6. De blokfluit in de 21ste eeuw

Algemeen:

Een blokfluit is, zoals uit literatuur, afbeeldingen en muziek blijkt, vanaf het begin voor alles  een instrument voor het genoegen van de muziekamateur. Is daar iets mis mee?

a. Negatieve en positieve kanten van de blokfluit tot dusver.
Vrij naar: Karel van Steenhoven: "Die Blockflöte im 21. Jahrhundert";  Tibia 1/98:

De blokfluit heeft weinig dynamische mogelijkheden, boventonen zijn er nauwelijks. De blokfluit "spreekt" daarom bijna in sinustonen en heeft weinig mogelijkheden het toonmateriaal in een mist van dynamische gebaren te verstoppen. De gecomponeerde tonen zijn daarom voor de blokfluit belangrijker dan voor ander instrumenten: verbanden, zwaartekracht (?), tegenstelling, balans enz. moeten al in het toonmateriaal aanwezig zijn en kunnen slechts met bewust toegepaste instrumentale en muzikale middelen (lengteaccenten, vibrati, articulaties, frasering, ademvoering, bewegingsrichting, intonatie, versieringen, motoriek) en met zorgvuldig gekozen gebaren verduidelijkt of ook tegengesproken worden.

De blokfluit kan daarom de "waarheid" van het toonmateriaal niet verdoezelen": een matig goede compositie zal daarom op een blokfluit eerder simpel klinken als op een ander instrument, bijvoorbeeld de traverso of hobo, die met hun dynamiek, hun klankkleur en hun instrumentale dynamiek over veel heen kunnen spelen.

De blokfluit eist daarom zowel van de spelen als van de componist het uiterste aan kennis van het instrument, klankgevoel, inzicht en toewijding.

Omdat de blokfluit structuren en affecten in de muziek hoorbaar maakt, die door andere instrumenten nogal verdoezelt worden, heeft de blokfluit de mogelijkheid, muzikale feiten werkelijk "in het hart te kijken"en met een muikale diepte te spelen, die geen ander instrument bereikt. Vandaar de inzet op de dramatische plekken in de grote barokke composities van de grote meesters.

Tegenover en naast de andere orkestinstrumenten kan een blokfluit wat de klank betreft niet staande houden. Slechts degene die zwijgt en kan luisteren, kan haar schooonheid ervaren. Het zijn dan ook de "stille" momenten in concerten en opera's, waarin de blokfluit schittert, en concertavonden, waar alleen blokfluiten te horen zijn . zijn meestal uitgelezen en geconcentreerde (?) belevenissen.

Het terughoudende karakter van de blokfluit leidt ertoe dan ze over het hoofd gezien en onderschat wordt.

Een bijzondere eigenschap van de blokfluit, die door zijn sinustoon en de veelheid aan articulatiemogelijkheden ontstaat, is de mogelijkheid tot imitatie: menselijke stem, jazzbas, hoorn, saxofoon en klarinet, vaak ook strijkers.

Het is de plicht van leraars, muziekuitgevers en spelers, blokfluitmuziek in alle niveaus tussen de uitersten popmuziek en natuurimitatie aan de ene kant en zuiver structurele(?) muziek aan de ander kant in de juiste verhouding aan te bieden.

Vast staat slechts dat eigentijdse muziek in de loop der jaren voortdurend aan betekenis zal winnen.

 

b. De kant waar we met blokfluit en blokfluitonderwijs in de 21ste eeuw opmoeten

Vrij naar: Karel van Steenhoven; "Historische Afführungspraxis & aktuelle Blockflöte; Windkanal 2009-2

Er moet naar wegen gezocht worden om de blokfluit in de conservatoriumpraktijk in de toekomst een vaste rol te geven. Als instrument met een rijke traditie en een lange geschiedenis, dat niettemin vol in het muziekleven van de 21ste eeuw staat en mogelijkheden bezit om het concertleven te verrijken.

Een blokfluit moet een instrument worden waar je mee begint en waar je op op kan blíjven spelen, net als een viool of een klarinet, met begeleiding van een piano, of van een orkest. Of in een jazz- of popband.

 Dat vraagt om een goed modern instrument, waarop het repertoire van de vorige eeuwen goed te spelen is en dat dezelfde stemtoonhoogte heeft als andere tegenwoordig gebruikte blaasinstrumenten. Je moet er gewoon goed en helder Hotteterre, Bach, Handel, Vivaldi, maar ook moderne muziek op kunnen spelen. Niet bepaald authentiek, maar het is de vraag wat er tegenwoordig authentiek is aan de  440 en 415 Hz. kopieën van historische instrumenten die met grepen en voicing  aan onze nieuwe eisen zijn aangepast. Wij willen vandaag de dag met Turbofluiten Vivaldiconcerten spelen voor zalen met 1000 toehoorders en dat heeft niets meet met een authentiek speelpraktijk te doen, maar maakt dat wat uit, als het leuk is?  

Sinds de renaissance heeft de blokfluit een belangrijke rol in het muziekonderwijs. Die rol is het instrument op het lijf geschreven. Maar wanneer een goede blokfluitleerling die best wel van zijn instrument houdt met zijn vrienden die klarinet of piano spelen wat samen wil gaan doen, loopt hij op het moment vast.

De ideeën voor blokfluitbouw, zoals die de laatste jaren ontwikkelt worden door Ralf Ehlert, Adri Breukink, Geri Bollinger, maarten Helder en Nik Tarasov zijn buitengewoon belangrijk. Daaruit kan een echt bruikbaar instrument ontstaan. De bouwers hebben de vakkennis om een goed instrument te ontwerpen. laten ze de handen in een slaan en echt iets goeds op de markt zetten.

Dan kan het gat opgevuld worden, dat nu bestaat tussen de het basismuziekonderwijs met duizenden jonge sopraanblokfluitkindjes die daarna op een "echt" instrument verder willen en de verfijnde kunst op kleine eilandjes aan de rand van het concertleven. Op het moment liggen die uitersten vruchteloos ver uit elkaar, dat moet veranderd worden.

De uitzonderingsstatus, die je als blokfluitist op het moment hebt, zal nooit helemaal verloren gaan. dat blijft een wezenlijke karaktereigenschap van het instrument, waarvan je van een andere kant ook weer kunt profiteren. 

In Jaargang 7 nummer 1 van de "Blokfluitist", januari 2015, schrijft  Karel van Steenhoven een uitgebreid artikel  "toekomstmuziek in het blokfluitonderwijs". Hij vindt dat er een nieuwe standaard gezet moet worden in de blokfluitbouw met aangepaste moderne grepen en een modern overblaassysteem, zoals al min of meer in de Eagle blokfluiten van Adriana Breukink en Gerri Bollinger en de moderne fluiten van Ralf Ehlert wordt toegepast. Hij zou daar een uitgebreider kleppensysteem bij willen hebben, zoals Maarten Helder dat ook ontwikkelde. Eigentijdse instrumenten zou voor de blokfluit een passende plaats realiseren  binnen het huidige kamermuziekinstrumentarium.

C. Uitvoeringspraktijk

Er worden hier en daar wat innovatieve wegen bewandeld. Een groep als ensemble Red Priest, die als een groep piraten nachtmerrieachtige toestanden oproept, en dan ook nog met behulp van blokfluiten, werd in de pers al vergeleken met de Rolling Stones, dat zegt wel wat, maar volgens mij zijn de Rolling Stones ook al niet meer van deze tijd.

Wat zigeunerachtige toestanden, zoals Red Priest die brengt en bijvoorbeeld ook Ensemble Caprice, zijn natuurlijk nooit weg, zeker niet in een vrolijke, "parade"-achtige context. Maar misschien kunnen we ook gewoon mooi muziek blijven maken? Al is het voor weinigen, maakt dat wat uit? Of moeten we met blokfluiten ook André Rieu-toestanden willen bereiken? Persoonlijk denk ik dat dat niet kan en onnodig is.

 

Tenslotte

is een blokfluit een fantastisch instrument voor een amateur. Dat is een eigenschap van het instrument waarom het wel eens verguisd wordt, maar het zou daarom juist hoog geëerd moeten worden.(Naar aanleiding van Philip Tenta; Windkanal 1/2000 blz 20-21)