Componisten

uit 1950

 

Denis Bédard (*Quebec City, Canada, 13 januari 1950) kreeg zijn opleiding san het Conservatoire de musique du Québec ŕ Québec bij Tania Krieger (piano), Claude Lavoie (orgel), André Mérineau (harmonie), Magdeleine Martin (contrapunt) en Donald Thomson (klavecimbel). Een studiebeurs maakte het mogelijk dat hij daarna van 1973-1975 in Parijs kon verder studeren bij André Isoir (orgel) en Laurence Boulay (klavecimbel en basso continuo) en in Montreal bij Bernard Lagacé (orgel en klavecimbel). Tenslotte studeerde hij piano, klavecimbel en orgel bij Gustav Leonhardt in Nederland van 1975-1977.

Van 1981 tot 1989 doceerde hij aan het Conservatoire de musique de Québec en van 2001-2004 aan de Universiteit van Brits Columbia in Vancouver. Denis Bédard was 19 jaar organist aan de St-Coeur-de-Marie Church in Quebec City en werd in september 1997 organist aan de St-Roch church, ook in Quebec City. Sinds September 2001 is hij organist en muziekdirecteur aan de Holy Rosary Cathedral in Vancouver.

Denis Bédard initieerde Éditions Cheldar, waar zijn werk wordt gepubliceerd.

Denis Bédard componeerde

     15 kamermuziekwerken

- altsaxofoonsonate, 1981

- fluitsonate, 1984

     orkestwerken

- fluitconcert, 1987

- orgelconcert

     42 orgelwerken

     3 werken voor orgel vierhandig

     1 werk voor orgel en piano

     4 werken voor orgel en andere instrumenten

sonate voor trompet en orgel, 1987

     4 koorwerken a cappella

     2 werken voor koor met orgel of piano

 

Juris Ābols (*Riga, Letland, 16 april 1950) is de zoon van schilder Ojārs Ābols en taalkundige Mirdza Ābola. Hij studeerde op het Lets Staatsconservatorium fluit, methodiek en concertpraktijk bij Jānis Morics en compositie bij Ādolfs Skulte. Na de afsluiting van zijn studies in 1982 werkte Juris Ābols als free-lance artiest; van 1976 tot 1978 was hij medewerker in het Letse Nationaal Opera Orkest. Van 1998 tot 2005 werkte Jānis Morics als organist in Straatsburg, Frankrijk. Vanaf 1987 is hij lid van de Letse componisten vereniging.

Juris Ābols componeerde

     3 theatermuziekwerken

     1 werk voor verteller, koor, orgel, orkest en dansers.

     20 kamermuziekwerken

     10 werken voor zangstem(men) en instrumenten

     12 koorwerken

- Karawane,  voor gemengd koor, 1994, humoristisch

     1 orgelwerk

 

Stevie Wonder (*Saginaw, Michigan, Verenigde Staten, 13 mei 1950), werd twee maanden te vroeg geboren en bracht zijn eerste dagen door in een couveuse. Hij raakte binnen enkele uren door een teveel aan zuurstof, die hem in de couveuse werd toegediend blind aan beide ogen. Stevie was het derde kind van Lula Mae Hardaway, die uiteindelijk zes kinderen kreeg. Zijn vader heette Calvin Judkins, maar op Wonders geboorteakte stond de naam Morris vermeld. Door de jaren heen heeft Stevie Wonder gebruikgemaakt van verschillende namen: Morris, Judkins en Hardaway. Calvin Judkins was een veteraan van de Tweede Wereldoorlog met een drankprobleem, die zijn vrouw sloeg en zou haar dwong tot prostitutie. Lula May Hardaway scheidde in het voorjaar van 1953 van Judkins en verhuisde met de kinderen naar Detroit.

Op zijn zevende jaar speelde speelde Stevie Wonder piano, zong in een kerkkoor en leerde zichzelf mondharmonica, drums en basgitaar spelen.

Op elfjarige leeftijd sloot Stevie Wonder, geholpen door zijn moeder, met Motown zijn eerste platencontract. Hij volgde lessen aan de Michigan School for the Blind en bracht veel van zijn vrije tijd door in de muziekstudio.

In augustus 1962 werd het liedje "I Call It Pretty Music, but the Old People Call It the Blues" als eerste single van Stevie Wonder, 12 jaar oud, uitgegeven. In 1963 brak Stevie Wonder echt door met het liedje "Fingertips". De single werd in de Verenigde Staten een nummer één-hit.

In 1970 werd het album Signed, Sealed & Delivered uitgegeven. Hierop speelden onder anderen ook Syreeta Wright, met wie Stevie Wonder later dat jaar trouwde. De twee werkten op muzikaal vlak samen, ook na hun scheiding in 1972. Syreeta Wright overleed op 6 juli 2004.

Met het geld dat hij bij Motown verdiende liet Stevie Wonder zijn eigen muziekstudio bouwen en hij schreef zich in bij de University of Southern California.

Op 6 augustus 1973 was Stevie Wonder met zijn neef John Wesley Harris onderweg naar een benefietconcert in North Carolina. Harris, die achter het stuur zat, verloor zijn concentratie en reed in op een semi-dieplader. Stevie Wonder raakte bewusteloos en Harris besloot hem met een andere auto naar een ziekenhuis in Winston-Salem te brengen. Stevie Wonder kwam na vier dagen bij en herstelde volledig.

In de jaren zeventig had Stevie Wonder een relatie met Yolanda Simmons. De geboorte van hun eerste kind, Aisha Zakia (Swahili voor 'kracht' en 'intelligentie'), in april 1975 inspireerde hem tot het schrijven van "Isn't She Lovely?" Aan het begin van dit liedje is Aisha te horen. Dertig jaar later, op het album A Time to Love, zingt Aisha Morris op enkele liedjes mee. Op 16 april 1977 werd hun tweede kind geboren.

Naast zijn muzikale loopbaan is Stevie Wonder een fervent activist. In de jaren zeventig gaf hij in zijn muziek uiting aan zijn morele en politieke standpunten. De liedjes "Living for the City" (van Innervisions) en "Black Man" (van Songs in the Key of Life) schetsen bijvoorbeeld een maatschappij waarin gekleurde mensen minder rechten krijgen. In de jaren tachtig liet hij zich kennen als politiek activist. Stevie Wonder protesteerde op 6 juni 1982 met Bob Dylan en Jackson Browne tegen kernenergie en geweld op Peace Sunday in Pasadena (Californië). Op 14 februari 1985 nam Stevie Wonder deel aan een protest tegen apartheid, waarbij hij gearresteerd werd, de single "Happy Birthday" hoorde bij een campagne voor de verwezenlijking van de Martin Luther Kingdag en hij was betrokken bij de Rainbow Coalition van Jesse Jackson. Zijn Oscar voor "I Just Called to Say I Love You" in 1985 droeg Stevie Wonder op aan Nelson Mandela, waardoor zijn muziek tijdelijk niet meer op Zuid-Afrikaanse radiostations gedraaid werd.

Stevie Wonder woonde van 1996 tot 2000 samen met kledingassistente Angela McAfee en trouwde in 2001 met modeontwerpster Karen Millard, die werkzaam is onder de naam Kai Milla. Haar zoon uit een vorig huwelijk werd vervolgens door Wonder geadopteerd. Stevie Wonder en Karen Millard kregen samen twee kinderen. In 2012 vroeg Wonder de scheiding aan.

Stevie Wonder heeft meer dan honderd miljoen platen verkocht, won vijfentwintig Grammy Awards en werd in 1989 opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame.

Stevie Wonder componeerde

     24 popalbums

- Talking Book , album nr. 16, 27 oktober 1972

You are the sunshine of my life, nr. 1

- Songs in the Key of Life, album nr. 18, 28 september, 1976

I wish, kant 2, nr. 1

www.steviewonder.net

 

Algirdas Martinaitis (*Paserbentis, Raseiniu, Litouwen, 17 mei 1950) studeerde aan het Conservatorium van Litouwen en werkte als muzikaal presentator aan het Russische Drama theater tot 1990 en het Academische Drama Theater tot 1998.

Algirdas Martinaitis componeerde

     1 theatermuziekwerk

     2 werken met videoprodukties

     19 orkestwerken

     30 kamermuziekwerken

     2 werken met volksinstrumenten

     23 werken voor zangstem(men) en instrument(en)

     34 koorwerken (a cappella of met instrumenten)

- Alleluja, 1996, voor gemengd koor a cappella, haast Middeleeuws

     2 pianowerken

     2 orgelwerken

     5 werken voor een ander solo‒instrument

     4 werken voor kinderen

     3 elektronische werken

 

Enjott (Norbert Jürgen) Schneider0 (*Weil am Rhein, Duitsland, 25 mei 1950) leerde als jongen viool, piano, accordeon, trompet en orgel spelen. Vanaf zijn 19de jaar was hij organist in Huningue (Frankrijk) en keyboardspeler in de popgroep Kaktus. Vanaf 1975 was hij aan het werk als kerkmuzikant in Hinterzarten (Zwarte Woud). In 1969 begon hij een studie muziektheorie, schoolmuziek, orgel en trompet aan de Muziekhogeschool Freiburg im Breisgau en tegelijk een studie muziekwetenschap, germanistiek en taalkunde aan de Universiteti van Freiburg. In 1977 promoveerde Enjott Schneider.

Momenteel (2014) leeft en werkt Enjott Schneider in München, sinds 1979 als docent aan de Muziekhogeschool in de vakken muziektheorie en film- en televisiemuziek.

In 1988 organiseerde hij de Klankstudio Augenklang, die in 1997 door de Greenhouse Studio werd vervangen. Vanaf 25 juni 2013 is Enjott Schneider voorzitter van de Duitse componistenvereniging.

Enjott Schneider componeerde

     5 opera’s

     1 musical

     5 ander theaterwerken

     4 oratoria

     65 andere (series) werken voor koor (solisten) en (instrumenten);oratoria

     63 orkestwerken

     12 orgelsymfonieën

     51 andere (series) orgelwerken

     90 kamermuziekwerken

     26 werken voor (zang)stem en instrumenten

     6 werken voor life-orkest bij filmvoorstellingen

     10 filmscores voor speelfilms

     20 filmscores voor documentaires

     15 televisiescores, ook voor televisieseries

www.enjott.com

 

Hendrik de Regt (* Rotterdam, 5 juli 1950) studeerde piano en orgel in Rotterdam en van 1975 tot 1984 compositie en analyse bij zijn vader Piet Ketting.

Hendrik de Regt componeerde

     10 koorwerken

     11 werken voor zangstem(men) of koor  en piano of instrumenten

     54 kamermuziekwerken

- 6 werken voor blokfluit(en)

 

Barnabás Dukay (*Szőny, Hongarije, 25 juli 1950) studeerde na afronding van het Györ Muziekcollege van 1969 tot 1974 compositie aan de Liszt Muziekacademie in Boedapest bij Rezső Sugár. Van 1970 tot 1990 was hij lid van de New Musical Studio, een Hongaarse groep experimenterende musici, geďnspireerd door Béla Bartók, Anton von Webern en György Kurtág.Van 1974 tot 1991 gaf hij les in solfčge en muziektheorie aan de Béla Bartók Muziekschool. Vanaf 1991 is Barnabás Dukay docent muziektheorie aan de Ferenc Liszt Muziekacademie.

Barnabás Dukay componeerde

     15 kamermuziekwerken

     4 a cappella koorwerken

 

Joan Albert Amargós (*Barcelona, Spanje, 2 augustus 1950) is de kleinzoon van componist Joan Altisent i Ceardi (1891–1971). Joan Albert Amargós studeerde piano en klarinet aan het Conservatorio Superior de Música del Liceo. Hij is een specialist op het gebied van Flamenco. Joan Albert Amargós richtte de groep Música Urbana op.

Joan Albert Amargós componeerde

     2 opera’s

     3 theatermuziekwerken

     7 orkestwerken

- Northern Concerto voor blokfluit en groot orkest, 2005, geschreven voor Michala Petri.

     64 (series) kamermuziekwerken

     1 fimscore

 

Carlos Eduardo Micháns (*Buenos Aires, 18 augustus 1950) komt uit een middenstandsfamilie met Spaanse, Engelse en Schotse achtergrond. Carlos Micháns begon op 12 jarige leeftijd piano en muziektheorie te studeren en stopte daar nooit meer mee. Hij kreeg op zeventienjarige leeftijd zijn eerste compositielessen van componist Roberto García Morillo. Hij studeerde harmonie en contrapunt bij Susana Oliveto, piano bij Almah Melgar en orgel bij Carlos Larrimbe. Een jaar nadat Carlos Micháns bij hem begonnen was, overleed Carlos Larrimbe onverwacht aan een hartinfarct. Carlos Micháns vervolgde in 1968 zijn studie orkest- en koordirectie aan de Universiteit van Buenos Aires en aan het Teatro Colón in Buenos Aires.

Vanaf 1973 werkte Carlos Michás als muziekdocent, koordirigent en docent Engels. Na een kort bezoek in Nederland in 1981, wat hem erg goed beviel, probeerde Carlos Michás een studiebeurs van de Nederlandse regering te krijgen. De studiebeurs werd toegekend, maar de Falklandoorlog, waarbij Nederland de Britse kant kiest, verhinderde, dat hij naar Nederland kwam. In 1982 lukt dat wel en Carlos Micháns zette zijn studie compositie en elektronische muziek voort aan het Utrechts Conservatorium bij Hans Kox, Joep Straesser, Tristan Keuris en Ton Bruynčl. In 1987 kreeg hij zijn diploma en besloot Nederlands staatsburger te worden en in Utrecht te blijven wonen. Carlos Micháns is ook auteur; hij schrijft verhalenbundels, romans en gedichtencycli.

In 1989 kreeg Carlos Micháns de Nederlandse nationaliteit.

Carlos Micháns componeerde

     13 orkestwerken

- Alternances, 1995, voor saxofoonkwartet en strijkorkest

- Sinfonia Concertante nr. 2 voor viool, cello en orkest, 1996

- Sinfonia Concertante nr. 4, 2002

- Concerto for Saxophone and Orchestra, 2009, voor saxofonist Arno Bornkamp.

- Concerto for Harp and Orchestra, 2007, voor Lavinia Meijer.

     2 werken voor groot ensemble

     7 werken voor zangstem en/of koor en orkest

- Correspondances, 1991 voor bariton, koor en orkest, op basis van teksten van Baudelaire, Flaubert en De Nerval.

     19 werken voor koor a cappella of met instrumenten

- Salmos, 1992

     33 kamermuziekwerken

- Quartetto nr. 1, voor saxofoons, 1989

- String Quartet no. 2, 1992

- pianokwintet voor strijkkwartet en piano, 1994

- Quartetto nr. 2 voor saxofoons, 1998

- Aprčs Minuit (Alternances II), voor sopraansaxofoon, viool, harp, slagwerk en piano, 1998

- Trois Visions Tantriques, voor harp en saxofoonkwartet, 2006,

- Dravidian Moods, voor hobo en strijkkwartet, 2008, prachtige hobopartij.

- Del Sur voor viool, saxofoon en piano, 2012

     4 werken voor zangstem en piano

     21 werken voor een instrument solo

- Tema, Toccata y Fuga, voor orgel, 1977

- Apparitions, voor piano, 1990

- Musique pour saxophone, 1984

www.carlosmichans.nl

 

George Fenton (Howe), *Londen, Engeland, 19 oktober 1950), werd geboren als George Richard Ian Howe en ging vanaf 1963 naar de St Edward's School in Oxford. Op het moment is hij bestuursvoorzitter van de school.

Hij begon zijn loopbaan als acteur, maar werd vaak gevraagd om een muziekinstrument te bespelen in allerlei produkties.

Vanaf 1974 kreeg hij grote film- en televisiemuziekopdrachten. Hij heet dus eigenlijk George Howe, maar iedereen kent hem onder zijn pseudoniem George Fenton.

George Fenton componeerde

     70 filmscores

- Ghandi (Richard Attenborough), 1982

- 84 Charing Cross Road (David Jones), februari 1987

- Cry Freedom, (Richard Attenborough), november 1987

- Dangerous Liaisons (Stephen Frears), 1988

- Groundhog Day (Harold Ramis), 1993

- In love and war (Richard Attenborough), 1996

- Wild Oats (Andy Tennant), 2015

     10 TVscores

- The Blue Planet (2001), Emmy Award most outstanding composition

orkestversie: Blue Planet in Concert

- Planet Earth (2006), Emmy Award most outstanding composition

- Frozen Planet (2011), hier is ook een live-concertversie van gemaakt: Frozen Planet in Concert.

     eindeloze reeks herkenningstune's

- Nine O'Vlock News (BBC)

- Newsnight (BBC)

Arturo Márquez (*Álamos, Sonora, Mexico, 20 december 1950) is de zoon van een Mariachi muzikant. De familie emigreerde nog in zijn kindertijd naar Zuid California. Ze gingen wonen in La Puente, een voorstad van Los Angeles. Daar ging Arturo Marquez naar de Fairgrove Junior High School en de William Workman High School. Hij leerde trombone spelen onder leding van Mr. Rossetti, de dirigent van het schoolorkest. Op 16-jarige leeftijd begon hij te componeren en op het Mexican Music Conservatory studeerde hij bij Federico Ibarra, Joaquín Gutiérrez Heras en Héctor Quintanar.

Momenteel werkt Arturo Márquez aan de Nationale Universiteit van Mexico, de Hogeschool voor Muziek en het CENIDIM (Nationaal Centrum voor Onderzoek, Documentatie en Informatie van Mexicaanse Muziek). He woont met zijn gezin in Mexico City. In Caracas, Venezuela is in 2005 ter ere van hem het Arturo Marquez International Music Festival gestart.

Arturo Márquez componeerde

     14 kamermuziekwerken

     12 werken met electronica

- Son a Tamayovoor harp, percussie en tape (1996).

     2 filmscores

     5 balletten

     12 orkestwerken

- 5 Danzones, gebaseerd op de muziek van Cuba en de Veracruz regio van Mexico. De Danzones  worden veel gebruikt voor balletprodukties overal in de wereld

+ Danzón nr. 2, 1994,  heeft internationaal veel bekendheid gekregen (“tweede volkslied van Mexico”)

     1 werk voor zangstem, piano percussie strijkorkest

     1 werk voor koor en orkest

     7 solowerken

 

Kees Boeke (*Amsterdam 1950) studeerde blokfluit bij Frans Brüggen en cello bij Anner Bijlsma aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Eenmaal met lof afgestudeerd richtte hij in 1969 het Quadro Hotteterre op. He was ook jarenlang  medewerker van  Kees Otten’s Syntagma Musicum en mede-oprichter van de ensembles Sour Cream (1972), Little Consort Amsterdam (1978), and Mala Punica (1989).

Vanaf 1970 doceerde  Kees Boeke in Den Haag en aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam. Vanaf 1990 doceerde hij blokfluit en Oude Muziek aan de Hochschule für Musik in Trossingen in Duitsland. In 2005 werd hij benoemd tot hoofdleraar Middeleeuwse en Renaissance muziek aan het Instituut für Alte Musik in Trossingen. Naast veel werk en optredens op het gebied van de oude muziek vormt Kees Boeke een electronisch blokfluitduo, Duix, met Antonio Politano. Kees Boeke is ook werkzaam voor de uitgeverijen Zen-On in Tokyo, Jaspan en Schott in Londen, Engeland. Kees Boeke leeft met zangeres Jill Feldman in Toscane, waar hij naast zijn muzikale werk zuivere olijfolie en wijn produceert.

Kees Boeke componeerde

     6 werken voor blokfuit(en) en /of andere instrumenten en zangstem(men)

     5 kamermuziekwerken

- Susanna’s Dream, 2003, voor Paetzold basset in f,  2 grootbassen in c, 2 contrabassen in F, 1 sub contrabass in C en electronische manipulatie van het geluid

     1 werk voor een soloinstrument

www.o-livemusic.com

 

Andrew Downes (*Handsworth, Birmingham, Groot-Brittannië, 1950) studeerde vanaf 1969 compositie aan het St. John’s College in Cambridge, en vanaf 1974 bij Herbert Howells aan het Royal College of Music. Andrew Downes was Directeur van de School voor Compositie en Kunststudies aan het conservatorium van Birmingham van 1992 tot 2005. Vanwege gezondheidsredenen ging hij in 2005 met pensioen. Sinds dat jaar werkt hij thuis als freelance componist. In 2014 werd hij benoemd tot Emeritus Professor aan de Birmingham City University, en kan daar als zodanig onder speciale omstandigheden nog aan het werk.

Andrew Downes is getrouwd met Cynthia, die de uitgaven van zijn werken verzorgt bij haar eigen uitgeverij Lynwoord Music. Ze hebben twee dochters: Anna en Paula, twee kleinzoons: Oscar en Maxwell en twee kleindochters: Persephone en Emilia.

Andrew Downes componeerde

     2 opera’s

     1 oratorium

     16 orkestwerken

     4 werken voor harmonie of fanfare

     6 werken voor solisten, koor en orkest

     7 werken voor solisten, koor en orgel

     8 werken voor koor a capella

     40 kamermuziekwerken

- Sonata voor 8 hoorns,  1995, geschreven voor het Hoornoctet van de Universiteit van New Mexico

     12 (series) werken voor zangstem(men) en piano of andere instrumenten

     7 (series) pianowerken

     4 orgelwerken

     3 werken voor een ander solo instrument

     1 mis voor een solosopraan 

www.andrewdownes.com

Maurice van Elven (*Amsterdam, 1950) studeerde aan conservatorium te Amsterdam orgel bij Piet Kee en Jan Raas, compositie bij Robert Heppener en koordirectie bij Jan Pasveer. Hij volgde de post-HBO-cursus Gregoriaans bij Dr. Alphons Kurris aan het Conservatorium van Maastricht.

Maurice van Elven is als cantororganist verbonden aan de Thomaskerk te Amsterdam. Hij dirigeert het vrouwenkoor ‘PROSA Vocaal Ensemble’. Als docent orgel, piano en solfčge-theorie heeft hij een uitgebreide privélespraktijk.

Hij geeft ook les aan de "Muziekschool Amsterdam”.

Maurice van Elven componeerde

     2 missen

     2 cantates

     6 werken voor koor en orgel of andere instrumenten

     1 serie koorwerken a cappella

     1 liedcyclus voor alt en piano

     10 orgelwerken

     2 werken voor een ander instrument solo 

www.mauricevanelven.nl

 

Drake Mabry (*Verenigde Staten, 1950) studeerde hobo aan de Juilliard School of Music en de Manhattan School of Music bij Harold Gomberg. Vanaf 1971 studeerde hij compositie aan de Rice University en de University of California, San Diego bij Will Ogdon, Paul Cooper, Krzysztof Penderecki en John Cage.

Vanaf 1971 speelde hij eerste hobo in diverse orkesten. Van 1975 tot 1978 speelde hij saxofoon, fluit en klarinet in de Aspen Music Festival Big Band en leidde hij zijn eigen jazzkwintet. Sinds 1978 houdt Drake Mabry zich voornamelijk bezig met componeren en improviseren. In 1988 vestigde hij zich in Frankrijk, waar hij van 1999 tot 2006 de muziekschool in Poitiers leidde. Sinds 2010 woont hij op Long Island bij New York. Drake Mabry is getrouwd met de pianiste Catherine Schneider, waar hij veel samen mee op treedt.

Drake Mabry is ook dichter en kunstschilder.

Drake Mabry componeerde

     13 orkestwerken

- Concerto for Dorothee, voor bas- en sopraanblokfluit en barokorkest, 2012, geschreven voor Dorothee Oberlinger

     5 werken voor brass-ensemble of blaasorkest (en percussie)

     5 (series) werken voor (jazz)band

     1 kinderopera

     60 (series) kamermuziekwerken

- Lux aeterna, 1977, voor blokfluitkwartet

- Twenty Contemporary Musical Excursions, 1998, duo's, solo's en ensemblesteukken voor blokfluiten.

- Silent Durations XXXIX voor 3 PaetZoldbasblokfluiten, 2012, opgedragen in trio In Vento uit Salzburg

     2 kinderkoorwerken met instrumenten

     14 werken voor zangstem en piano of andere instrumenten

     22 (series) pianowerken

     20 (series)werken voor solo-instrument

- 2.5.83 voor altblokfluit solo, een klassieker uit de moderne blokfluitliteratuur;

- Silent Durations XLVI, 2012, voor basblokfluit opgedragen aan Maria Dorner-Hofman, docente aan het Mozarteum in Salzburg.

     1 klavecimbelwerk

     1 orgelwerk

     1 werk voor blokfluit solo

     1 werk voor carillon

     3 werken voor percussie

     1 werk voor slagwerk

     1 elektronisch werk

www.drakemabry.com

www.drakemabryproductions.com

 

Elmer Schönberger (*Utrecht, 1950) studeerde piano aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij Jan de Man en Gérard van Blerk. Tevens volgt hij privélessen compositie bij Rudolf Escher. Als student musicologie aan de Universiteit van Utrecht schreef hij zijn eerste recensies in het Utrechts Nieuwsblad. Veel muziekrecensies en muziekessays zouden volgen.

In 1988 werd Elmer Schönberger artistiek adviseur van het Schönberg Ensemble.

Elmer Schönberger schreef ook toneelstukken en romans.

Elmer Schönberger componeerde

     7 muziektheaterwerken

     2 koorwerken a cappella

     3 orkestwerken

- Ghosting Pantaleon,  pianoconcert, 2015

     1 werk voor een instrument solo

     10 werken voor (zang)stem(men) en instrumenten

     1 werk voor koor en instrumenten

     8 kamermuziekwerken 

www.elmerschonberger.com

 

Kurt Wiklander (*Zweden, 1950) studeerde vijf jaar aan de Muziekhogeschool in Göteborg en daarna nog vier jaar aan de Muziekhogeschool in Keulen orgel bij Michael Schneider en piano bij Helmut Weinrebe. Daarnaast studeerde hij kerkmuziek en compositie. Kurt Wiklander woont aan de Zweedse westkust.

Kurt Wiklander componeerde

     2 orkestwerken

     3 werken voor (solist), koor en instrument(en) of orkest

     5 kamermuziekwerken

     3 (series) liederen voor zangstem en piano

     1 werk voor twee piano’s

     7 (series) werken voor piano solo

- pianosonate, opus 4, opgedragen aan Ingemar Hedvall

     7 (series) orgelwerken

     1 serie koorwerken

     1 gitaarwerk

www.wiklander.se