten bijz ich, een type dat in Engeland nog helemaal niet voorkwam en die in Engeland grote indruk maakten.

Hij trouwde in 1682 met Mary “Moll” Davis, zangeres en voormalig minnares van Koning Karel II.  Hij voorzag in zijn onderhoud door contrabas te spelen en theatermuziek te componeren.  Jacques Paisible oogste grote bewondering als virtuoos blokfluitist. De meeste van zijn bewaard gebleven composities zijn dan ook voor combinaties met blokfluit.

James Paisible componeerde voor blokfluit

- „The Complete Flute-Master'', 1695

- „Mr. Isaak's New Dances Master for her Majesty's Birthday“, 1704

- 13 Sonaten voor blokfluit en basso continuo, uit het manuscript in Parijse Nationale Bibliotheek Rés. Vma. ms. 700, Solo's  By Mr Paisible

+ Sonate I in D grote terts

+ Sonate II in Es grote terts

+ Sonate III in Bes grote terts

+ Sonate IV in d kleine terts

+ Sonate V in g kleine terts

+ Sonate VI in d kleine terts

+ Sonate VII in e kleine terts

+ Sonate VIII in c kleine terts

+ Sonate IX in Bes grote terts

+ Sonate X in F grote terts

+ Sonate XI in d kleine terts

+ Sonate XII in F grote terts

+ Sonate XIII in C grote terts

4 Suites voor blokfluit en basso continuo, uit het manuscript in Parijse Nationale Bibliotheek Rés. Vma. ms. 700, Solo's  By Mr Paisible

+ Vale Royall XIV in a kleine terts

+ Sonatina XV in e kleine terts

+ Suite XVI in a kleine terts

+ Suite XIX in F grote terts

- 4 Suites „Six Setts of Aires“ voor 2 blokfluiten en basso continuo, opus 2, 1720, 6 suites

- „Six Setts of Aires“ voor 2 blokfluiten en basso continuo, opus 2, 1720, 6 suites

+ Suite I in F grote terts

+ Suite II in d kleine terts

+ Suite IV in c kleine terts

+ Suite VI in Bes grote terts

- 6 duetten voor twee altblokfluiten, opus 1, 1702

+ Duet I in d kleine terts

+ Duet II in F grote terts

+ Duet IV in g kleine terts

+ Duet V in C grote terts

- 2 Duetten voor twee altblokfluiten uit het manuscript in Parijse Nationale Bibliotheek Rés. Vma. ms. 700, Solo's  By Mr Paisible

+ Sonate XVII in F grote terts

+ Sonate XVIII in Bes grote terts

- 1 sonate voor 4 altblokfluiten en basso continuo, auteurschap is omstreden

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van James Paisible klik hier

 

Johann Christoph Pepusch (Berlijn, Duitsland, 1667 – Londen, 20 juli 1752) was de zoon van een protestantse predikant en kreeg muzieklessen van de cantor van de Mariakerk in Berlijn,  Martin Klingenberg, en de organist van de Sankt Petrikerk, Grosse. Op 14-jarige leeftijd kreeg hij een betrekking aan het Pruisische hof, via een zangeres, die hij op harp begeleidde en die hem daar aanbevolen had. Rond 1700 kwam hij via Nederland enige tijd ná september 1697 in Londen terecht, waar hij de rest van zijn leven zou blijven.  Zijn bekendste en beroemdste werk is The Beggar’s Opera 1728, een operaparodie, geschreven door John Gay.  The Beggar's opera was een reactie op de toenemende invloed van de Italiaanse opera en met name gericht op Georg Friedrich Händel. Behalve een persiflage op de Italiaanse opera gaf het ook de mogelijkheid door satirische teksten, kritiek te leveren op het corrupte bestuur van de eerste minister Sir Robert Walpole. Ook verschenen er voor het eerst gewone mensen op het toneel. The beggar’s opera  vormde voor Bertolt Brecht en Kurt Weill de inspiratiebron voor hun Dreigroschenoper uit 1928.

Johann Christoph Pepusch schreef nogal wat voor blokfluiten:

- zes sonaten voor sopraanblokfluit en basso continuo, bij Noetzel in 1961 uitgegeven, maar volgens mij typisch hobosonaten. Kn daar geen verdere informatie over vinden

- zes sonaten voor altblokfluit en basso continuo, opus 1

- zes sonaten voot altblokfluit en basso continuo, opus 2

- zes triosonaten voor altblokfuit, viool of hobo en basso continuo

- zes concerti, opus 8,  voor twee altblokfuiten, twee traverso's en basso continuo

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Johann Christoph Pepusch klik hier

 

Henry Purcell (omstreeks 1659 - 1695) gebruikt de blokfluit wanneer de muziek een bovennatuurlijk, ceremonieel of religieus karakter moet hebben, maar ook wanneer ze amoureus, pastoraal of moet zijn of rust moet verbeelden. En om vogeltjes te imiteren.

Henry Purcell schreef een aantal semi-opera's waarin zich uitgebreide blokfluitpartijen bevinden:

- The Prohtess, or The History of Dioclesian (1690) met het beroemde Two in One upon a ground;

- King Arthur (1691)

- The Fairy Queen  (1692)

- The  Indian Queen (1695)

De blokfluitpartijen werden door de hoboïsten van het orkest gespeeld.

Purcels beroemde

- Three parts upon a ground stond oorspronkelijk in F-groot (Recorder Magazine, Jg. 21 a, Nr. 3 , blz 97-98).  De onderste stem van de drie ontstaat door het achterstevoren spelen van de bovenstem, en de middenstem is een drie slagen verschoven omkering van de bovenstem. Het stuk is in 1678 geschreven. Recorder Magazine, Jg. 21 a, Nr. 2, blz 49-52; Early Music, Jg.29, nr. 2. blz.251-261; Early Music, Jg.37, nr. 3. blz.445-466;

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Henry Purcell klik hier

 

Johan Joachim Quantz  (Oberscheden bij Göttingen, 30 januari 1697 – Potsdam, 12 juli 1773) schreef een beroemde

- triosonate in C-groot voor blokfluit, fluit en basso continuo, die achteraf misschien toch wel van Telemann is en een

- triosonate in C-groot voor blokfluit, viool en basso continuo die vermoedelijk van Johann Adolph Hasse is.

Er werd nogal eens wat door elkaar gehaald vroeger (Horst Augsbach: Quantz-Werkverzeichnis, Carus-Verlag, Stuttgart 1997)

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Johann Joachim Quantz klik hier

 

Allan Rosenheck (*New York City,  12 oktober 1938) studeerde aan de Juilliard School of Music en de "The High School of  Music and Art". Daarna studeerde Allan Rosenheck  voor Elektro-Ingenieur aan de City College van New York en de New York Universiteit. Tot zijn pensionering werkte hij in de Elektro-Akustik: luidspreker en microfoonontwikkeling, geluidsversterkingssytemen en vermindering van geluidshinder. Als instrumentalist speelde Allen Rosenheck hoofdzakelijk altviool en piano. Sins 1972 woont Allan Rosenheck in Zwitserland.

Allan Rosenheck componeerde 44 werken voor bloklfuiten:

- Party Time, 10 miniaturen voor 3 blokfluiten  (S-S-A oder A-A-T)
- Songs and Dances American Style voor (S-A-T oder A-T-B)
- Die Wundertüte 10 kleurrijke dingetjes voor 1 tot 4 blokfluiten 
- Impressionen aus New York voor blokfluitkwartet
- Bananas voor blokfluitkwintet
- Christmas in New York voor blokfluitkwartet
- Special People voor 3 blokfluiten (A-T-B)
- Miniaturen, 6 gemakkelijke stukken voor altblokfluit en piano
- Greifensee-Greifensee! voor blokfluit(dubbel)kwartet

- Rosenheckenrosen voor blokfluitensemble 
- Morning Dance voor 2 altblokfluiten en piano
- A Little Fun Passacaglia voor altblokfluit en piano

- Nachtigall, solostuk voor altblokfuit
- Mini-Quatsch, 11 kleine Duos voor 2 sopraanblokfluiten (

- Das Hemd des Zufriedenen, Een modern Sprookje naar Wilhelm Busch voor blokfluitkwartet en Spreker
- Memories 11 korte stukjes voor blokfluitkwartet

- 2 Konzertstücke voor altblokfluit en piano
- Music Box voor blokfluit- of Gemshoorn-Quartett

- Kloster-Suite voor blokfluitkwartet, 2006
- Klezmer-Fantasie voor blokfluitkwartet en slagwerk, 2006

- Klezmer-Fantasie voor sopraan- en altblokfluit met piano, 2006
- Lotti's Day 5 stukjes voor blokfluitkwartet
- Ein Tag in Hamburg 6 stukjes voor blokfluitkwartet
- Just Fun 5 stukjes voor blokfluitkwartet
- Sentimento 5 stukjes voor blokfluitkwartet, 2010
- Die Wenerflöte Musical voor spreker, blokfluitensemble en piano
- American Souvenirs 3 stukjes voor blokfluitensemble met slagwerk en/of Gitaar
- Impressionen aus einer Musikwoche 5 stukjes voor blokfluitkwartet, 2010 

- Wildwest-Suite voor blokfluitkwartett en slagwerk- Suite en miniature/Aus New Orleans voor blokfluitkwartet

- Fünf Weltstädte voor blokfluitkwartet

- Relda (het koninkrijk van de adelaars), een muzikaal sprookje voor blokfluitensemble (SATB, grootbas ad libitum) en spreker, 2011

- Gesucht (Een blokfluitdetective) voor blokfluitkwartet/ensemble en spreker 

- Allerlei 4 stukjes voor blokfluitkwartett, 2 stukjes voor altblokfluit solo
- Der Mond ist aufgegangen 3 kerkliederen gevarieerd  voor blokfluitkwartet
- 4 Seasons plus 1, 5 stukjes voor blokfluitkwartet
- Just a Tango and more,  5 gemakkelijke stukjes voor blokfluittrio, 2013, mix van humor, jazz en Broadway, vermakelijk.

- ALPHORN-Suite, American Style, voor Alpenhoorn solo en blokfluitensemble, 2014

- California-Suite voor blokfuitorkest

- 5 Temperamente, 5 stukken voor blokfluitkwartet, 2015

- Los Angeles, ein Vielvölkerstadt, 5 stukken voor blokfluitkwintet, 2015

- Schweiz retour, Ein heiterer Reisebericht über fünf Stationen, musical voor twee zangstemmen, spreker, bokfluitensemble en slagwerk

- 3 Stationen, 3 stukken voor blokfluitkwartet

- Rätseltiere, 7 stukken voor blokfluitkwartet

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Allan Rosenheck klik hier

 

Gaston Saux (1885-1969), leerling van César Franck en Vincent d'Indy. Heeft in 1961 bij Schott een

- Quartet in F uitgegeven, opgedragen aan "Jean Henry and the Society of Recorder Players".

Daarnaast is nog een kwartet van hem  bij Schott uitgegeven en heeft hij nogal wat andere werken geschreven, waarbij blokfluiten betrokken zijn. Veel daarvan is nooit gepubliceerd. Omdat zijn werk de geest van de Franse laatromantiek ademt, is het door de generatie van avant-gardisten met dédain bezien en vandaar in de vergetelheid geraakt.

 

Urs Peter Schneider (geb. 1939) werd in 1983 overgehaald door  blokfluitist Conrad Steinman om een stuk te componeren voor tweehonderd blokfluiten. Het werd de compostitie

- Häresie, onder leiding van Conrad  Steinmann vier keer in diverse plaatsen in Zwitserland uitgevoerd, en daarna nooit meer ergens, zoals dat gaat met moderne composities. Totdat in 2004 (20 jaar later!) onder leiding van Lilian van Haußen sudenten, docenten, muziekamateurs, muziekschooldocenten met hun leerlingen werden gemobiliseerd voor een uitvoering in Bremen. Volgens de aanwezigen goed gelukte wonderbloem.

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Urs Peter Schneider klik hier

 

Johann Christian Schickhardt (Brunswijk, Duitsland, omstreeks 1682 – Leiden, 25 maart 1762) kreeg zijn muzikale opleiding aan het hof van Braunschweig-Wolfenbüttel. In het begin van de 18de eeuw werkte Johann Christian Schickhardt voor de Friese Oranjes in Nederland: Henriëtte Amalia van Anhalt-Dessau, weduwe van vorst Henry Casimir II van Naussu Dietz, en haar zoon stadhouder Johan William Friso, Prins van Oranje. Vanaf ongeveer 1710 leefde Johann Christian Schickhardt in Hamburg. In 1745 is er een vermelding "1745 nov, 18, Johan Christiaan Schickhart, Brunsvicensis, Musicus. 63" in het Album studiosorum van de Universiteit van Leiden. Daar leiden we zijn geboortejaar en plaats uit af.

Johann Christian Schickhardt componeerde voor blokfluit

- 6 sonatas voor altblokfluit en basso continuo, opus 1, 1709, Sonates in C, d, e, b, F, en g

- 6 sonatas voor altblokfluit en basso continuo, opus 3, 1709, Sonates in C, d, F, a, e, en F

- 6 sonatas voor 2 altblokfluiten en basso continuo, opus 4, 1710, verloren gegaan

- 6 sonates voor altblokfluit. twee hobo’s, gamba en basso continuo, opus 5, 1710,  Sonates in C, D, F, g, c en d

- 6 sonatas voor 2 altblokfluiten en basso continuo, opus 6, 1710, Sonates in d, e, C, F, F, en d

- 6 sonatas voor 2 altblokfluiten en basso continuo, opus 9, 1711, Sonates in C, d, F, a, Bes en G

- Blokfluitmethode, opus 12, 1711, met 42 Airs voor twee blokfluiten

- 6 sonates voor altblokfluit. hobo’ of viool, gamba en basso continuo, opus 14, 1711,  Sonates in g, C, G, c, d en Bes

- 12 sonatas voor 2 altblokfluiten en basso continuo, opus 16, 1711, Sonates in d, C, F, Bes, g, F, c, a, G, e, Bes en C

- 12 sonatas voor altblokfluit en basso continuo, opus 17, 1714, Sonates in G d, a, C, Bes, C, g, F, g, F, f en a

- 146 airs voor altblokfluit, opus 18, 1716

- 6 concerto's voor vier altblokfuiten en basso continuo, opus 19, 1714, Concerto's in C, d, G, F, e en c

- Airs spirituels des Luthériens voor twee altblokfluiten en basso continuo, opus 21, 1715, verloren gegaan

- 6 sonates voor 2 altblokfluiten, hobo en basso continuo, opus 22, 1717,  Sonates in F, D, c, G, d en a

- 12 sonatas voor altblokfluit en basso continuo, opus 23, 1719, Sonates in c, C, F, d, G, g, c, g, a, D, e en A

- 6 sonatas voor altblokfluit en basso continuo, opus 24, 1723, verloren gegaan

- 6 sonatas voor 2 altblokfluiten, opus 26, 1727, verloren gegaan

- L'Alphabet de la musique, 24 sonatas voor , fluit of viool of altblokfluit en basso continuo, opus 30, 1735 in alle grote en kleine terts toonaarden

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Johann Christian Schickhardt klik hier

 

Een of andere geheimzinnige A.H. Schultzen heeft bij Estienne Roger in 1704

- zes virtuoze blokfluitsonates uitgegeven (Editions Papillon, Drize/CH 1998).

Barbara Heidlmeier en ensemble Ninfea kiezen voor Andreas Heinrich Schulze, 1681 in Braunschweig geboren en vanaf 1706 organist in Hildesheim, maar dat is volstrekt hypothetisch. Ze hebben de sonates wel mooi op CD gezet: Raumklang, 2015, RK 3402.

 

Glen Shannon (*Buffalo, New York, Verenigde Staten, 1966) was de derde van vijf kinderen. Zijn zus Tammy is een uitstekende gitariste en zijn broer Sean professioneel slagwerker.  componeert vanaf zijn. Glenn Shannon leerde als kind alle orgelwerken van Bach uit zijn hoofd en begon op zijn twaalfde jaar in Bachs’ contrapuntstijl te componeren. Hij volgde muziektheorie aan de Cornell Universiteit. Zijn muziek wordt door zijn eigen uitgeverij: Glenn Shannon Music gepubliceerd. 

www.glenshannonmusic.com

Glen Shannon componeerde:

- 1 werk voor blokfluitorkest

- 4 werken voor blokfluiten en andere instrumenten

- 1 blokfluitseptet

- 1 blokfluitsextet

- 3 blokfluitkwintetten

+ Zara Zote, voor 5 instrumenten of zangstemmen, 2008

- 11 blokfluitkwartetten

+ French Sweets, 2008

+ The Bloomberg Codex, 2009, geïnspirereerd op cantates van Bach en Telemann

+ Frietjes, 2013

- 1 blokfluittrio

- 24 blokfluitduetten in 8 delen voor alle denkbare blokfluitcombinaties (SS, SA, ST, AA, AT, SB, AB, TB)

+ Shannon Duos Vol. 2, drie duetten voor sopraan- en altblokfluit

+ Shannon Duos Vol. 5, drie duetten voor alt- en tenorblokfluit, 2010

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Glen Shannon klik hier

www.glenshannonmusic.com

 

Sören Sieg  (*Elmshorn, Duitsland,  1 november 1966) ist de zoon van docent, schrijver en satiricus Wolfgang Sieg en blokfluitdocente Elisabeth Sieg. Sören Sieg leerde al jong blokfluit, viool, gitaar, saxofoon, trompet en slagwerk spelen en begon ook al jong met het schrijven van verhalen. Vanaf zijn middelbare schooltijd en daarna trad hij veel op als saxofonist, vooral met pianist Ronald Poelman en componeerde vaak zijn eigen werken

Van 1991 tot 1996 studeerde hij piano, compositie en slagwerk aan de Hochschule für Musik und Theater in Hamburg.

Sören Sieg componeerde voor blokfluiten 18 werken:

- Djaboué, Afrikaanse Suite nr.1, 1991, gereviseerde versie, 2013

- Pina Ya Phala - Afrikaanse Suite 2 voor blokfluittrio ATB, 1995

- Suite grotèsque, voor blokfluittrio ATB, TBB und AAT, 1996

- Celebration, voor 12 blokfluiten PSSAATTBBGGK, 2003, bewerking voor blokfluitsextet SAATTB, 2013

- Mavumo Ya Uana - Afrikaanse Suite 3 voor blokfluitkwartet ATTB, 2003

- Vitambo vya moyo, Afrikaanse Suite nr.4, voor blokfluitkwintet ATTBG, 2008,
- Umlanjana, 20 Afrikaanse duetten, voor blokfluitduo,  2013. 

- Suite sentimentale, voor blokfluittrio ATB, 2013

-16 Variationen über eine irische Jig, voor blokfluitkwintet ATTBG, 2013
- Kunjani, Afrikaanse Suite nr. 5, voor blokfluitkwartet ATTB, 2014

- Ajo Oloyin,  Afrikaanse Suite nr. 6, voor negen blokfluiten, 2014- Canarie,  12 variaties over een oud Nederlands danswijsje voor blokfluittrio, waarbij alle blokfluitvormen van sopranino tot Grootbas in F worden voorgeschreven. 2015, Gebaseerd op de Canarie van luitist/componist Joachim van den Hove (1567 - 1620)

- Wakati njema, Afrikaanse Suite nr. 15, voor blokfluitkwartet, 2014- Umculo wamanzi, (water muziek) voor blokfluitorkest

- Inxaxheba, Afrikaanse Suite nr. 16, voor blokfluitkwartet, 2015

- Siku njema, voor blokfluit solo en blokfluitorkest, 2015

- Njagala Nnyimba, Afrikaanse Suite nr. 17, voor blokfluitkwintet, 2016

- Journey to Jinja, concertstuk voor blokfluitkwartet en blokf;uitorkest, 2016

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Sören Sieg klik hier

www.soerensieg.de

 

Hans Ulrich Staeps  (Dortmund, 23 juni 1909 - 1988) was  hoofddocent aan het Conservatorium  in Wenen, waar hij was belast met de klassen voor blokfluit, klavecimbel en moderne muziektheorie. Hij componeerde opera’s, cantates en 45 kamermuziekwerken voor elke mogelijke combinatie met blokfluiten, waaronder:

- 4 studiewerken

+ Das tägliche Pensum, 1956, voor altblokfluit

+ Tonfiguren, Übungen im chromatischen Raum, 1970, voor altblokfluit

- 9 werken voor blokfluit en piano

+ sonate in c kleine terts voor altblokfluit en piano

- 1 werk voor twee blokfluiten: Reihe kleiner Duette, 1950

- 5 werken voor 3 blokfluiten

- 4 werken voor 4 blokfluiten

- 1 werk voor 5 blokfluiten

- 1 werk voor zes blokfluiten

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Hans Ulrich Staeps klik hier

 

Karel van Steenhoven (*Voorburg, 1958) studeerde blokfluit bij Kees Boeke aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam en compositie bij Robert Heppener en Tristan Keuris. In 1978 was hij medeoprichter van het Amsterdam Loeki Stardust Quartet waarmee hij wereldwijd concerteerde. In 1995 werd Karel van Steenhoven docent blokfluit aan de Hochschule für Musik Karlsruhe. Sinds 2008 is Van Steenhoven als componist verbonden aan Schott Verlag.

Karel van Steenhoven componeerde 13 werken voor blokfluiten:

- Stil Gevaar (blokfluitkwartet), 1982, gereviseed in 2008

- Wolken (blokfluitkwartet)

- La Chanteuse et le Bois Sauvage (blokfluitkwartet)

- Siri (blokfluitsolo)

- Tegenwind (blokfluitsolo en Ventilator)

- Nachtzang (blokfluit en hoge zangstem)

- The Fugitive (blokfluitkwartet), 2002

- Waves and Wrinkles, 1988 (12 blokfluiten)

- Where Eagles Dare (voor twee blokfluiten en saxofoon), 2010

- 7 Minimal Preludes (blokfluitsolo, alt- of tenorblokfluit), 2009

- Breath Machines, 2012 (duetten)

- Etuden voor de Eagle Alt, 2012

- A Musical Journey voor 2 sopraanblokfluiten, 2012

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Karel van Steenhoven klik hier

 

Igor Stravinsky (Oranienbaum, nu Lomonosov, Rusland, 17 juni 1882 – New York, 6 april 1971) schreef één stukje voor blokfluiten. In de zomer van 1960 besloot Stravinsky zijn bibliotheek in zijn huis aan de 1265 North Wetherly Drive opnieuw in te richten. Een vriend beval hem twee jonge architecten aan, man en vrouw, die ook nog nog muziekliefhebbers en blokfluitspelers waren. Toen de nieuwe kamer klaar en opgeleverd was, wilde het jonge paar inplaats van geld, liever een blokfluitduet. Strawin sky bewerkte voor hen het Wiegelied uit de opera "The Rake's Progress". De

- "Lullaby from "The Rake's Progress", Recomposed for two Recorders" werd uitgegeven bij Boosey & Hawkes" (artikel van Nik Tarasov; Windkanal 2006-1).

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Igor Stravinsky klik hier

 

Georg Philipp Telemann (1681 - 1761) speelde zelf goed altblokfluit en laat het instrument in veel van zijn werken een uitgesproken rol spelen (Nik Tarasov: Windkanal 2005/2) 

Georg Philipp Telemann componeerde voor blokfluiten

- 6 sonates sans basse, TWV 40:101-106; uitdrukkelijk ook voor twee blokfluiten

- 11  sonates voor altblokfluit en basso continuo, waarvan 2 "Harrach sonates": sonatina in c kleine terts en sonatine in a kleine terts; van de "Harrach soantes" is de originaliteit onduidelijk

- trio voor blokfluit, diskantgamba en continuo, TWV 42: C2, een strenge Canon door alle vier delen

- triosonate voor blokfluit, hobo en continuo 42:c2

- triosonate voor blokfluit, viool en continuo 42:d10

- triosonate voor blokfluit (traverso?), hobo en continuo 42:F9

- triosonate voor blokfluit, hobo en continuo 42:F15

- trio voor blokfluit, diskantgamba en continuo, TWV 42: d7

- Concert voor blokfluit, hobo, viool en basso continuo, TWV 43:a3, een van Telemanns' beste werken, met een strenge tripelfuga in het tweede deel.

- Concerto da camera in g kleine terts, voor blokfluit, twee violen en basso continu, TWV 43: g 3; "franse" kamermuziek;

- Kwartet voor blokfluit, viool, altviool en basso continuo, TWV 43: g4

- Kwartet voor blokfluit, hobo, viool en basso continuo, TWV 43: G6

- concerto da camera voor 2 blokfluiten, 2 hobo's, 2 violen en basso continuo in F grote terts, TWV 44: 41

- concerto da camera voor 2 blokfluiten, 2 hobo's, 2 violen en basso continuo in a kleine terts, TWV 44: 42

- blokfluitconcert in C grote terts, TWV 51:C1, sleutelwerk  van de hoogbarokke concertmuziek voor blokfluit, 1725-1730;

- blokfluitconcert in F grote terts, TWV 51:F1, stijlzuiver Italiaans concert;

- "Harrach-Konzert voor blokfluit, 2 violen, altviool en basso continuo in g kleine terts, in 2010 ontdekt in de nalatenschap van de adelijke Oostenrijkse familie Harrach originaliteit onduidelijk

- concerto voor blokfluit, viola da gamba, strijkers en basso continuo in a kleine terts, TWV 52:a1 manuscript omstreeks 1750 gecomponeerd ná 1725.

- concerto voor blokfluit, viola da gamba, (cornetto, hobo, drie trombones) strijkers en basso continuo in a kleine terts, TWV 50:3, ná 1725

- Concert voor traverso, blokfluit en strijkers, TWV 52:e1, bekendste en geliefdste van alle Telemannconcerten

- Concerto voor blokfluit, fagot, strijkers en basso continuo in F grote terts, TWV 52:F1

- Concerto voor 2 blokfluiten en strijkers, TWV 52:a2

- Concerto voor 2 blokfluiten en strijkers, TWV 52:B1

- concerto voor 2 blokfluiten, 2 hobo's, strijkers en basso continuo, TWV 54: B2

- suite in f kleine terts voor 2 altblokfluiten, strijkers en continuo, TWV 55:f1

- suite in a kleine terts voor blokfluit, strijkers en continuo, TWV 55:a2

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Georg Philipp Telemann klik hier

 

Robert Valentine (Leicester, omstreeks 1671 – Rome, 26 mei 1747), muzikant en een van de productiefste blokfluitcomponisten aller tijden. Hij werd gedoopt op 16 januari 1674 in Leicester, Engeland, heeft carrière gemaakt in Italië. Daar trouwde hij in Rome op 22 september 1701 met de 19-jarige Giulia Belatti. Met haar woonde hij in S. Andrea delle Fratte. Ze kregen negen kinderen, waarvan er vijf vroeg stierven. Robert stierf 26 mei 1747, op 76 jarige leeftijd, 12 dagen nadat zijn vrouw was overleden. (Cecilia Lapriore, Novova rivista musicale italiana 30, nr.1-2, 1996)

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Robert Valentine klik hier

 

Heida Vissing  (Duitsland, 1964) studeerde blokfluit bij Konrad Hünteler in Münster, Walter van Hauwe in Amsterdam en  Han Tol aan de Akademie für Alte Musik Bremen. Heida Vissing ontwikkelde zich tot een veelgevragde docente. Daarnaast schreef zij voor de blokfluitvaktijdschriften „TIBIA“, en  „Windkanal“. Heida Vissing  richtte in 2001 uitgeverij Edition Tre Fontane op, speciaaluitgeverij voor blokfluitmuziek.

Heida Vissing componeerde

10 werken voor blokfluiten.

!Und nu? – Hexentanz & Co, voor 3 blokfluiten SAT (B)

Die Uhrmacherin voor altblokfluit

Der Druckfehler voor altblokfluit

Achtung! Rutschgefahr!  voor bas- of altblokfluit, 2015

Auf der Flucht, duet voor  alt en basblokfluit

Mondnacht, voor sopraan, alt en tenor

Walking along the street voor sopraan, alt en tenor

Der Bücherwurm  voor vier blokfluiten naar keuze

Der Leiermann voor blokfluitkwartet SATB

The Cream Pot voor 3 tot 5 blokfluiten SATB, 2014

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Heida Vissing klik hier

 
Antonio Vivaldi (Venetië,4 maart 1678 – Wenen, 27 juli 1741).

Vanaf september 1703 is Vivaldi's aanstelling aan het Ospedale della Pietà gedocumenteerd. Hij werkte er van 1703-1709, 1711-1717 en 1735 - 1740.  Vivaldi's instrumentale werken zijn het resultaat van zijn experimenten met klankkleuren van de talrijke instrumenten die in het orkest van de Pietà bespeeld werken door de begaafde leerlinges.

Het woordje flauto betekent bij Vivaldi altijd blokfluit, doorgaans in f', maar soms ook in g'. Dwarsfluit wordt bij Vivaldi flauto traversier(e), of traversier.  Beide fluitvormen zijn in Vivaldi's werken niet inwisselbaar: blokfluitstukjes moeten op blokfluit gespeeld worden, anders gaat het bedoelde effect absoluut verloren. 

Het woord  flautino betekent in Italië in de 17de eeuw normaal gesproken altblokfluit in G, maar bij de Vivaldi's werken kun je daar geen kant mee op. Als Vivaldi het woord flautino gebruikt, bedoeldt hij een klein blokfuitje, of in c'' (sopraan) of in f'' (sopranino  

De drie Concerti per Flautino van Antonio Vivaldi  (RV 443, 444, 445) zijn met grote waarschijnlijkheid voor sopraanblokfluit of voor flageolet in d’’ geschreven (Winfried Michel: Vivaldi’s konzerte "per Flautino" in ihrer wahren Gestalt. Ein letzter Leseverschuch; Tibia 2/98 pag 10.

Frederico Maria Sardellis (La musica per flauto di Antonio Vivaldi, Studi die musica veneta, Quaderni Vivaldiani 11, Firenze 2001) komt ook op sopraanblokfluit uit.

Dat geldt ook voor het "nieuwe", door Jean Cassignol gereconstrueerde flautino-concert in G-groot RV 312r.

Alle werken van Vivaldi voor blokfluit, die tot nu toe zijn ontdekt en geautoriseerd

Sonaten voor blokfluit  en Basso continuo

- F-Dur RV 52;

- G-Dur RV 806 (Berlijn, pas sinds kort ontdekt, 2008);

- C-Dur RV 809 (Wenen, moet nog een een op authenticiteit beoordeeld worden)

Om "Vivaldi's" 6 sonates opus 13 "Il Pastor fido" is veel te doen geweest.
Het blijkt dat deze, door Jean-Noël Marchand uitgegeven, sonates in werkelijkheid zijn gecomponeerd door de musettespeler Nicolas Chédeville, die voor een betere verkoop van zijn composities de naam van Vivaldi gebruikte. Ironisch genoeg had Chédeville veel meer succes met uitgegeven werken, die onder zijn eigen naam verschenen.
(Philippe Lescat: Il pastor Fido", un oevre de Nicolas Chédeville, Informazioni e studi vivaldiani 11 (1990): 5 - 10).

Sonaten voor 2 instrumenten und B.c.

- Sonata a kleine terts a due voor blokfluit en fagott RV 86.

- Kamerconcerten (Concerten zonder orkest)

- Concerto C grote terts voor blokfluit, hobo, 2 violen en b.c. RV 87;

- Concerto D grote terts Del Gardellino voor blokfluit of viool, hobo of viool, viool, fagot en b.c. RV 90a (Manchester);

- Concerto D grote terts fur blokfluit,viool, fagot of violoncello en b.c. RV 92;

- Concerto D grote terts fur blokfluit, hobo, viool, fagot en b.c. RV 94;

- Concerto D grote terts La pastorella voor blokfluit of viool, hobo of viool, viool, fagot of violoncello en b.c. RV 95;

- Concerto G grote terts voor blokfluit, hobo, viool, fagot en b.c. RV 101;

- Concerto g kleine terts voor blokfluit, hobo en fagot RV 103;

- Concerto g kleine terts voor blokfluit, hobo, viool, fagot en b.c. RV 105;

- Concerto a kleine terts voor blokfluit, 2 violen en b.c. RV 108.

Concerten voor blokfluit, strijkers en b.c.

- Concerto c kleine terts RV 441; het meest bijzondere werk, dat Vivaldi voor blokfluit geschreven heeft

- Concerto F grote terts RV 442.

Concerten voor flautino, strijkers en b.c. volgens de laatste inzichten moet bij "flautino" volgens de aanwijzingen van Vivaldi zelf ("de instrumenten moeten een kwart lager spelen") aan een sopraanblokfluit worden gedacht  

- Concerto C grote terts RV 443;

- Concerto C grote terts RV 444;

- Concerto a kleine terts RV 445;

- Concerto G grote terts RV 312r is een in 1999 door Jean Cassignol gereconstureerd concert.

Dirigent/blokfluitist Giovanni Antonini vindt dat je concerten van Vivaldi voor traverso zoals

- Concerto Opus 10 nr. 1 in F grote terts Tempesto di mare, RV 433 beter op een altblokfluit kan spelen dan op een traverso (Blokfluitist 5/3, 2013)

- Concerto Opus 10 nr. 2 in g kleine terts La notte, RV 439

Concerten voor meerdere soloinstrumenten, strijkers en b.c.

- Concerto C grote terts voor 3 violen, hobo, 2 blokfluiten, 2 violen all'inglese, 2 „salmoe" (tenor­chalumeaux), 2 „trombe", 2 violoncelli, 2 Cem­bali, Strijkers en b.c. RV 555;

- Concerto C grote terts Per la Solennita di S. Lorenzo voor 2 violen, 2 blokfluiten, 2 hobo’s, 2 klarinetten, fagot, strijkers en b.c. RV 556;

- Concerto C grote terts voor 2 violen, 2 hobo’s, strijkers (2 blokfluiten & fagot in het 2. deel) en b.c. RV 557;

- Concerto C grote terts voor 2 violen „in tromba mari­na", 2 blokfluiten, 2 mandolinen, 2 tenor cha­lumeaux, 2 theorben, violoncello, strijkers en b.c. RV 558;

- Concerto d kleine terts voor 2 blokfluiten, 2 hobo’s, 2 violen, strijkers en b.c. RV 566;

- Concerto g kleine terts Per S.A.R. di Sassonia voor viool solo, hobo solo, 2 hobo’s, 2 blokfluiten, fagotten, contrafagot, strijkers en b.c. RV 576;

- Concerto g kleine terts Per l'orchestra di Dresda voor 2 violen, 2 blokfluiten, 2 hobo’s, fagot, strijkers en b.c. RV 577;

- Concerto a-moll in due Cori con Flauti obligati für 4 Violinen, 4 Blockflöten, Orgel, Streicher and B.c. RV 585.

Geestelijke vocale muziek

- Salve Regina RV 616 met 2 obligate blokfluiten en 1 dwarsfluit

- Juditha triumphans RV 644 - Arie van Vagaus „Umbrae carae" met 2 obligate blokfluiten.

Serenades

- La Sena festeggiante RV 693 mit 2 Flauti o piú (dus 2 of meer blokfluiten).

Opera’s

RV 700, 702, 704, 709, 712, 714, 717, 729, 738, 739, 749.7: totaal 17 Aria’s met blokfluit(en).

Er zijn een aantal concerten met blokfluit verloren gegaan. Deze concerten zijn opgesomd in RV 750. Misschien komen ze ooit nog eens boven water.

(meeste gegevens overgenomen  uit Jean Cassignol: Vivaldis Blockflötenwerke. Windkanal 2008/3)

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Antonio Vivaldi klik hier

 

Unico Wilhelm van Wassenaar (Delden, 2 november 1692 – Den Haag, 9 november 1766) heeft op 20-jarige leeftijd

- 3 blokfluitsonates geschreven, die absoluut de moeite waard zijn.
Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Unico Wilhelm van Wassenaar klik hier

 

Markus Zahnhausen (*Saarbrücken, Duitsland, 1965) studeerde aan het Richard-Strauss-Konservatorium in München bij Hermann Elsner en aan de Universiteiten in Trier en München Slavistiek en Muziekwetenschap. Vanaf  oktober 2002 doceert hij blokfluit aan de Muziek- en Theaterhogeschool in München. Verder was  en is hij overal in de wereld als gastdocent bezig. Daarnaast is Markus Zahnhausen muziekjournalist voor de Bayerischen Rundfunk, voor de Beierse Kunstakademie en voor vaktijdschriften en werkt hij als uitgever van moderne blokfluitmuziek.

Markus Zahnhausen componeerde 32 (series) werken voor en met blokfluiten:

- Mopswalzer, een muzikale grap voor 4 altblokfluiten

- Klangreden, duetten voor altblokfluit en dwarsfluit, 1986

- Flauto dolce solo, 7 werken voor altblokfluit solo, 1990

- Musica inquieta, Sonate voor altblokfluit solo, 1990

- Jahreszeichen voor blokfluit (alt/sopraan) solo, 1991, vier uitgebreide suites:

+ Frühlingsmusik
+ Sommerklänge

+ Herbstmusik
+ Winterbilder, vijfdelige suite

4. Ein Hauch von Frühling       

- Lyrische Szenen, drie fantasieën voor altblokfluit solo, 1992

- Lux aeterna voor altblokfluit solo, 1994

- Russische schetsen, voor altblokfluit solo, 1997

- Carmina Romana, cantata profana naar teksten van oud Romeinse dichters, voor twee sopranen, twee alten, blokfluit en slagwerk, 1997

- Klingende Zeit, 7 scenes naar haikus van Günther Klinge voor bariton, blokfluit, violoncello en piano, 1998

- Horns of Elfland, fragmenten ter herinnering aan Benjamin Britten voor tenorblokfluit solo, 1999

- Nun est bibendum!, spectaculum naar teksten van Seneca en Horatius, voor spreekkoor, blokfluit en slagwerk, 1999

- Sviréli voor strijkorkest en 4 blokfluiten, 2001

- IKONA voor blokfluit (alt/sopraan) solo, 2006

- Pan erwacht (het ontwaken van Pan) voor blokfluit en strijkorkest, 2006, concertante cadens voor Antonio Vivaldi's Concerto in C grote terts, RV 443

- Adesso, solostukken voor blokfluit, 2008

- Il cieco miracoloso voor altblokfluit, sopraan en harp, 2009 

- Adesso II, zeventig noten voor Monica, voor blokfluit solo, 2009
- Adesso III, zestig noten voor Andrew, voor altblokfluit solo, 2009

- Adesso IV, drienevijftig noten voor Michala, voor altblokfluit solo, 2011
- Adesso V, drienezeventig noten voor Þorkell, voor drie blokfluiten, 2011

- Adesso VI, negenendertig noten voor António, voor altblokfluit solo, 2011
- Adesso VII, drieënzeventig noten voor Atli, voor sopraanblokfluit solo, 2011

- LachrimaeIvoor 3 blokfluiten (ATB), 2011
- Adesso VIII, vijfenzeventig noten voor Hedda, voor altblokfluit solo, 2013

- Adesso IX, vijfenzestig noten voor Elfriede, voor altblokfluit solo , 2013

- Epilogue, voor blokfluitorkest, 2013

- Morgenstein-Marginalien voor blokfluit solo (S/A/T of T/B/Gb), 2014

- Birds and Chimes voor blokfluitorkest, 2014

- DODO, voor tenorblokfluit solo, 2015

- RECORDARE, voor blokfluit en symfonie-orkest, 2015

- Lament, voor tenor of grootbassolo, 2016

Voor verdere levensbeschrijving  en werkoverzicht van Markus Zahnhausen klik hier

www.zahnhausen.com