Componisten

geboren in 1961

 

 

Benjamin Thorn (*Canberra, Australië, 30 januari 1961) studeerde aan de Canberra School of Music in Canada en de Universiteit van Sydney in Australië. Hij studeerde af in muziek en theatersemiotiek. Behalve als blokfluitist en als componist en arrangeur werkte Benjamin Thorn als schrijver van artikelen over muziek en theater, organisator van workshops en muziekevenementen. Op het moment (2016) is hij met Zana Clarke betrokken bij het uitgeven en in productie brengen van publicaties bij Orpheus Music in Armidale en is hij artistiek directeur van het New England Bach Festival.

Benjamin Thorn componeerde

     1 muziektheaterwerk

     2 orkestwerken

     1 werk voor brassband

     23 koorwerken

- Missa sine verbum voor koor en lichaamspercussie

     3 werken voor zangstemmen

     14 werken voor zangstem(men) en instrument(en)

     70 kamermuziekwerken

     60 werken voor een instrument solo

The voice of the crocodile,  voor basblokfluit, 1988

Bell Play,  voor carillon, 2007 

 

Marc-André Dalbavie (*Neuilly-sur-Seine, Frankrijk,10 februari 1961) had zijn eerste muzieklessen op zesjarige leeftijd en studeerde later aan het Conservatoire de Paris compositie bij Michel Philippot, muziekanalyse bij Betsy Jolas en Claude Ballif, elektroakoestiek bij Guy Reibel, orkestratie bij Marius Constant, muzikale informatiek bij Tristan Murail en directie bij Pierre Boulez. In de jaren 90 verhuisde hij naar Berlijn. In 1994 won Marc-André Dalbavie de Prijs van Rome en de Ernst von Siemens Music Prize. In 2004 werd hij geslagen tot Chevalier des Arts et Lettres door de Franse minister van cultuur. Op het moment (2015) woont hij in de stad St. Cyprien en doceert hij vanaf 1996 orkestratie aan het Conservatoire National Supérieur de Musique de Paris.

Marc-André Dalbavie componeerde

     2 opera's

- Charlotte Salomon, opera in twee bedrijven en een epiloog, 28 juli 2014,  libretto Barbara Honigmann, gebaseerd op de 1100 gouaches en teksten “Leben? Oder Theater?” van Charlotte Salomon, wier leven, toen ze vier maanden zwanger was, eindigde in Auschwitz. Marc-André Dalbavie schildert de muziek, passend bij de kleurige gouaches.

     12 werken voor orkest

     10 concertante werken

- pianoconcert, 2005, geschreven voor pianist Leif Ove Andsnes, prachtig werk;

- fluitconcert, 2006, bewonderenswaardig werk, moeilijk uitvoerbaar.

     11 kamermuziekwerken

     5 werken voor zangstem(men) en orkest

     3 werken voor koor en orkest

 

Hanna Kulenty (*Białystok, Polen, 18 maart 1961) studeerde van 1976 tot 1980 piano aan de de Karol Szymanowski Muziekschool in Warschau, en van 1980 tot 1986 compositie bij Włodzimierz Kotoński aan de Frédéric Chopin Muziekacademie in Warschau. Van 1986 tot 1988 studeerde ze compositie bij Louis Andriessen aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Sinds 1992 woont en werkt Hanna Kulenty zowel in Warschau (Polen) als in Arnhem.

Hanna Kulenty componeerde

     3 opera’s

- The Mother of Black-Winged Dreams, 1995, opera in één bedrijf, libretto Paul Goodman, over mensen met een meervoudige persoonlijkheidsstoornis. De schizofrene heldin Clara staat centraal. Twee zussen Click en Scissors, vormen in vier afsplitsingen de personificatie van Clara's stoornis. Boeiende muziek.

     2 muziektheaterwerken

     17 orkestwerken

     11 werken voor groot ensemble

     30 kamermuziekwerken

- Preludium, Postludium and Psalm voor cello en accordeon, 2007

- Tell me about it, Strijkkwartet nr. 3, 2007

- A Cradle Song, Strijkkwartet nr. 4, 2007

     19 werken voor een instrument solo

- A Fifth Circle, 1994 voor altfluit met delay

     2 electronische werken

     2 filmscores

www.hannakulenty.com

 

Sunleif Rasmussen (*Sandur (Faeröer), Denemarken 19 maart 1961) kreeg een jazzopleiding in Noorwegen, bekeerde zich rond zijn vijfentwintigste tot de klassieke muziek en ging studeren aan de Koninklijke Deense Academie voor Muziek in Kopenhagen. Van 1990 tot 1995 kreeg Sunleif Rasmussen les van Ib Nørholm en Ivan Frounberg (elektronische muziek). Daarna studeerde hij aan het IRCAM in Parijs en maakte kennis met Spectral Music van Tristan Murail.

Sunleif Rasmussen componeerde

     8 orkestwerken

- "Territorial Songs", 2009, concert voor blokfluit en groot orkest

     1 opera

     3 werken voor zangstem en  orkest

     14 kamermuziekwerken

     3 koorwerken

- “I” , 2011, voor koor en blokfluit

     2 werken voor solisten, koor en instrumenten

     1 werk voor zangstem en instrumenten

     6 werken voor een solo-instrument

 

Jake Heggie (*West Palm Beach, Florida, Verenigde Staten,  31 maart 1961) begon piano te spelen toen hij vijf jaar oud was. Hij kreeg zijn piano- en compositie opleiding in Orinda (Californië) bij Ernst Bacon (1977-1979), in Parijs en aan de Universiteit  van Californië in Los Angeles, de UCLA, bij pianiste Johana Harris (1912–1995)

Jake Heggie  trouwde met Johana Harris in 1982 en scheidde van haar  in 1993. In 2008 trouwde hij met de zanger Curt Branom.

Jake Heggie componeerde

     5 opera’s

- Dead man walking, 2000, libretto Terrence McNally; het verhaal van Sister Helen Prejean  en de ter dood veroordeelde moordenaar Joseph de Rocher; aan klacht tegen de doodstraf;

- The end of the affair, 2004

- At The Statue of Venus, 2005,

- To Hell and Back, 2006,

- Moby-Dick, 2010

     4 toneelmuziekwerken

- For a Look or a Touch, 2007

     4 koorwerken

     5 werken voor koor met orkest of instrumenten

     23 series  liederen voor zangstem en piano

     15 losse liederen voor zangstem en piano

     5 series liederen voor zangstem en orkest

     8 series liederen voor zangstem en kamermuziekbegeleiding

- pieces of 9/11: Memories from Houston, 2011, voor sopraan, bariton en een meisjessopraan (leeftijd 14-18 jaar), met  begeleiding van fluit, gitaar, viool en cello. 6 teksten van Gene Scheer, gebaseerd op interviews met inwoners van Houston en hun verhalen over de aanslag op 11 september.

- Camille Claudel: into the fire, 2012, 7-delige liedcyclus voor mezzosopraan en strijkkwartet, op teksten van Gene Scheer gebaseerd naar aanleiding  het leven en het werk van de Franse beeldhouwster Camille Claudel (1864-1943), die uiteindelijk aan haar eind kwam in een gesticht. Aangrijpend werk

     4 orkestwerken

     6 kamermuziekwerken

- Soliloquy, 2012 voor fluit en piano.

     4 werken voor twee piano’s

     4 werken voor piano solo

www.jakeheggie.com

 

Karen Tanaka (Tokio, Japan, 7 april 1961) begon als kind met piano en compositielessen. Nadat ze compositie had gestudeerd bij Akira Miyoshi en piano bij Nobuko Amada aan de Toho Gakuen Muziekschool in Tokio, studeerde ze vanaf 1986 in Parijs met een Franse beurs bij Tristan Murai en werkte ook aan het IRCAM. In 1990 en 1991 studeerde Karen Tanaka nog bij Luciano Berio in Italië.

Karen Tanaka doceerde compositie aan de Universiteit van Californië in Santa Barbara en de Universiteit van Michigan in Ann Arbor. Op het moment (2016) woont Karen Tanaka in Los Angeles en doceert ze compositie aan het Kunstinstituut in Californië.

Karen Tanaka componeerde

     2 geluidsinstallaties

     12 orkestwerken

     13 kamermuziekwerken

     5 koorwerken

     14 pianowerken

- Techno Etudes, 2000

     6 werken voor een ander solo-instrument, ook met elektronica

     3 elektro–akoestische werken

 

Tjako van Schie (Coevorden, 17 april 1961) studeerde piano aan het conservatorium in Zwolle bij Ben Smits.

Vanaf  1994 is Tjako van Schie  correpetitor aan het Conservatorium van Amsterdam en gastdocent aan de Escola Superior de Música das Artes do Espectáculo in Porto, Portugal. Hij is vaste pianist van enkele koren.

Tjako van Schie is getrouwd en woont in Nieuwleusen.

Tjako van Schie componeerde

     65 (series) pianowerken

     33 kamermuziekwerken

     9 werken voor piano vier handen of twee piano’s

     3 werken  voor koor en piano

     6 werken voor zangstem(men) en piano

     2 koorwerken

     6 orkestwerken

     1 werk voor tenorsaxofoon solo

www.tjako.nl

 

Gilles Silvestrini (*Givet, Frankrijk, 4 juni 1961) begon zijn muziekstudie aan het Conservatoire à rayonnement régional de Reims en behaalde daar een prijs voor zijn hobospel. Vanaf 1979 studeerde Gilles Silvestrini aan het conservatoire national supérieur de musique et de danse in Parijs bij Pierre Pierlot, waar hij in 1985 met een eerste prijs voor hobo afstudeerde. Van 1986 tot 1988 studeerde Gilles Silvestrini compositie aan de l'École normale de musique in Parijs met een accent op het componeren van filmmuziek.

Op het momnet (2014) doceert Gilles Silvestrini hobo aan het conservatoire Darius Milhaud in het 14e arrondissement van Parijs.

Gilles Silvestrini componeerde

     5 orkestwerken

     2 werken voor (zangstem), koor en orkest

     6 kamermuziekwerken

     2 (series) liederen voor zangstem(men) en piano

     4 (series) werken voor hobo solo

     1 werk voor harp

     1 werk voor piano

 

Jean-Christophe Rosaz (*Chambéry, Frankrijk, 13 juli 1961) studeerde aan het Conservatoire National Supérieur de Musique in Lyon compositie. Jean-Christophe Rosaz heeft de FransZwitserse nationaliteit, een Argentijnse grootmoeder en in Italiaanse grootvader. Dat leidde tot een brede culturele belangstelling. Hij studeerde dan ook in 1991 ethnomusicologie bij Y. Grimaud. En in 1992 compositie filmmuziek aan de Ecole Normale Supérieure de Musique in Parijs bij A. Duhamel en P. Mestral. Zelf een zanger, heeft hij veel vocale muziek gecomponeerd, in diverse talen.

Jean-Christophe Rosaz componeerde

     2 werken voor blaasorkest

     2 werken voor zangstem en orkest

     10 werken voor zangstem en piano of een ander instrument

     17 songs voor zangstem en gitaar

     9 werken voor kinder- of vrouwen koor

     11 werken voor gemengd koor

     5 werken voor mannenkoor

     1 opera

     1 musical

     2 passionen

     11 psalmen

     18 versper (delen)

     75 andere religieuze werken

     8 andere werken voor een solo-instrument

     18 kamermuziekwerken

     2 theatermuziekwerken

     2 werken voor klavecimbel,

     3 werken voor viool

     5 werken voor piano

     1 filmscore

     1 TVscore

www.jeanchristopherosaz.eu

 

Unsuk Chin (*Seoul, Korea, 14 juli 1961) studeerde compositie bij Sukhi Kang aan de Nationale Universiteit Seoul en bij György Ligeti aan de Hochschule für Musik und Darstellende Kunst in Hamburg  van 1985-1988. In 1988 verhuisde Unsuk Chin naar Berlijn, waar ze jarenlang werkte als componist aan de Muziekstudio van de Technische Universiteit van Berlijn.  

Unsuk Chin componeerde

     1 opera

- Alice in Wonderland, 2007, libretto David Henry Hwang, gebaseerd op Lewis Caroll’s sprookje.

     7 orkestwerken

- Pianoconcerto,  1997

- vioolconcert, 2002

- Roccaná, 2008

- Su, concert voor Chinese sheng (een soort mondorgel) en orkest, 2009, gecomponeerd voor shengspeler Wu Wei

- Celloconcerto, 2009, gereviseerd 2013, het eerste meesterwerk uit de 21ste eeuw (2014)

- Klarinetconcerto,  2014

     2 werken voor koor en orkest

- Troerinnen, 1990, voor drie sopranen, koor en orkest, gebaseerd op een toneelwerk van Euripides.

     3 werken voor zangstem(men) en orkest

- Miroirs des temps, 1999

     7 kamermuziekwerken

- Acrosticon Woordspel, 1991, voor sopraan en ensemble

- Fantaisie mecanique, 1994, voor vijf instrumenten

- Allegro ma non troppo voor percussie en tape. 1998

- Cantatrix Sopranica voor twee sopranen, countertenor en ensemble, 2005, verkenningstocht over de klank van de stem; zingen over zingen, met een behoorlijke dosis humor. 

- Double Bind?, voor viool en elektronica, 1998

- Alice in Wonderland - Advice from a caterpillar, 2007, voor basklarinet solo

     2 elektronische muziekwerken

- Gradus ad infinitum for 8 pianos,  voor tape

     6 piano etudes

 

Alexandre Michel Gerard Desplat (*Parijs, Frankrijk, 23 augustus 1961) heeft een Griekse moeder, die zijn vader ontmoette op het Universitair Centrum Berkeley in Californië, waar ze studeerden, woonden en trouwden. Alexandre Desplat speelde vanaf zijn vijfde piano en trompet en koos daarna fluit als hoofdinstrument. Hij studeerde aan het conservatorium van Parijs bij Claude Ballif, aan het atelier UPIC bij Iannis Xenakis in Frankrijk en orkestratie bij Jack Hayes in Los Angeles in de Verenigde Staten.

Alexandre Desplat begon in Frankrijk filmmuziek te componeren, later ook in Hollywood. Toen hij de muziek voor zijn eerste film opnam, ontmoette hij violiste Dominique Lemonnier, die zijn favoriete soliste, artistiek leider en vrouw werd.

Alexandre Desplat is de jongere broer van Marie-Christine (“Kiki”) leidster van de jazzband "Certains l'Aiment Chaud", en van Rosalinda Desplat.

Alexandre Desplat componeerde

     1 opera

     1 ballet

     14 theatermuziekwerken

     3 shows

     1 orkestwerk

     124 filmscores

- The Curious Case of Benjamin Button, regie David Fincher, 2008

- The Twilight Saga: New Moon, regie Chris Weitz, 2009

- The King's Speech, regie Tom Hooper, 2010

- Harry Potter en de Relieken van de Dood, regie David Yates, 2010, 2011

- Argo, regie Ben Affleck, 2012 

- Godzilla, regie Gareth Edwards, 2014

- The Grand Budapest Hotel, regie Wes Anderson, 2014. Oscar voor beste filmmuziek in 2015.

- Florence Foster Jenkins, regie Stephen Frears, 2015,

     20 korte filmscores en documentaires

     45 Tvscores

     1 videogame

     3 commercials

 

Thomas Walter Buchholz (*Eisenach, Duitsland, 27 augustus 1961) is de zoon van oratoriumzanger en zangpedagoog Kurt Wichmann en concertpianiste en muziekpedagoge Jutta Buchholz. Thomas Buchholz kreeg vanaf zijn 6de aan de Muziekschool Eisenach zangles, pianoles, orgelles en muziektheorie. Daarna volgde hij een opleiding voor pianobouwer aan de Julius Blüthner Pianofortefabrik. Daarna ging hij aan het werk als pianostemmer in Eisenach en muziekinstrumentrestaurateur aan het Klooster Michaelstein in Blankenburg.

Ondertussen studeerde Thomas Buchholz van 1983 tot 1988 zang bij Rudi Ploß, compositie bij Günter Neubert en muziekpedagogiek bij Hans-Georg Mehlhornan aan de Muziekhogeschool „Felix Mendelssohn Bartholdy“ in Leipzig. En van 1988 tot 1992 studeerde hij compositie bij Ruth Zechlin aan de Kunstacademie in Berlijn. Daarbij volgde hij compositiecursussen bij Rudolf Kelterborn, Witold Lutosławski en John Cage.

Vanaf 1988 doceerde Thomas Buchholz aan de Martin-Luther-Universität Halle-Wittenberg vormleer, instrumentatie, contrapunt en nieuwe muziek. Vanaf 1993 deed hij als wetenschappelijk medewerker onderzoek aan het Heinrich-Schütz-Haus van de Schütz-Akademie in Bad Köstritz. Vanaf 1995 was hij in het Händel-Haus in Halle bezig.

Vanaf 1995 is hij ook gastdocent compositie aan het Staats Eriwaner Komitas-conservatorium in Armenië. Vanaf 2011 is Thomas Buchholz docent muziek en muziektheorie aan de Freie Waldorfschule in Halle.

Thomas Buchholz componeerde

     1 opera

     14 orkestwerken

     13 concerten

     5 werken voor zangers, (koor) en orkest

     9 (series) werken voor groot ensemble of kamerorkest

     46 (series) kamermuziekwerken

- Himmelsfarben, 1998 voor gitaar solo, opdrachtswerk voor het internationaal gitaarconcours;

- drei mondlieder, 2010 voor blokfluit, gitaar en accordeon, compositie voor “Jugend musiziert” 2011

- Himmelsfarben II, 2011 voor blokfluit en gitaar; de blokfluitist moet de 5 miniaturen op verschillende blokfluiten blazen, van sopranino tot basset; compositie voor “Jugend musiziert” 2011

- Bach-Triptychon, 2013 voor blokfluitist (6 verschillende blokfluien) en fagottist (fagot, contrafagot), gebaseerd op drie kantates van Johann Sebastian Bach

     5 koorwerken met instrumenten

     3 koorwerken met solisten

     10 (series) koorwerken a cappella

     5 werken voor zangstem(men) en piano

     6 werken voor zangstem en andere instrumenten

     8 (series) pianowerken

     26 (series) werken voor een ander instrument solo

     18 andere (niet of anders uit te voeren) werken en bewerkingen

www.buchholz-komponist.de

 

Michael Torke (*Milwaukee, Wisconsin, Verenigde Staten, 22 september 1961) kreeg al op 5-jarige leeftijd pianoles. Zijn eerste compositie schreef hij voor een jeugdorkest, waarin hij zelf fagot speelde. Michael Torke studeerde aan de Eastman School of Music compositie bij Christopher Rouse en Joseph Schwantner. Daarna studeerde hij aan de Yale School of Music in New Haven bij Jacob Druckman en Martin Bresnick.

In 1985 vertrok hij naar New York.

In 1986 bracht Michael Torke een jaar in Rome in Italië door.

Michael Torke componeerde

     30 (series) orkestwerken

- Bright Blue music in D grote terts, 1985 Michael Torke hoort toonsoorten in kleuren

- Javelin,  1994.

- Mojave,  marimbaconcert, 2009

     5 werken voor harmonie-orkest

     1 mis

     3 opera’s

     5 balletten

     1 koorwerk

     3 werken voor zangstem en isntrument(en)

     18 (series) kamermuziekwerken

     3 pianowerken

www.michaeltorke.com

 

Brett Dean (*Brisbane, Australië,  23 oktober 1961) studeerde aan het Queensland Conservatorium. Van 1985 tot 1999 was Brett Dean violist in het Berlijns Filharmonisch Orkest. In 2000 ging hij weer naar Australië terug.

Daar was hij artistiek directeur van de Australian National Academy of Music in Melbourne tot juni 2010. Zijn broer, Paul Dean, nam het van hem over. Sinds die tijd wijdt hij zich voornamelijk aan componeren en dirigeren en verdeelt hij zijn tijd tussen Melbourne en Berlijn.

Brett Dean componeerde

     1 opera

- Bliss, gebaseerd op de roman van Peter Carey, 2010.

     1 ballet

     15 orkestwerken

- Carlo voor strijkers, sample en tape, zijn meest succesvolle werk, geïnspireerd door de muziek van Carlo Gesualdo, 1997.

- Pastoral Symphony voor kamerorkest, 2000, experimenteel, naar Beethovens 7de symfonie.

- Etüdenfest, 2000, voor strijkorkest met piano buiten het podium

- Shadow Music,  voor kamerorkest, 2002

- Moments of Bliss, 2005

- Short Stories, vijf tussenspelen voor strijkorkest, 2005

- Testament, 2008, voor orkest, naar de versie voor 12 altviolen uit 2002

     5 concerten

- The Lost Art of Letter Writing, vioolconcert, 2008

- Ariel’s Music, klarinetconcert, 1995

     6 werken voor koor en instrumenten of orkest

- Carlo,  voor kamerkoor en orkest, naar Carlo Gesualdo, 2015

     6 werken voor zangstem en instrumenten of orkest

- Winter Songs voor tenor en blaaskwintet, 2001

- Songs of Joy, cyclus liederen voor zangstem en orkest,  2008

     20 kamermuziekwerken

- Testament, voor 12 altviolen, 2002

- Polysomnography, voor blaaskwintet en piano, 2008

 

Stephen Hough ( *Heswall, Cheshire, Engeland, 22 november 1961) begon met pianolessen toen hij vijf jaar oud was. In 1978 won hij de pianoprijs in de BBC Young Musician of the Year Competition.

Stephen Hough heeft een Master's degree van de Juilliard School en ontving de MacArthur Fellowship in 2001. Hij studeerde bij Heather Slade-Lipkin, Gordon Green en Derrick Wyndham.

Hij werd lid van de Rooms-katholieke Kerk toen hij negentien jaar oud was. Hij heeft geschreven over zijn homoseksualiteit in relatie tot zowel zijn religie als de betekenis ervan voor zijn carrière als muzikant. Ook publiceerde hij THE BIBLE AS PRAYER: een handboek voor lectio divina.

Stephen Hough werd in 2005 Australisch staatsburger, zodat hij twee nationaliteiten bezit.

Stephen Hough componeerde

     orkestwerken

- The loneliest wilderness voor cello en orkest, 2005

- celloconcert, geschreven voor Steven Isserlis, 2007

     2  missen

     4 (series) liederen voor zangstem en piano

     2 werken voor koor en piano(’s) of orgel

     2 koorwerken

     4 kamermuziekwerken

     6 (series) pianowerken

- Broken Branches, Sonata for Piano

     1 solowerk voor piccolo

www.stephenhough.com 

 

Nicolas Bacri (*Parijs, 23 november 1961) begon op zevenjarige leeftijd piano te spelen en kreeg als teenager les in harmonieleer, contrapunt, analyse en compositie van  Françoise Gangloff-Levéchin en  Christian Manen en na 1979 van Louis Saguer. Daarna ging Nicolas Bacri naar het conservatorium in Parijs, waar hij ondermeer bij de componisten Claude Ballif, Marius Constant, Serge Nigg, en Michel Philippot studeerde.

Van 1987 – 1991 werkte hij als hoofd kamermuziek voor Radio France. Daarna wijdde hij zich uitsluitend aan componeren.

Nicolas Bacri componeerde

     6 symfonieën

- symfonie nr. 6, opus  60, 2003

     27 concerten.

     35 andere orkestwerken

     8 strijkkwartetten

     6 koorwerken

     17 werken voor zangstem(men) en orkest of instrumenten

- melodias de la melancolia, opus 119b, 2010, vier liederen op tekst van  Alvaro Escobar Molina voor sopraan en orkest

     kamermuziekwerken.

www.nicolasbacri.net

 

David Dramm (*Illinois, Verenigde Staten, 23 december 1961) groeide op in San Diego, Californië. Hij studeerde compositie bij Robert Erickson aan de Universiteit van Californië in San Diego en bij Louis Andriessen en Earle Brown aan de Yale Universiteit in New Haven, Connecticut. Naast zijn compositorische activiteiten is David Dramm als zanger/gitarist verbonden aan het Avant-Rock Trio Analecta. David Dramm leeft en werkt in Amsterdam.

David Dramm componeerde

     6 theatermuziekwerken

     6 dansmuziekwerken

     7 werken voor groot ensemble of orkest

- White heat, 2014, over de verloren energie van licht

     11 kamermuziekwerken

     6 vocale werken

     10 pianowerken

     6 werken voor slagwerk

     andere solowerken

- Begin, voor een bundel blokfluiten en electronica, geschreven voor Suzanna Borsch

     5 filmscores

www.daviddramm.com

 

Douwe Eisenga (*Apeldoorn, 1961) leerde in eerste instantie zichzelf componeren. Van 1990 to 1996 studeerde hij compositie aan het Gronings Conservatorium bij Julius Ament en Wim Diriwachter.

Douwe Eisenga componeerde

     1 opera

- kabaal, 2001, kameropera

     1 theaterproductie

- Wiek, 2009, productie van theatermaakster Boukje Schweigma

     5 orkestwerken

- pianoconcert, 2003

     3 werken voor koor en orkest

- Requiem 1953, ter gelegenheid van de 50 jarige herdenking van de watersnoodramp van 1953, 2003.

     13 kamermuziekwerken

- passacaglia voor piano vierhandig, fluit, altsaxofoon, viool en violoncello, 2011, melancholisch

- kick voor piano vierhandig, fluit, altsaxofoon, viool en violoncello, 2011, springerig opzwepend

- La Musica del Giorno, 2011

     4 werken voor 2 tot 4 piano’s

     5 werken voor piano solo

     1 filmscore

www.douweeisenga.nl

 

Nico Huijbregts (*1961) is componist, pianist en beeldend kunstenaar, ziet het leven graag als een onbeperkt totaal waarin alles mogelijk is binnen de grenzen van één nooit meer eindigende honderdste seconde, en weigert daarom enig feit uit het verleden van zijn leven te leveren. Nog een wonder dat ik een geboortejaar heb kunnen ontdekken.

Nico Huijbregts componeerde

     1 opera

     11 orkestwerken

     11 werken voor groot ensemble

- Farfanesque,  2013, voor het ensemble Black Pencil

     11 kamermuziekwerken

- Chasing Piazolla, 2015, voor panfluit en gitaar

     6 werken voor piano

     5 werken voor een ander instrument solo

     koorwerken a cappella

     8 werken voor zangstem en orkest, instrumenten of piano

www.nicohuijbregts.nl

 

Margreeth Chr. de Jong (*1961) behaalde in 1986 aan het Rotterdams Conservatorium de diploma’s Kerkmuziek, Docerend Musicus orgel en Uitvoerend Musicus orgel met het cijfer 10. Zij vervolgde haar studie bij Guy Bovet te Zwitserland, en bij Jean Langlais en Marie-Louise Jaquet-Langlais aan de Schola Cantorum te Parijs.

Margreeth de Jong is organist en kerkmusicus van de Nieuwe Kerk te Middelburg.

Sedert januari 2005 doceert Margreeth de Jong hoofdvak orgel aan de Roosevelt Academy, het internationale “Honors College” van de Universiteit Utrecht te Middelburg.

In 2012 is Margreeth de Jong door H.M. de Koningin benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Margreeth de Jong componeerde

     38 (series) orgelwerken

- “Andächtige Musique”, 11 delen  bewerkingen van Psalmen en Gezangen in barokstijl. Margreeth heeft zich de retorische stijlmiddelen van de barok zo eigen gemaakt, dat het lijkt of het om echte barokcomposities gaat.

     11 werken voor koor en orgel

     1 werk voor zangstem en orgel

     1 werk voor koor a cappella

http://margreethdejong.nl

 

Victor Kioulaphides (*Athene, 1961) studeerde basviool aan de Manhattan School of Music en de Juilliard School bij David Walter en Orin O¹Brien. HIj studeerde ook compositie bij Giampaolo Bracali en Ludmila Ulehla.

Victor Kioulaphides componeerde

     8 opera’s

     4 concerten

     12 andere werken voor orkest

     1 mis

     6 motetten

- Stabat Mater, 2016, gecomponeerd voor Sytze Buwalda en het Apollo-ensemble

     1 cantate

     3 anthems voor koor

     12 madrigalen

     34 kamermuziek werken

     27 liederen of liedverzamelingen

- Hesse Lieder, cyclus van 9 liederen op teksten van Herman Hesse voor alt, mandoline en giaar

4. Ausklang, met ingetogen snikken

- Nordseelieder, 2015, cyclus van 3 liederen op teksten van Reiner Maria Rilke  voor alt en mandoline-orkest

     4 werken voor orgel solo

     8 werken voor gitaar

     9 werken voor mandoline

     4 werken voor piano solo

     1 werk voor hobo

     1 werk voor strijkbas

http://home.earthlink.net/~vkioulaphides

 

Anton Pauw (*Zutphen, 1961) studeerde orgel bij Piet Kee en kerkmuziek bij Jan Boeke en Klaas Bolt aan het Sweelinck Conservatorium te Amsterdam. Na zijn conservatoriumopleiding studeerde hij onder andere bij Ton Koopman en Jean Boyer.
Anton Pauw werd in 1991 door Gemeente Haarlem benoemd tot kerkelijk organist van de Grote of St. Bavokerk en werd daarmee naast stadsorganist Jos van der Kooy een van de twee vaste bespelers van het Christian Müllerorgel (1738).
In 1998 werd Anton Pauw door de Hervormde Gemeente (thans: Protestantse Gemeente) benoemd tot cantor van de Grote en Nieuwe Kerk van Haarlem en geeft in die functie leiding aan het koor van beide kerken, de Oude Bavo Cantorij. Hij is ook actief als dirigent van andere vocale ensembles.

Anton Pauw componeerde

     orgelwerken

     koorwerken

 

Michael Pisaro (*Buffalo, New York, Verenigde Staten, 1961) is gitarist en componist. Van 1986 tot 2000 doceerde Michael Pisaro compositie en muziektheorie aan de Northwestern University. Vanaf 2000 doceert hij compositie aan het Kunstinstituut in Californië.

Michael Pisaro componeerde

     50 (series) werken voor een uiteenlopende variëteit van combinaties van instrumenten.

     36 (series) werken voor een soloinstrument

 

René Uijlenhoet (*1961) studeerde compositie bij Ton Bruynèl en orgel en improvisatie bij Theo Teunissen en Jan Welmers. Van 1988 tot 1990 doceerde René Uijlenhoet elektronische muziek aan het Utrechts Conservatorium. Aan de faculteit Kunst, Media en Technologie van de Utrechtse Hogeschool voor de Kunsten was hij van 1990 tot 1994 docent computercompositie. Van 1996 tot 1998 werkte hij voor NEAR, het Nederlands Elektro-Akoestisch Repertoirecentrum, een initiatief van Gaudeamus en Donemus. Sinds 1997 is hij als docent elektronische compositie verbonden aan de compositie-afdeling van het Rotterdams Conservatorium.

René Uijlenhoet componeerde

     balletten

     theatermuziekwerken

- Wake,2010, gecomponeerd met Klaas de Vries, libretto David Mitchell, ter gelegenheid van de tienjarige herdenking van de vuurwerkramp in Enschede

     werken voor instrumenten en elektronica,

- Zware Metalen, voor beiaard, luidklokken en elektronica, 1993

- Vorst aan de Grond, 2000,  voor beiaard, elektrische klokken en tape

Koraalriff, 2003, gecomponeerd samen met Nora Hooijer, voor orgel, live electronics en tape

     werken voor tape en/of live electronics,

- Wired Life, 1995, installatie voor muziekcentrum De IJsbreker

- De Muis met het Oor, 1998, multi-media live electronics / live painting, gebaseerd op de elektronische muziek theorieën van de schilder Piet Mondriaan

- Lichtgewicht, 1999, voor 4-sporen tape 

- Entangling Cycles, 2008, elektronische live installatie