Componisten

uit 1948

 

Stephen Lawrence Schwartz (*New York, Verenigde Staten, 6 maart, 1948) is de zoon van Sheila Lorna (geboren Siegal), onderwijzeres en Stanley Leonard Schwartz, zakenman. Stephen Schwartz groeide op bij Williston Park in New York en bezocht de Mineola High School. Hij studeerde piano en compositie aan de Juilliard School of Music en drama aan de Carnegie Mellon University.

Aanvankelijk werkte hij als producer voor RCA Records maar al snel ging hij aan het werk in het Broadway Theater. Stephen Schwarz trouwde op 6 juni 1969 met Carole Piasecki. Ze hebben twee kinderen, Jessica en Scott. Stephen Schwarz heeft een ster op de Hollywood Walk of Fame.

Stephen Schwartz componeerde

     1 opera

- Seance on a wet afternoon, 2009

     6 musicals

- Godspell, 1971

- Pippin, 1972

- Wicked, 2003, compositie en tekst van Stephen Schwartz, gebaseerd op de roman Wicked: The Life and Times of the Wicked Witch of the West, dat het verhaal van de karakters van "de tovenaar van Oz" vertelt vanuit het gezichtspunt van de heksen.

     2 filmscores

- Godspell, 1973

- De Prins van Egypte, 1998

     1 TVscore

- Gepetto

     3 koorwerken

     35 songs

www.stephenschwartz.com

 

Andrew Lloyd Webber, baron Lloyd-Webber (South Kensington, Londen, 22 maart 1948) werd geboren als zoon van componist William Lloyd Webber en muzieklerares Jean Hermione Johnstone. Hij is de oudere broer van cellist Julian Lloyd Webber (14 april 1951).

Andrew Lloyd Webber studeerde enige tijd aan het Royal College of Music, maar is verder autodidact. Samen met Tim Rice creëerde hij in 1970 de rockopera Jesus Christ Superstar, de grote doorbraak van Lloyd Webber als componist. De compositie werd over de hele wereld in theaters opgevoerd en in 1973 verfilmd.

Andrew Lloyd Webber trouwde op 24 juli 1972 met Sarah Hugill, met wie hij twee kinderen kreeg, Imogen (31 maart 1977) en Nicholas (2 juli 1979). Andrew Lloyd Webber en Sarah Hugill scheidden in 1983.

De musical Evita uit 1978 (ook samen met Tim Rice) werd verfilmd met Madonna in de titelrol. Op 22 maart 1984 hertrouwde Andrew Lloyd Webber, met zangeres en danseres Sarah Brightman, voor wie hij een aantal van de rollen in zijn musicals schreef (onder meer de rol van Christine Daaé uit The Phantom of the Opera). Het paar is in 1990 uit elkaar gegaan.

Met zijn huidige vrouw, Madeleine Gurdon, die hij op 1 februari 1991 huwde, heeft Andrew Lloyd Webber drie kinderen: Alastair (3 mei 1992), William (23 augustus 1993) en Isabelle (30 april 1996).

Andrew Lloyd Webber schreef een vervolg op de Phantom, Love Never Dies. Deze musical was vanaf maart 2010 in West End in Londen te zien.

Andrew Lloyd Webber heeft een eigen productiemaatschappij, The Really Useful Group. Naast zijn eigen geschreven musicals produceert hij ook andere werken.

In 1992 werd Andrew Lloyd Webber geridderd door koningin Elizabeth, en in 1997 ontving hij de niet-erfelijke titel Baron Lloyd-Webber of Sydmonton in the County of Hampshire.

In 2009 kwam Jade Ewen uit op het songfestival in Moskou voor het Verenigd Koninkrijk, met het liedje My time, gecomponeerd door Andrew Lloyd Webber. Met dit liedje sleepte de Britse zangeres voor het eerst in zes jaar weer een top-5 notering voor haar land binnen.

Andrew Lloyd Webber componeerde

     18 rockopera’s en musicals

- Joseph and the Amazing Technicolor Dreamcoat, 1968

- Jesus Christ Superstar, 1971

- Evita, 1976, met de klassieker Don't cry for me Argentina, tekst Tim Rice.

- Cats, 1981

- The Phantom of the Opera 1986

- Aspects of Love, musical, 1989, gebaseerd is op de gelijknamige roman van David Garnett. De liedteksten zijn van Charles Hart en Don Black. Lloyd Webber herbruikte voor dit stuk enkele composities uit zijn eerdere minimusical Cricket. Het bekendste nummer uit de voorstelling is 'Love changes everything'. Een “doorgecomponeerde” musical, waarbij alle dialogen worden gezongen.

Het verhaal speelt zich af tegen de achtergrond van de Franse Pyreneeën, Parijs en Venetië. De jonge Engelsman Alex wordt, al reizend door Frankrijk, hopeloos verliefd op de ambitieuze actrice Rose. Hij verleidt haar om mee te gaan naar de villa van zijn flamboyante oom George. Maar als George onverwacht binnenvalt, valt Rose voor zijn onconventionele en kunstzinnige karakter en veranderen hun levens op slag.

In oktober 2012 kwam er een nieuwe Nederlandse versie van de musical met Stage Entertainment als producent.

- Sunset Boulevard, 1993

     1 requiem, naar aanleiding van de dood van zijn vader in 1982, zijn meest persoonlijke compositie

www.andrewlloydwebber.com

 

Rob Goorhuis (*Amsterdam, 25 maart 1948) kreeg op zijn 13de zijn eerste orgellessen van Bernard Bartelink. Na zijn middelbare school studeerde hij aan het Nederlands Instituut voor Kerkmuziek in Utrecht voor organist en koorleider. Daarna studeerde hij aan de conservatoria van Utrecht, Arnhem en Tilburg piano, orgel, muziektheorie en koor- en orkestdirectie. Daarna was hij actief als dirigent, klavecinist en organist. Componeren leerde hij zichzelf.

Rob Goorhuis was van 1973 tot 2011 directeur van de Biltse Muziekschool te Bilthoven,

Op 24 november 2006 werd Rob Goorhuis benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Rob Goorhuisis nog  (2015) docent aan de Akademie van de Bund Deutscher Blasmusikverbände in Staufen, Baden-Württemberg; .

Rob Goorhuis componeerde

     1 opera

     6 werken voor (solist), koor en orkest

- Requiem voor de mens, 2001, voor gemengd koor en harmonieorkest, over de vier grote oorlogen van de vorige eeuw, maar eigenlijk is dat van alle tijden;

     20 kerkmuziekwerken voor koor en orgel

     65 werken voor harmonie– en fanfareorkest

     30 kamermuziekwerken

     5 (series) werken voor zangstem en instrumenten

     3 orgelwerken

     2 werken voor draaiorgel

     1 filmscore

 

Claude Vivier (Montreal, Canada, 14 april 1948 – Parijs, Frankrijk, 7 maart 1983) werd geadopteerd toen hij drie jaar oud was door een arme Frans-Canadese familie. Vanaf de leeftijd van dertien jaar ging hij naar de kostschool van de Broeders Maristen, een religieuze orde die jongens voorbereidt voor een roeping tot het priesterschap. Claude Vivier hield meer van moderne poëzie en muziek, dan van een religieuze roeping. Toen hem gevraagd werd om het noviciaat te verlaten toen hij 18 was, schreef hij zich in aan het Conservatoire de Musique de Montréal, waar hij les kreeg van Gilles Tremblay.

Vanaf 1971 zette hij zijn studie voort aan het Instituut voor Sonologie in Utrecht, en daarna in Keulen bij Karlheinz Stockhausen. In 1974 keerde hij terug naar Montreal.

In de herfst van 1976 ondernam hij een lange reis naar Azië, waaronder Japan en Bali. De muziek die hij onderweg tegenkwam maakte een diepe indruk op hem, en werd door hem in zijn composities verwerkt..

In juni 1982 vertrok Vivier naar Parijs, met een subsidie van de Canada Council. In maart 1983 werd hij doodgeslagen door een jonge Parijzenaar die misschien een minnaar was, mogelijk een escort. De moordenaar is gevonden en berecht.

Claude Vivier componeerde

     2 balletten

     1 opera

- Kopernikus, eigen libretto, 8 mei 1980; het verhaal gaat over iemand die van de ene naar de andere wereld gaat: het paradijs; een doodsritueel eigenlijk: het toont het uur waarin de overledene naar de andere wereld overgaat; complex ensemblestuk.

     2 orkestwerken

- Siddharta, 1976; groots werk; buitengewoon complex;

     15 kamermuziekwerken

- Improvisation voor fagot en piano, 1975

     2 pianowerken

     2 werken voor een ander soloinstrument

     10 werken voor koor a cappella of voor koor  en instrumenten

     10 (series) werken voor zangstem(men) en instrumenten

- Liebesgedichte, 1975, voor sopraan, alt, tenor en bas en ensemble. Teksten uit de de Eclogues (of Bucolics) van de Latijnse dichter Publius Vergilius Maro (Virgil) gepubliceerd ongeveer 40 voor Christus.

- Journal voor stemmen en percussionist, 1977

- Lonely Child, 1980, voor sopraan en kamerorkest, zijn bekendste werk;

- Prologue pour un Marco Polo voor dertien instrumenten, vier stemmen en verteller, 1981

- Glaubst du an die Unsterblichkeit der Seele  voor stemmen en ensemble (onvoltooid),1983, waarin hij zijn eigen dood voorspelde.

 

Michael Kamen (New York City, 15 april 1948 – Londen, 18 november 2003) was de tweede van vier zonen van Saul Kamen, tandarts en Helen, onderwijzeres. Michael Kamen volgde de Hogeschool voor Muziek en Kunst in New York City en studeerde daarna hobo aan de Juilliard School in New York. Aan het einde van de jaren '60 richtte hij het New York Rock & Roll Ensemble op, waarin hij keyboard en hobo speelde, waarvoor hij de muziekstukken componeerde en waarmee hij samenwerkte met Leonard Bernstein.

Vanaf 1976 maakte hij filmscores voor de meest uiteenlopende films.

In 1979 orkestreerde hij voor Pink Floyd het album "The Wall", en dat deed hij ook met de volgende albums van deze popgroep en met nummers van talrijke andere popsterren.

In 1999 speelde Michael Kamen samen met Metallica en het San Francisco Symphony Orchestra.

In 1997 werd ontdekt dat Michael Kamen leed aan multiple sclerose.

Op 18 november 2003 overleed Michael Kamen op 55-jarige leeftijd aan de gevolgen van een hartaanval. Hij liet zijn vrouw, Sandra Keenan-Kamen, en twee dochters Sasha en Zoe achter.

Michael Kamen componeerde

     1 ballet

- Rodin mis en vie, 1973

     7 orkestwerken

- Concerto voor saxofoon, 1990

- Concerto voor elektrische gitaar, 1998 voor de Japanse gitarist Tomoyasu Hotei

- The New Moon in the Old Moon’s Arms, symfonisch gedicht, 2000.

- "Quintet," 2002, voor de Canadian Brass

     67 filmscores

- Brazil, 1985, regie Terry Gilliam

- James Bond, deel 16: Licence To Kill, 1989

- Robin Hood: Prince of Thieves, 1991, waarin de megahit '(Everything I Do) I Do It For You' van Bryan Adams.

     8 TV scores

www.michaelkamen.com

 

Maurice Horsthuis (*Breda, 28 april 1948) is een klassiek geschoold altviolist. In de jaren 70 raakte hij thuis in de Amsterdamse improvisatie-scene en zette zich vanaf die tijd in voor een rol voor strijkers in geïmproviseerde muziek. Hij maakte deel uit van het Maarten Altena Kwartet, de Instant Composers Pool en het Guus Janssen Septet. Hij richtte het orkest Amsterdam Drama op, is lid van het Amsterdam String Trio en de groep Elastic Jargon, die bestaat uit louter snarenbespelers (2002).

Maurice Horsthuis componeerde

     9 muziektheaterwerken

- Violen Paultje, 1978, geschreven voor een kindermatinee van het Amsterdam Electric Circus.

     7 filmscores

     12 werken voor strijkorkest

     5 orkestwerken

- Yo el Rey, voor 2 celli en orkest, geschreven voor Yo-Yo Ma en Ernst  Reijsiger

     11 kamermuziekwerken

- Voyage dans le palais voor strijktrio, 2013

- 2 series pianowerken

www.mauricehorsthuis.com

 

Michael Fitzhardinge Berkeley, Baron Berkeley of Knighton, CBE (*Londen, 29 mei 1948) is de zoon van de componist Lennox Berkeley. Zijn peetoom was Benjamin Britten. Michael Berkeley was koorknaap in Westminster Cathedral en kreeg zijn opleiding in eerste instantie van zijn vader en aan de Oratorium School, een onafhankelijke school in het dorp Woodcote. Michael Berkeley studeerde aan het Royal College of Music piano, zang en compositie, later compositie bij Richard Rodney Bennett.

Michael Berkeley was thuiscomponist van het Schots Kamerorkest en van het BBC National Orchestra of Wales.

Hij verzorgde veel radioprogramma’s voor BBC Radio 3.

Michael Berkeley werd in 2012 benoemd tot Commander of the Order of the British Empire (CBE). In 2013 werd hij geadeld tot Baron Berkeley of Knighton. Deze vorm van adeldom is niet erfelijk.

Michael Berkeley was getrouwd met literair agent Deborah Rogers, zij overleed in april 2014. Ze hadden een dochter, Jessica. Michael Berkeley woont afwisselend in Wales en Londen.

Michael Berkeley componeerde

     1 installatie

     3 opera’s

     3 oratoria

     1 ballet

     8 concerten

     20 andere orkestwerken

     5 werken voor harmonie-  en fanfare-orkest

     9 ensemblewerken

     7 koorwerken met begeleiding van orkest of instrumenten

     4 koorwerken met orgelbegeleiding

     5 koorwerken a cappella

     22 kamermuziekwerken

- hobokwintet 'Into the Ravine', 2012

     17 (series) werken voor zangstem en begeleiding van orkest of instrumenten

- Touch Light, voor sopraan, tenor en strijkorkest, 2005

     13 werken voor een instrument solo 

www.michaelberkeley.co.uk

 

Philippe Hersant (*Rome, Italië, 21 juni 1948) studeerde tegelijk moderne literatuur aan de faculteit van Parijs-Nanterre aan het Conservatoire national supérieur de musique in Parijs harmonieleer bij Georges Hugon, contrapunt bij Alain Weber en compositie bij André Jolivet.

Daarna studeerde hij nog twee jaar aan het Casa de Velázquez in Madrid (tot 1970).

Philippe Hersant componeerde

     2 opera’s

     1 ballet

     15 muziektheaterwerken

     22 orkestwerken

     36 vocale werken

     35 kamermuziekwerken

- Wanderung, voor fagot en 6 of 12 vrouwenstemmen, 1998, op Wandrers Nachtlied II van Goethe.

- Desert, voor mannenkoor en altfluit, 2002, op een gedicht van Friedrich Nietzsche;

- Nostalgia, voor kamerkoor viool,  2008, op de tekst “Durch Adams Fall ist ganz verderbt”  van Lazarus Spengler (1524)

- Instants Limites, 2012 voor gemengd koor en instrumenten ad libitum, tekst gedichten van gevangenen van de gevangenis Clairvaux

     24 werken voor een solo-instrument

- Niggun, voor fagot, 1993, geschreven voor Pascal Gallois

- Hopi  voor fagot, opgedragen aan Alexandre Ouzounoff, 1985 – 1994, geïnspireerd op een lied, dat Philippe Hersant ooit bij de hopi, een indianenvolk in het noordoosten van Arizona, hoorde

     9 filmscores

 

Henny Vrienten (*Hilvarenbeek, 27 juli 1948) groeide op in Tilburg. In de jaren zestig speelde hij in verschillende beatbands, zoals Les Cruches. Begin jaren zeventig werd Henny Vrienten door Boudewijn de Groot gevraagd voor zijn begeleidingsband; daarin speelde samen met Ernst Jansz, die ook lid van Doe Maar zou worden.

In 1980 trad Vrienten toe tot Doe Maar als vervanger van Piet Dekker. In 1984 stopte de populaire band.

Na het overlijden van Harry Bannink in 1999 nam Henny Vrienten diens taak over als componist van liedjes voor het televisieprogramma Het Klokhuis.

Hennie Vrienten maakte

12 studioalbums

- En toch…, 2014

nr. 4 Hij Zingt Omdat Hij Het Niet Zeggen Kan

Henny Vrienten componeerde

     2 musicals

- Ciske de Rat, 2007

- Petticoat, 2010

     1 kindertheatervoorstelling

     1 mis, 2008, op teksten van Augustinus en de EUG Oekumenische Studentengemeente.

     songs

     19 filmscores

 

Jukka Tiensuu (*Helsinki, Finland, 30 augustus 1948) kreeg zijn muzikale opleiding aan de Sibelius-Akademie in Helsinki bij Paavo Heininen, Hochschule für Musik Freiburg bij Klaus Huber, de Juilliard School of Music, New York City bij  Brian Ferneyhough en het IRCAM in Parijs.

Jukka Tiensuu componeerde

     16 orkestwerken

- Teoton, 2015, Concerto  voor sheng (een soort Chinees mondorgel) en orkest, geschreven voor shengspeler Wu Wei

     8 concerten

     34 kamermuziekwerken

     20 werken voor een soloinstrument

     3 vokale werken

     8 electronische muziekwerken

 

Ángel "Cucco" Peña (*Santurce, Puerto Rico, 1 september 1948) was, met zijn twee broers al jong geïnteresseerd in muziek. Alle drie volgden ze het Conservatorium van Puerto Rico. Cucco Peña ontwikkelde zich als componist, muzikant, zanger en opname-specialist.  Hij speelde in het Panamericana Orchestra.

In 1983 trouwde Cucco Peña met zangeres Lunna (Maria Socorro Garcia de la Noceda). Zij hadden drie kinderen: Gabriel, Juan en Angel.  In 2003 overleed een van hun zoons, een emotione tragedie. Ze waren ondertussen al gescheiden.

Cucco Peña componeerde

     koorwerken

- Bomba E

     songs

     orkestmuziek

     kamermuziek

 

Steven R. Gerber (*Washington D.C., Verenigde Staten, 28 september 1948) kreeg zijn muzikale opleiding aan het Haverford College en de Princeton universiteit bij Robert Parris, J. K. Randall, Earl Kim en Milton Babbitt. Steven Gerber woont momenteel in New York City.

Steven Gerber componeerde

     13 orkestwerken

- Symfonie nr. 1, 1989

- serenade voor strijkinstrumenten, 1990

- Serenade concertante, 1998

- Triple-ouverture, 1998

- Symfonie nr. 2, 2004

- Music in Dark Times, 2008 

     5 concerten

- vioolconcert, 1993

- celloconcert, 1994

- altvioolconcert, 1996

- klarinetconcert, 2002

     33 kamermuziekwerken

     10 (series) liederen voor zangstem en piano

     3 (series) liederen voor zangstem en andere instrumenten

     5 (series) koorwerken

     1 werk voor zangstem, koor en piano

- “Dylan Thomas Settings", 1972

- "Illuminations", op teksten van Rimbaud, 1972

     8 pianowerken

     7 werken voor een ander soloinstrument

- Fantasy for Solo Violin, 1967

www.stevengerber.com

 

Bo Holten (*Rudkøbing, Denemarken, 22 oktober 1948) studeerde musicologie aan de universiteit van Kopenhagen en fagot aan de Koninklijke Muziekacademie. Na zijn afstuderen werkte hij een aantal jaren als muziekdocent en muziekrecensent. Daarna werkte hij als dirigent en componist.

Bo Holten componeerde 100 werken:

     6 operas,

     2 musicals,

     2 symfonieën

     5 concerten

     8 werken voor koor en orkest of ensemble

     werken voor zangstem(men) en orkest

     18 werken voor koor a cappella

- The Marriage of Heaven and Hell, voor koor of 12 solostemmen, op tekst van William Blake

     8 kamermuziekwerken

     film scores,

- The Element of Crime. (regie Lars Von Trier), 1984.

 

Josef Bardanashvili (*Batumi, Georgië, 23 november 1948) studeerde compositie aan de Muziekacademie in Tbilisi bij Alexander Shaverzashvili. Hij was directeur van de Muziekacademie in Batovei en minister van Cultuur in de regio Adjaria. Josef Bardanashvili woont sinds 1995 in Israël, waar hij ook actief is als beeldend kunstenaar.

Josef Bardanashvili componeerde

     4 opera's

     3 balletten

     muziek bij 45 theaterprodukties

     13 orkestwerken

     14 concerten

     26 kamermuziekwerken

- Lezikhro, 2015, voor klarinet en gitaar

     14 koorwerken

     9 (series) werken voor zangstem en piano of andere instrumenten of orkest

     5 pianowerken

     1 werk voor gitaar

- sola, 2006

     35 filmscores

www.bardanashvili.com

 

Rita Hijmans (*Den Haag, 1948) groeide op in een muzikaal gezin en leerde hobo, fluit en piano spelen. Na de middelbare school studeerde zij pedagogiek in Utrecht, waar ze deel uitmaakte van het studentencabaret Patati Patata. Ze componeerde en arrangeerde er muziek voor en in zijn bloeitijd won Patati Patata de derde prijs Camaretten. In Amerika was Rita Hijmans een jaar  fluitist van een Big Band.

Pas op latere leeftijd studeerde Rita Hijmans compositie bij Daan Manneke en Burkhardt Söll.

Rita Hijmans is getrouwd en moeder van drie volwassen zoons. Rita Hijmans woont in Oegstgeest.

Rita Hijmans componeerde

     8 orkestwerken

- An Instrument to win the peace, voor strijkorkest,  1992, gereviseerd in 1995

     16 kamermuziekwerken

- cellust,  voor  cello en piano

     11 koorwerken

     1 werk voor zangstem en orkest

     17 (series) werken voor zangstem en instrument(en)

     1 werk voor twee  piano’s

     1 werk voor fluit solo

- Een grijze morgen voor fluitsolo, 2013

www.ritahijmans.nl

 

Christiaan Ingelse (*Haarlem, 1948) studeerde in zijn jeugd piano en in 1965 één jaar orgel bij Piet van Egmond. Vanaf 1976 studeerde hij orgel en kerkmuziek aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij Adriaan Engels en Wim ter Beek, en daarna aan de Hochschule für Musik und darstellende Kunst te Wenen bij Herbert Tachezi.

Christiaan Ingelse is de hoofdorganist van de Sint Janskerk van Gouda.

Christiaan Ingelse componeerde

     orgelwerken

- 6 bewerkingen van lijdenskoralen

- 8 koraalbewerkingen van Psalmen, uitgebreide bewerkingen in verschillende stijlen met af en toe andere melodieën die daarbij een rol gaan spelen. Apart.

- Organo Pleno, 4-delige orgelmethode

www.christiaaningelse.nl

 

Winfried Michel (*Fulda, Duitsland, 1948) studeerde in Freiburg en Den Haag bij Ingetraud Drescher, Nikolaus Delius en Frans Brüggen. Hij was docent blokfluit aan Staats Hogeschool Münster en de Musikakademie Kassel.

Winfried Michel componeerde een groot aantal werken in de stijl van de vroege 18de eeuw, die hij publiceerde onder het pseudoniem Giovanni Paolo Simonetti. Daarbij leidde hij gerenommeerde muziekkenners voortreffelijk om de tuin. Zo werden zijn blokfluitsonates al eens in een radioprogramma barokke muziek door de NCRV uitgezonden en werden zijn concerten in een standaardwerk abusievelijk vermeld (Ingo Gronefeld: Flötenkonzerte bis 1850: ein thematisches verzeichnis, Tutzing 1992-1995, Hans Schneider)

Winfried Michels' grootste slag was de compositie van 6 "Haydnsonaten", die door de hoogste Haydn-autoriteit, Howard Chandler Robbins-Landon, een tijdlang voor "echt" werden verklaard. Het Haydn-instituut in Keulen ontdekte dat de sonaten niet "echt" waren, omdat ze met een stalen pen waren geschreven, Winfried Michel had nu eenmaal geen ganzeveren pennen. Ondertussen was er door een gerenommeerde pianist al een CD-opname op een Hammerklavier van gemaakt.

Winfried Michel schrijft ook barokke werken onder de naam Giovanni Paolo Tomesini 

Winfried Michel is getrouwd met blokfluitiste en muziekuitgeefster Elly van Mierlo.

Winfried Michel componeerde

     1 pantomime

     1 concerto onder de naam Giovanni Paolo Simonetti

     16 (series) kamermuziekwerken onder zijn eigen naam

- „Hör zu, so wird der letzte Abend sein“, 1997,  opus 18 voor zangstem, viool, piano, altblokfluit en metronoom.

- Glasgefieber, voor dwarsfluit en piano, opus 21, 2009, overtuigend werk

- Prova e Cenno, voor tenorblokfluit, hobo, viool, fagot en piano, opus 38

- bevor/nachdem -, voor altblokfluit, dwarsfluit, viool en piano, opus 40

     13 kamermuziekwerken onder de naam Giovanni Paolo Simonetti

     9 (series) werken voor zangstem en piano of andere instrumenten

- „Hör zu, so wird der letzte Abend sein“, 1997,  opus 18 voor zangstem, viool, piano, altblokfluit en metronoom.

- “Still ist´s" voor zangstem, altblokfluit en klavecimbel, 2001

- “Odi et amo” voor zangstem en tenorblokfluit, 2008

- Gryphius-Kantaten, drie barokke cantates op teksten van Andreas Gryphius, gecomponeerd onder de naam Giovanni Paolo Tomesini 

     2  klavecimbelwerken

     1 pianowerk

     7 werken voor altblokfluit solo

     5 werken voor een ander soloinstrument

www.winfriedmichel.com

 

Gregory Rose (*Engeland, 1948) was de zoon van muzikant en componist Bernard Rose. Hij studeerde als kind al viool, piano en zang. Later studeerde hij aan de Muziekacademie in Wenen bij Hanns Jelinek en aan de Universiteit van Oxford bij Egon Wellesz en bij zijn vader Bernard Rose.

Gregory Rose componeerde

     2 muziektheaterwerken

- Danse macabre, 2011, geïnspireerd door een enorm schilderij van Bernt Notke in de Sint–Nicolaaskerk in Tallinn, voor orkest met crotales, doedelzak, altfluit en marimba, solisten en koor.

     4 orkestwerken

     4 werken voor zangstem(men) en orkest of instrument(en)

     1 werk voor solisten, koor en ensemble

     6 koorwerken met instrument(en)

     12 koorwerken a cappella

     6 kamermuziekwerken

     2 werken voor zangstemmen

     1 orgelwerk

     1 pianowerk

     2 (series) werken voor een ander soloinstrument

     5 andere werken

     1 elektronische muziekwerk

     16 orkestraties en arrangementen voor orkest

     9 arrangementen voor koor

 

Alec Roth (*bij Manchester, Groot Brittanië, 1948) studeerde muziek aan de universiteit van Durham en daarna directie bij Diego Masson in Dartington en Rafael Kubelik in Luzern. Hij studeerde ook nog gamelan aan de Academie voor Indonesische uitvoerende Kunsten (ASKI) in Surakarta, centraal Java.

Alec Roth werkte veel samen me de Indiase schrijver Vikram Seth.

Alec Roth componeerde

     5 opera’s en andere theaterwerken

- Arion and the Dolphin, opera in twee bedrijven en 9 scenes libretto  Vikram Seth, 1994, vertelt het ware verhaal van de muzikant Arion die van de dood gered werd door een dolfijn. Er is een Nederlandse versie van gemaakt door Joris Vermeulen in 1999.

     9 liederencycli

     17 werken met koor

a time to dance, cantate voor solisten, koor en orkest, 2012. Het werkt telt een proloog, 4 delen en 28 nummers

     10 kamermuziekwerken

     12 orkestwerken, ook met zangstemmen

     8 gitaarwerken

     2 gamelanwerken 

 

René Samson (*1948) stamt uit een oude Surinaams-Joodse familie waarin hij opgroeide tussen muziek (klassiek en jazz), dans, toneel en literatuur. Na de middelbare school ging hij scheikunde studeren en was vele jaren werkzaam als chemicus. Hij bleef wel actief musiceren: als fluitist had hij les van Hans van de Weyer en Eleonore Pameijer en speelde hij in verschillende orkesten.

Op zijn veertigste begon René Samson te componeren. Daartoe nam hij lessen bij Leo Samama en Klaas de Vries. Vanaf 1998 wordt zijn werk regelmatig uitgevoerd.

René Samson  componeerde

     2 opera’s

- Het ware geweld, libretto Olaf Mulder.

     1 oratorium

     1 orkestwerk

     2 werken voor zangstem en orkest of groot ensemble

     1 werk voor spreker, koor, piano en slagwerk

     15 kamermuziekwerken

     13 (series) liederen voor zangstem en instrumenten

     4 pianowerken

     2 koorwerken

www.renesamson.nl

 

Bob Zimmerman (*Amsterdam, 1948) groeide op in een cultureel gezin en schreef zijn eerste composities op zevenjarige leeftijd. Hij studeerde op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag klarinet en piano. Na zijn studie werkte Bob Zimmerman voor diverse theaterproducties.

Bob Zimmerman componeerde

     7 arrangementen voor toestanden

- arrangement van de tango Adiós Nonino van Ástor Piazzolla, 2002, dat door bandoneonspeler Carel Kraayenhof gespeeld werd op het huwelijk van Prins Willem-Alexander en Máxima Zorreguieta.

     7 filmscores

“De Elektriseermachine van Wimshurst” regie Erik van Zuylen, 1978

“An Bloem” regie Peter Oosthoek, 1983

“De Avonden”, regie Rudolf van den Berg.

- Tirza, 2010

- üskind, 2012

- De Nieuwe Wildernis, 2013, regie Ruben Smit en Mart Verkerk

     1 één-minuut–opera over Egypte, libretto Hafid Bouazza

www.bobzimmerman.nl